Herwaardering voor de miskende Mozart

Van de 22 opera's die Mozart schreef, krijgt het publiek slechts een klein deel te zien. Maar aan de kwaliteit van de muziek ligt het niet. Hoe vooringenomen de operapraktijk is, kan men nu zelf controleren via de cd en tijdens voorstellingen met onbekende opera's.

Wat wonderlijk is het toch dat het internationale operapubliek zo weinig te zien krijgt van Mozart, naast Bach bewonderd als de geniaalste componist aller tijden. Van Mozarts 22 opera's hebben er slechts vier echt wereldroem: Cosí fan tutte, Le nozze di Figaro, Don Giovanni en Die Zauberflöte. Daarnaast wordt Die Entführung aus dem Serail ook nog wel eens opgevoerd. Soms is er een voorstelling van Idomeneo. De korte klucht Der Schauspieldirektor is al een curiosum. Echt zeldzaam is een productie van La clemenza di Tito, Mozarts laatste opera.

De andere veertien Mozart-opera's leiden een treurig en schimmig bestaan. Ze staan wel alle op de plaat. Maar dat is nog maar het geval sinds Philips in 1991, Mozarts 200ste sterfjaar, kwam met een complete Mozart-uitgave. De drogisterijketen Kruidvat presenteert nu eveneens een complete Mozart-uitgave, mèt al die onbekende opera's, voorzover ze door de componist werden voltooid.

De Nederlandse Opera doet in ieder geval zijn best. In december was er La clemenza di Tito, eerder regisseerde Pierre Audi Mitridate, rè di Ponto en Il rè pastore. Maar er blijft nog veel onbekends over. Wie zag ooit in het theater een scènische uitvoering van Mozarts opera Il sogno di Scipione? Of La finta semplice? Het `singspiel' Zaide? Of Ascanio in Alba?

Alleen wie in september 2000 in Limburg alle voorstellingen van een festival van de Kameropera van Warschau bijwoonde, kan op die vraag `ja' zeggen. De Polen hebben als enige operagezelschap ter wereld alle Mozart-opera's op het programma. De komende weken is de Kameropera van Warschau terug in ons land en brengt dan acht onbekende Mozart-opera's in Den Haag, Zoetermeer, Delft en Leiden. De ouderwetse Poolse speelstijl moet men daarbij voor lief nemen.

De miskenning van een groot aantal Mozart-opera's blijkt al uit het feit dat ze na hun wereldpremière soms 150 jaar of langer niet op de planken kwamen. Il re pastore (1775) werd pas in 1906 weer uitgevoerd. Lucio Silla (1772) kreeg zijn `moderne wereldpremière' in 1929. Bij Ascanio in Alba (1771) duurde dat tot 1958. En Mitridate, rè di Ponto (1770) werd pas in 1971 weer opgevoerd, na 201 jaar! Hoogst opmerkelijk was in 1953 in Zürich de wereldpremière van Don Pedro's Heimkehr. Mozart zelf zou erg verbaasd zijn geweest over deze fusie (op een nieuwe tekst) van twee onafgemaakte Mozartopera's: L'Oca del Cairo en Lo sposo deluso.

Het is niet gebrek aan muzikale kwaliteit dat zóveel Mozart-muziek in de operatheaters zó lang ongebruikt bleef. Mozart heeft immers geen verkeerde noot geschreven. Een aantal van Mozarts mooiste aria's is zelfs te vinden in zijn onbekende stukken. Zoals het verward-gejaagde Crudeli fermate .. Ah del pianto in La finta giardiniera en het lyrische Ruhe sanft, mein holdes Leben in Zaide.

Het dédain voor de meeste Mozart-opera's, vaak afgedaan als `haastklussen' of `gelegenheidswerken', kwam vooral van snobistische musicologen. Zij lieten zich verblinden door de vernieuwende libretti van Lorenzo da Ponte voor Cosí, Le nozze en Don Giovanni, voor velen `de beste opera aller tijden'. Die komische opera's met hun gemakkelijk na te vertellen verhalen die zich op het podium eenvoudig laten illustreren, werden heilig verklaard. Maar Beethoven klaagde weer dat het capricieuze en immorele libretto van Così fan tutte Mozart onwaardig was.

De musicologen waren blind voor de op zichzelf voortreffelijke, vooral conceptuele en abstraherende kwaliteiten van de `ouderwetse' libretti van het vroegere werk in de strenge stijl van de opera seria. Zo vond de wereldberoemde Mozart-biograaf Alfred Einstein (1880-1952) dat Mozart zijn genie had vergooid aan het volgens hem onbenullige libretto van La finta giardiniera.

In het gezaghebbende Mozart Compendium, in 1990 samengesteld door de briljante Mozart-biograaf Robbins Landon, was het meer dan een halve eeuw later nog steeds niet anders. John Stone, die hier de opera's mocht behandelen, sprak laatdunkend over het meeste werk van Mozart, die vanaf zijn elfde tot zijn dood op 35-jarige leeftijd met grote regelmaat opera's componeerde. De ontwikkeling en vernieuwing van de opera in die periode 1767-1791 valt voor een belangrijk deel samen met de operacarrière van Mozart.

Pas de afgelopen twee, drie decennia waren het onbevooroordeelde dramaturgen en visionaire regisseurs die de vaak opzienbarende `moderne' conceptuele, dramatische en muzikale waarden in Mozarts miskende werk eindelijk herkenden en aan het licht brachten. Dat gebeurde vooral in de Brusselse Muntschouwburg in het tijdperk van intendant Gerard Mortier. De Belgische dramaturg Jean Marie Piemme zegt zelfs dat daar dirigent Sylvain Cambreling en de Franse regisseur Patrice Chéreau in 1984 Mozarts Lucio Silla hebben `uitgevonden'. Voordien hield men de opera van de 15-jarige Mozart in feite voor `onspeelbaar'. Het titelpersonage, een tyranniek heerser die afstand doet van zijn positie, zingt immers slechts twee aria's – bij elkaar zeven minuten – volgens de operaconventie iets onvoorstelbaars.

In Brussel werden ook de kwaliteiten herkend van La finta giardiniera, in 1986 door regisseur en ontwerper Karl Ernst Herrmann gebracht in een verbluffende combinatie van speels en serieus. De inmiddels legendarische enscenering werd een enorm internationaal succes. Het `probleem' met deze opera is dat er nauwelijks een navertelbaar verhaal is. De opera portretteert, net als Così, Le nozze en Don Giovanni later zouden doen, de lust en de liefde niet als een genot, maar als een plaag, zelfs als een ramp. Alle personages, mannen en vrouwen gelijk, hebben een nog grotere veroveringsdrift dan Don Giovanni. Dat resulteert in een wilde liefdesoorlog, die zich afspeelt in een tuin der lusten. Genadeloos wordt ieders innerlijk onthuld in een zinnelijke verwarring die van alle tijden is. Zo is deze opera uit 1775 – Mozart was toen 18 – nog altijd verrassend.

Verrassende Mozarts biedt ook Kruidvat, in oude heruitgebrachte opnamen en in eigen gemaakte nieuwe opnamen met veel jong talent uit eigen land (zoals Marcel Reijans, Johannette Zomer en Claudia Patacca) bij Musica ad Rhenum o.l.v. Jed Wentz. De Nederlandse tenor André Post zingt in de titelrol van La clemenza di Tito veel beter dan de Amerikaanse tenor Jerry Hadley deed bij de Nederlandse Opera. Hadley is in Die Zauberflöte wel weer een mooie Tamino. En er is een fraaie opname van Zaide met Sandrine Piau in de titelrol, gedirigeerd door Ton Koopman. Bij Kruidvat vindt men ook de opname van de beroemde Brusselse La finta giardiniera. De drogist waardeert Mozart wel!

Mozart-festival met acht opera's, de pantomime Pantalone e Colombina en uitvoerig randprogramma (o.a. Requiem en kindervoorstellingen): 22/2 t/m 7/3 in Koninklijke Schouwburg Den Haag; StadstheaterZoetermeer; Leidse Schouwburg Leiden; Theater De Veste Delft. Inl.: www.mozartfestival.nl

Mozart-opera's op cd: Kruidvat.