Ontslaggolf dreigt in betaald voetbal

Na dit seizoen zullen honderden voetballers werkloos raken. De Federatie Betaald Voetbal Organisaties (FBO) voorspelt een ware ,,ontslaggolf'', waarbij het volgens manager algemene zaken Juan Schot gaat om 250 spelers. In samenwerking met de overheid is de FBO al bezig met herscholingsprojecten voor ex-profs.

,,Dat het slecht gaat in de voetballerij weet iedereen, maar het gaat erom dat we met elkaar oplossingen moeten vinden'', aldus Schot.

De FBO gaat binnenkort om de tafel zitten met de spelersvakbonden VVCS en ProProf en met directeur Jan Reker van de trainersvakbond (CBV). Vooruitlopend op dat onderhoud heeft de FBO al overleg gehad met het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI). ProProf aanvaardde de uitnodiging van de FBO inmiddels.

,,We moeten elkaar niet langer napraten over de toestand in de voetballerij, maar onze verantwoordelijkheid nemen'', vindt Schot.

,,We willen kijken wat we samen kunnen doen. Wij als FBO maken ons grote zorgen. Er was een club die zo van vijftien spelers afwilde. Aan de andere kant: spelers moeten niet te hoog in de boom gaan zitten wat salaris betreft. Wij willen kijken wat we samen kunnen doen wat betreft contractbegeleiding en aanpassingen van contracten.''

De FBO besteedt intussen meer aandacht aan sociale, maatschappelijke en arbeidsrechtelijke aspecten. De federatie is al in gesprek met de overheid over scholings- en herscholingsprojecten voor spelers in het betaalde voetbal die geen nieuwe club meer vinden. Voor dit soort projecten is subsidie nodig.

Schot: ,,Wij denken dat 250 spelers ontslagen zullen worden. Het gaat niet alleen om spelers met aflopende contracten, maar ook om clubs die contracten gaan ontbinden. Dit geldt niet alleen voor spelers, ook voor ander personeel dat bij een club in dienst is. Hierbij wordt niet gekeken naar kwaliteit. Het is gewoon: einde contract, klaar.''

,,Wat krijg je straks? Te kleine selecties, onvoldoende technisch en overig personeel, inkrimping van de begeleidingsstaf door teruglopende budgetten. Dat is slecht voor de continuïteit van de bedrijfstak, en het is een aantasting van het niveau'', stelt Schot.