`Vreedzaam' uranium is boekhoudkundige fictie

Canada is de grootste producent van uranium ter wereld. ,,Onze reserves zijn veel beter dan die van wie dan ook.''

In het hoge noorden van de Canadese prairieprovincie Saskatchewan, honderden kilometers ten noorden van de graanakkers die dit dunbevolkte deel van Canada het meest kenmerken, ligt een radioactieve schat aan potentiële energie. Dit afgelegen en onopvallende gebied, met zijn rotsachtige landschap van bossen en meren, bevat 's werelds rijkste voorraad uranium. De Verenigde Staten en Frankrijk, maar ook Zuid-Korea en Japan halen hier hun grondstof voor de nucleaire opwekking van elektriciteit.

Al tientallen jaren graaft men in Saskatchewan uranium op voor de productie van brandstof voor kernreactoren. In de afgelopen drie à vier jaar is die exploitatie in een stroomversnelling geraakt, met de opening van een nieuwe generatie mijnen met een ongekende uraniumdichtheid. Investeringen ter waarde van ongeveer 1 miljard Canadese dollar (ruim 600 miljoen euro) in nieuwe projecten tekenen ,,het vertrouwen in de toekomst van de sector'', zegt Al Shpyth, hoofd uranium van de Saskatchewan Mining Association.

Canada is de grootste producent van uranium ter wereld, met enige voorsprong op nummer twee, Australië. De Canadese uraniumindustrie levert ruim eenderde van 's werelds uranium. In 2001 produceerden de mijnen van noordelijk Saskatchewan ruim 12.500 ton uranium, ter waarde van ongeveer 600 miljoen Canadese dollar (365 miljoen euro). 90 procent daarvan was bestemd voor de exportmarkt, met name de VS (35 procent van het totaal in 2001), Frankrijk (26 procent) en Japan (9 procent). Nederland nam in de jaren tachtig 125 ton Canadees uranium af, volgens gegevens van de Canadian Nuclear Association, een belangenorganisatie in Ottawa.

De belangrijkste exploitant van de Canadese uraniumvoorraden is Cameco, een mijnbouwbedrijf in Saskatoon. Cameco, in 1988 gevormd door een fusie van twee voormalige overheidsbedrijven, is verantwoordelijk voor 20 procent van het wereldwijde uraniumaanbod. In 2002 produceerde het ruim 8.600 ton uranium voor een opbrengst van 524 miljoen dollar - een omzetstijging van 11 procent ten opzichte van het jaar ervoor, zo rapporteerde het bedrijf deze week. President Gerald Grandey toonde zich bij de presentatie van de jaarcijfers ,,zeer optimistisch over de toekomst van kernenergie en de uraniumindustrie.''

Het vlaggenschip van Cameco is de nog geen vier jaar oude McArthur River Mine, een ultramoderne, ondergrondse uraniummijn, verantwoordelijk voor ruim de helft van de totale Canadese productie. Het erts uit McArthur River, dat 530 tot 640 meter onder de grond ligt, bevat gemiddeld 23 procent aan uranium een enorme toename ten opzichte van oudere uraniummijnen in Saskatchewan als Key Lake en Rabbit Lake, waar de gemiddelde dichtheid ongeveer 2 procent bedroeg. Bovendien is het meer dan honderd maal de gemiddelde dichtheid in andere delen van de wereld, verklaart Cameco-woordvoerder Lyle Krahn. ,,Onze reserves zijn veel beter dan die van wie dan ook.''

Wegens de hoge uraniumdichtheid wordt de grondstof van McArthur River opgegraven met een unieke mijnbouwmethode. Mijnwerkers begeven zich in de tunnels van McArthur River, maar komen niet in direct contact met het uraniumerts. In plaats daarvan bedienen ze op afstand bestuurbare apparatuur die de grondstof losboort en opschept. Karretjes dumpen het erts in stortkokers die leiden naar een ondergronds verwerkingssysteem, waar het bijeen wordt gebracht en verwerkt tot een modderachtige brij die naar de oppervlakte wordt gepompt.

Veiligheid staat daarbij voorop, verklaart Shpyth, die verantwoordelijk was voor de uitvoering van milieubeschermende maatregelen bij de mijnen van Cameco. ,,Er zijn vele mechanismen ingebouwd om het risico van blootstelling van mijnwerkers aan bestraling tot een minimum te beperken'', zegt hij. Zo wordt straling voortdurend gemeten. Was men in de jaren zeventig en tachtig nog afhankelijk van bestralingsmeters die naar een laboratorium moesten worden gestuurd voor analyse, met de huidige apparatuur kan een eventueel probleem onmiddellijk worden vastgesteld en ondervangen, aldus Shpyth.

Vanaf McArthur Lake gaat het erts per truck naar de verwerkingsfabriek van Key Lake, ongeveer tachtig kilometer naar het zuiden. Daar wordt het verwerkt tot uraniumconcentraat (U3O8). Een deel wordt in die vorm aan klanten verkocht, de rest gaat naar een Cameco-raffinaderij die er uraniumhexafluoride (UF6) van maakt, alsmede uraniumdioxide (UO2) voor gebruik in Canadese kernreactoren. Ook in die vorm wordt het aan buitenlandse klanten geleverd.

Het vervoer van het uranium van de verwerkingsfabriek en de raffinaderij naar afnemers in de Verenigde Staten en Canada gebeurt per vrachtwagen en is onderhevig aan strenge voorschriften van de Canadian Nuclear Safety Commission. Zo moet elke nucleaire vracht worden geregistreerd en vervoerd in speciale verpakkingen die bestand zijn tegen ruwe behandeling of ongelukken. Voor buitenlandse afnemers als Frankrijk en Japan wordt het materiaal overgeslagen op vrachtschepen.

De belangrijkste voorwaarde voor de aanschaf van Canadees uranium is dat het voor vreedzame doeleinden wordt gebruikt. Canada wil dat zijn uranium niet terechtkomt in kernwapens. Het land heeft een vrij omvangrijke industrie opgebouwd rond de export van kernreactoren van Canadese makelij, de zogenoemde Candu's (Canada Deuterium Uranium reactoren). Zuid-Korea, China en Roemenië zijn enkele landen die Candu's van Canada hebben gekocht, compleet met de Canadese expertise om ze te besturen. Opgeteld bij de opbrengst van de uraniumhandel, zegt Colin Hunt, director of research bij de Canadian Nuclear Association, ,,levert de Canadese nucleaire industrie jaarlijks gemiddeld zo'n 1,1 à 1,2 miljard dollar aan exporten op.''

Niet iedereen in Canada is daar gelukkig mee. David Martin, nucleair beleidsadviseur van de Sierra Club of Canada, een milieuorganisatie, heeft behalve milieubezwaren tegen de Canadese uraniumhandel ook kritiek op het gebied van proliferatie. Volgens hem is het ,,een boekhoudkundige fictie'' dat Canadees uranium niet wordt toegepast in kernwapens, omdat het in het land van bestemming op een grote hoop terecht komt. ,,Als je uranium exporteert naar de VS, wordt het gemengd in de Amerikaanse voorraden'', zegt hij. ,,De realiteit is dat Canadees uranium wel degelijk wordt gebruikt voor kernwapens.''

Volgens Martin valt de financiële opbrengst van de sector bovendien in het niet bij de miljarden dollars aan subsidies die de Canadese overheid sinds de jaren vijftig in de nucleaire sector steekt. ,,Het is erg jammer dat Canada zich inlaat met deze gevaarlijke en dure industrie, die geen toekomst heeft op de lange termijn'', zegt hij.

Colin Hunt, director of research van de Canadian Nuclear Association ziet juist goede vooruitzichten voor de nucleaire sector van Canada. Hij voorziet een ,,tekort in de elektriciteitsvoorziening'' in Noord-Amerika en Europa wegens een gebrek aan investeringen in de netten in de jaren negentig, gecombineerd met toenemende druk om CO2-emissies terug te dringen. ,,Geen van de geïndustrialiseerde landen kan zijn emissiedoelen onder het Kyoto-klimaatverdrag halen zonder voorlopig kernenergie te blijven gebruiken op ten minste het niveau dat ze dat nu al doen'', aldus Hunt. Het aantal kerncentrales zal daarom eerder groeien dan dalen, zegt hij.

En dat betekent kansen voor Canada, ,,zowel op het gebied van de verkoop van reactoren als de export van uranium.''