Wereldwijd betogen tegen oorlog in Irak

De veiligheidsadviseur van president Bush en de premier van Australië legden het wereldwijde protest tegen de oorlog in Irak meteen naast zich neer. In Italië ontstond een rel over de tv-uitzending. Irak reageerde verheugd.

De Amerikaanse regering is dit weekeinde niet op andere gedachten gebracht door de massale demonstraties overal op de wereld tegen een dreigende oorlog in Irak. Condoleezza Rice, veiligheidsadviseur van president Bush, herhaalde gisteren dat een Amerikaans besluit over een militaire actie nog steeds ,,een kwestie van weken en niet maanden'' is. Volgens Rice zal Amerika doorgaan met de strijd tegen Saddam Hussein en met het geven van steun aan het Iraakse volk. Dat gebeurt, aldus Rice, met brede internationale steun of met een ,,smallere coalitie van bereidwilligen''.

Rice hekelde op de nieuwszender Fox de betogers. ,,Mensen hebben het recht te demonstreren'', zei ze. ,,Mensen kunnen zeggen wat ze denken. Maar intussen is het een feit dat mensen in Bagdad niet zeggen wat ze denken, want daar heerst een regime dat mensen hun tong afsnijdt.''

Ook in de VS gingen dit weekeinde honderdduizenden mensen de straat op. Alleen al in New York betoogden volgens een schatting van de organisatoren ongeveer 375.000 mensen; de politie hield het op ongeveer 100.000. Aan de betoging werd ook deelgenomen door nabestaanden van de slachtoffers van de aanslagen op 11 september 2001. Een woordvoerder van de slachtoffers zei dat hij niet wilde dat de regering-Bush de aanslagen gebruikte als een excuus voor een oorlog.

Een federale Amerikaanse rechter had verboden om van de demonstratie een protestmars door de stad te maken. Dat zou zijn gebeurd uit veiligheidsoverwegingen. In plaats daarvan mochten de betogers zich verzamelen achter barricades, waardoor de politie hen beter kon controleren. Dat leidde tot grote vertragingen voor een deel van de betogers, waardoor er schermutselingen ontstonden met de politie. Tientallen mensen werden daarbij gearresteerd.

Behalve in de Verenigde Staten waren er ook massale protesten in Italië, Groot-Brittannië, Australië en Spanje – allemaal landen waar de regering over het algemeen welwillend staat tegenover een militaire actie tegen Irak. Overal schatte de politie, zoals altijd, het aantal demonstranten een stuk lager dan de organisatoren.

Nergens was dat verschil zo groot als in Rome. Daar ging de organisatie uit van zo'n drie miljoen mensen, terwijl de politie niet meer dan ongeveer 650.000 mensen meende te hebben geteld.

In Italië is een rel ontstaan over de manier waarop de publieke omroep de demonstratie in beeld heeft gebracht. Er was geen rechtstreekse uitzending, volgens een bestuurslid van de Rai – die zich eerder een fervent aanhanger van premier Berlusconi noemde – was daartoe besloten om de meningsvorming van de parlementariërs niet te beïnvloeden. Volgens de verontwaardigde parlementsvoorzitter Pierferdinando Casini waren parlementariërs best in staat om zelf hun mening te bepalen. De linkse oppositie noemde het besluit van de Rai ,,stompzinnig'' en ,,kortzichtig''. In een reactie op het massale protest zei vice-premier Gianfranco Fini dat de demonstratie ,,ons verder af brengt van de vrede''.

In Parijs, waar ruim 200.000 mensen op de been waren, noemde premier Jean-Pierre Raffarin de betogingen juist een steun aan het Franse standpunt – om de wapeninspecteurs meer tijd te geven. ,,Frankrijk geeft de wereld hoop'', aldus Raffarin. ,,Overal op de wereld vragen de mensen Frankrijk standvastig te zijn.''

In Sydney en Melbourne demonstreerden dit weekeinde meer dan een kwart miljoen mensen tegen een oorlog. Premier John Howard, die de VS steunt en inmiddels zo'n tweeduizend Australische militairen naar de Golfregio heeft gestuurd, heeft wel vaker met massaal protest tegen zijn beleid te maken gehad. Gisteren refereerde hij aan de zwijgende meerderheid van de Australiërs die zich in verkiezingen toch steeds weer achter hem schaarden. Hij zei er niet zeker van te zijn dat het aantal mensen bij demonstraties bepalend is voor de openbare mening.

Ook in de Arabische wereld, waar de regeringen het publiek scherp onder controle houden, werd zaterdag gedemonstreerd tegen een Amerikaanse oorlog tegen Irak, maar mondjesmaat. Het Syrische regime, dat goede betrekkingen met Irak onderhoudt, stond toe dat in Damascus en Aleppo honderdduizenden de straat opgingen om anti-Amerikaanse en anti-Israëlische leuzen te schreeuwen. Maar in Jordanië kreeg de oppositie slechts enkele duizenden betogers bijeen. In de Egyptische hoofdstad Kairo bewaakten 2.000 politiemannen 650 demonstranten.

Irak, dat zelf eveneens massale demonstraties, met zang en dans en pro-Saddam-Hussein leuzen, organiseerde, verwelkomde tegelijk de anti-oorlogsprotesten in de wereld als een overwinning. ,,Deze demonstraties drukten in geest, betekenis en leuzen de beslissende Iraakse overwinning en de nederlaag en isolatie van Amerika uit'', schreef de regeringskrant Al-Jumhuriya. ,,De wereld staat op tegen Amerikaanse agressie en de arrogantie van naakt geweld'', aldus een kop op de voorpagina van de legerkrant Al-Qadissiya.