Eindeloze stroom protest

Meer dan zeven miljoen mensen demonstreerden dit weekeinde wereldwijd tegen een oorlog tegen Irak. Vooral in landen met een pro-Amerikaanse regering, zoals in Groot-Brittannië, was het protest massaal.

Net na de Big Ben, waar de route rechtsaf gaat, langs Downing Street naar Trafalgar Square, gebeurt het. Was het een van de sambaorkesten die het trommeltempo opvoerde en de menigte over een kritische grens duwde? Het aanzwellende fluitconcert? Of het kaarsrechte uitzicht door Whitehall, met de vlaggen op het oorlogsmonument, het centrum van nationale macht – en onmacht?

Eerst is het nog een losse optocht van pratende en scanderende individuen die in een eindeloze processie van twintig, dertig man breed met hun spandoeken en borden door het Londense centrum schuifelen. Dan opeens is het alsof de menigte elektrisch wordt geladen, alsof zich iets uitkristalliseert. Binnen twee seconden ondergaat de optocht van individuen een metamorfose tot één ziedend, zoemend lichaam met een eigen leven.

Dit is geen menigte op de vlucht, of een plunderende horde, geen carnavalsoptocht, hoewel het daar misschien bij in de buurt komt. De honderdduizenden, mogelijk meer dan een miljoen Britten die zaterdag demonstreren tegen een oorlog in Irak, lijken het meest op een menigte als een rivier, die Elias Canetti beschrijft in Masse und Macht (1960): ,,langzaam maar onverzettelijk''. En met de fysieke zuigkracht die kijkers aan de kant uitnodigt om óók op te gaan in het ,,tijdelijke gevoel van gewichtsloosheid en bewustzijnsverandering'' dat erbij hoort.

,,Dit is zeer bevredigend'', zegt Gerald Weston-White (69), als hij de residentie van premier Blair is gepasseerd. ,,Dit is de eerste mars waaraan ik in mijn leven meedoe. Ik voel me erg sterk over het idee dat er geen oorlog moet komen. Maar hoewel we een democratie zijn, mogen we er niet over stemmen. Ja, bij de volgende verkiezingen. Ik ben een Conservatief, maar heb de vorige keer op Blair gestemd. Dat doe ik niet nog eens.''

De demonstratie in Londen was een van de grootste protesten die dit weekeinde van Sydney tot Oslo zijn gehouden tegen een Amerikaans-Britse aanval op Irak en de grootste die in het Verenigd Koninkrijk ooit is geteld. De demonstranten – veteranen van vroegere protesten maar vooral gewone, a-politieke burgers van alle leeftijden – zijn niet achter, maar tegen één leider verenigd. De kloof die gaapt tussen premier Blair en zijn volk lijkt nergens dieper. Zijn inspanningen om een assertief Amerika te verzoenen met een pacifistischer Europa hebben hem eenzaam gemaakt en bedreigen zijn politieke toekomst.

Blair deed zaterdagochtend een gepassioneerde poging zijn land alsnog te winnen voor de ,,morele zaak'' om de wereld te verlossen van Saddam, zo mogelijk met een VN-mandaat en desnoods met geweld. ,,Onpopulair zijn is voor mij geen erebrevet'', zei hij. ,,Maar soms is het de prijs die je moet betalen voor leiderschap en een overtuiging.'' [Vervolg LONDEN: pagina 5]

LONDEN

Scanderen in een snijdende kou

,,Als we onszelf toestaan dat een smeekbede om extra tijd een excuus wordt voor talmen tot het moment voor actie voorbij is'', zei premier Blair, ,,dan is het niet alleen Saddam die de geschiedenis herhaalt. De dreiging, en niet alleen van hem, zal groeien. De autoriteit van de VN zal verloren gaan. En als het conflict komt, zal het bloediger zijn.'' Het afzetten van Saddam is ,,een daad van menselijkheid, hem daar laten is juist onmenselijk.''

,,Ben je doof, Blair?'' staat op het bord van een vrouw die in een invalidenwagentje in de optocht meerijdt. Het lijkt een retorische vraag. De man die vroeger nooit een stap zette zonder te luisteren naar opiniepeilingen, is niet langer ,,for turning''. Irak is Blairs principezaak geworden, waarvoor hij bereid is alles op het spel te zetten. Een snelle overwinning in Irak, met óf zonder VN, kan Blair versterkt uit de strijd laten komen, net als in Kosovo, toen hij volgens velen tegen het getij in the right thing deed. Een langdurige campage, met chaos in het Midden-Oosten, zouden zijn geloofwaardigheid thuis en in Europa zo uithollen, dat het hem zijn premierschap kan kosten.

In een snijdende kou toetert, roept, fluit, trommelt, schettert, scandeert, scheldt en zingt Londen urenlang extatisch om te voorkomen dat Blair die gok neemt. ,,Bijt in de kuiten van je baas, poedel!'', roept een spandoek, één van de vele ludieke verwijzingen naar Blair als luitenant van president Bush. Blairs pogingen om Bush ervan te overtuigen dat de VN-route ook zijn voorkeur heeft, lijkt niemand hier te hebben genoteerd.

Een klein mannetje met een baard loopt gebukt onder een enorme laurierstruik. ,,Dit is een Engelse Bush'', staat op een bord rond zijn nek. ,,Volkomen ongevaarlijk!'' Zulke ludieke toetsen kunnen de algehele grimmigheid van hard-tegen-hard niet verhullen. ,,Dit lijkt heel cheerful'', zegt Amparo Barriola, die met haar twee kinderen naar het eindpunt in Hyde Park marcheert. Ze hebben feesthoeden op. ,,Het is het enige wat we kunnen doen: de straat vullen met mensen. Maar ik betwijfel of het genoeg is.''

hoofdartikel: pagina 7