Noordse stormvogel

,,Ik hoor de meeuw langszoeven. Zo'n gedrongen korte zeevogel die dagen met je mee zeilt. Namen ken ik niet. Een zeevogel is het. Met weinig wind onder de vleugels en toch hoor ik het zoeven ervan.'' Dit schrijft solozeiler Henk de Velde in zijn nieuwe boek Een vermoeden van vrijheid (2002). De eenzame zeiler krijgt hier gezelschap van de Noordse stormvogel, niet vreemd want De Velde zeilt voor de Noorse kust op weg naar Moermansk. De noordelijke zeeën zijn het territorium van deze zwerver. In wetenschappelijk opzicht is de stormvogel een wonder: zijn leven brengt hij zwevend en scherend door boven volle zee, aan land komt hij alleen om te broeden. Op datzelfde klifrijke land beweegt hij zich onhandig, steunend op het gehele loopbeen en zelfs met behulp van vleugels.

De Noordse stormvogel verschilt van de meeuw door zijn forse nek, krachtige kop met hoog voorhoofd en robuust gevormde snavel met neusbuis. Hij zeilt met stramme, lange vleugels laag boven het water, volgt de dalen en heffingen van golven. Koerst graag in het kielzog van boten. Hij heet ook Mallemok en Grijze Onweersvogel. Hoewel De Velde zeilt op de helgroene `Campina' is `Stormvogel' wellicht een mooiere naam voor dit schip, waarmee hij van de Noordpool naar het Zuidland voer.

freriks@nrc.nl