`Sweet Bird' is grimmig en hard

De titel is poëtisch en vitaal: Sweet Bird of Youth, ofwel: Zoete Vogel van de Jeugd, het toneelstuk waaraan de Amerikaanse schrijver Tennessee Williams tussen 1948 en 1959 werkte. Ook poëtisch is de naam van het meisje om wie alles draait, Heavenly. `Hemeltje', ook vertaald als `Zoetje'. Maar een grimmiger stuk is nauwelijks voorstelbaar.

Het meisje Heavenly is door de onbesuisde Chance Wayne geïnfecteerd met een geslachtsziekte, waarop de dokter meteen maar alles bij haar heeft weggenomen. In de voorstelling van het Vlaamse gezelschap Het Toneelhuis uit 2001 - nu in reprise in Nederland te zien – draagt Heavenly (Inge Paulussen) een zomerjurkje dat ze tot boven haar buik optrekt. Dan zien we het litteken. Ze zegt: ,,Ik ben vanbinnen droog, koud, leeg.''

Regisseur Stefan Perceval maakt van Sweet Bird een harde, navrante voorstelling waarin veel wordt geschreeuwd. Verstilling of stilering komt in het regieboek niet voor. Onmiskenbaar is de invloed van Ten Oorlog! te merken, de befaamde Shakespeare-maraton van Tom Lanoye en broer Luk Perceval. Net als toen bestaat de taal van de acteurs uit een combinatie van Engels en een soort gekunsteld Antwerps. Stefan Perceval heeft elke zoetheid uit de tekst geëlimineerd en hij roept de sfeer op van een Amerikaanse gangsterfilm. Na jaren keert Chance Wayne terug naar zijn geboortestad St. Cloud. Hij verkeert in gezelschap van de aan drank en cocaïne verslaafde filmster Alexandra Del Lago. Het drama van de teruggekeerde held, een vertrouwd gegeven in de Amerikaanse literatuur, krijgt scherpte wanneer zowel de vader als broer van Heavenly wraak nemen. Castratie van Wayne volgt, de ultieme straf.

Williams schreef met Sweet Bird een ingewikkeld, weerbarstig stuk met verschillende lijnen. Perceval heeft zich nadrukkelijk geconcentreerd op het tweetal Wayne en Del Lago, respectievelijk gespeeld door Koen Van Kaam en Ilse Uitterlinden. Zij gaat gekleed in een strak broekpak met een diep decolleté. Telkens wuift de oververhitte, liederlijke Del Lago haar borsten koelte toe. Maar er is niemand die zich om haar welvingen bekommert, zelfs haar geliefde Wayne niet. Van Kaam kiest voor deze rol, die in 1962 werd gespeeld door Ramses Shaffy, een harde stijl waarin soms lichte tederheid en een verlangen naar jeugdige zoetheid oplichten. Daardoor is het contrast met de verrukkelijk schmierende Uitterlinden krachtig.

Alle personages zijn gedesillusioneerd. Amerikaans biljart spelend spuien vader en broer hun uiterst rechtse denkbeelden. Heavenly moet als hun blonde, blanke mascotte fungeren, het toonbeeld van raszuiverheid in het Amerikaanse Zuiden, waarin zwarte mensen niet gedoogd worden.

Zowel Tenessee Williams als regisseur Perceval nemen te veel pijlen op hun boog. Gaat het Williams om een aanklacht jegens het blanke superioriteitsgevoel of wil hij het voorbijgaan van de tijd en het menselijk verval uitbeelden? In een eerdere versie heette Sweet Bird immers The Enemy Time. In die veelheid van motieven volgt Perceval met een overdaad aan vormen.

Naarmate de voorstelling vordert en het drama van de teruggekeerde held die slachtoffer wordt diepte krijgt, wint de voorstelling aan zeggingskracht. De genadeloze hardheid van het spel dankt zijn betekenis aan het beeld van het weerloze meisje dat als een vogel met gebroken vleugels weet dat haar leven zinloos is geworden. Met stille stem zegt ze: ,,Ik word een kindloos oud wijf.''

Dat raakt.

Voorstelling: Sweet Bird van Tennessee Williams door Het Toneelhuis. Regie: Stefan Perceval. Gezien: 8/2 Schouwburg Rotterdam. Te zien: 18/2 Stadsschouwburg, Utrecht. Tournee in België t/m 28/3.

Inl. 0032-2-224 8844 of www.toneelhuis.be