Koeweit wil eindelijk eens van Saddam af

De stemming in Iraks buurland Koeweit lijkt er een van onderdrukte angst, politieke apathie en berusting. Maar men staat achter de oorlog.

Diep teleurgesteld is de Koeweitse zakenman Wa'd Issidqi over de massale demonstraties in Europa, Amerika en Australië dit weekend tegen een oorlog in Irak. ,,Als ik het voor het zeggen had, vielen we vanavond Irak nog aan'', zegt hij achter een kop Turkse koffie in het Sharq (Oosten) winkelcentrum aan de Golf in het hartje van Koeweit. ,,Ik bedoel, niet Irak maar Saddam Hussein. Die demonstranten tegen de oorlog weten niet waar ze het over hebben. Ze worden misleid. Saddam Hussein heeft miljarden en daar koopt hij de media mee om, vooral de Arabische zoals Al-Quds, die krant uit Londen, Al-Jazira... en door die propaganda vergeten mensen wat een monster Saddam Hussein is''.

Zelf zal Wa'd dat nooit meer vergeten. Toen Irak in 1990 Koeweit binnenviel, werd Wa'd gevangen genomen. Zes maanden lang moest hij leven van een homp brood per dag. Regelmatig werd hij gemarteld. Nadat Koeweit door de geallieerden was bevrijd, kwam ook Wa'd weer op vrije voeten. Maar 605 andere Koeweiti's worden nog altijd vermist omdat Saddam Hussein weigert te vertellen of ze dood zijn, dan wel nog steeds ergens in een Iraakse gevangenis creperen. Wa'd rijdt al jaren door Koeweit met een auto volgeplakt met portretten van de vermisten.

Zo uitgesproken als Wa'd tref je er weinig in Koeweit dezer dagen, de algehele stemming lijkt er eerder een van onderdrukte angst, politieke apathie en berusting in de onvermijdelijke geachte oorlog. Het Sharq winkelcentrum is even vol als normaal, men verpoost zich bij McDonald's en Burgerking, koopt kleren bij Benetton of gaat naar de film (In de Ban van de Ring II en een knokfilm van karateheld Jean-Claude van Damme). Bij de fontein rennen Aziatische kindermeisjes onvermoeibaar achter verwende Koeweitse kleuters aan. Echte opiniepeilingen bestaan niet en de pers ligt aan banden, maar de meeste waarnemers menen dat de meerderheid achter een aanval staat.

Zoals ook Wa'd's vriend Ahmed Djaber, die werkt op de afdeling studentenzaken van de Universiteit van Koeweit. Twee van zijn neven worden nog altijd vermist en ook Djaber is voorstander van oorlog. ,,Het is het minste van twee kwaden'', zegt hij. ,,Natuurlijk is het vervelend dat we de Amerikanen hiervoor moeten gebruiken. We weten allemaal wat de Israëlische premier Sharon dankzij Amerikaanse steun met de Palestijnen doet. Maar het moet een keer afgelopen zijn met Saddam. Zoals hij de Koeweitse gevangenen behandelt, zo behandelt hij ook zijn eigen volk. Veel Koeweiti's hebben familie in Irak, ik ook. We willen dat het Iraakse volk weer een leider krijgt die streeft naar hun welzijn, in plaats van naar een zo sterk mogelijk leger.''

Djaber constateert een stevige generatiekloof tussen voor- en tegenstanders van de oorlog. Wie oud genoeg is om zich de invasie, bezetting, plundering en verwoesting van Koeweit door de Iraakse troepen te herinneren, is ondanks alle nadelen voor een aanval op Irak.

De jeugd is veel meer vatbaar voor het argument van Bin Laden dat dit een aanval op de Islam is en dat het de Amerikanen enkel gaat om de olie. ,,Maar ik zeg: ook al doen de Amerikanen het om de olie, wat dan nog? Ik kan er niet meer tegen om 's ochtends wakker te worden en in de krant te lezen dat Saddam Hussein opnieuw heeft gezegd dat Koeweit eigenlijk een Iraakse provincie is. Die man is gek, we hebben hier gezien waartoe hij in staat is... hij moet weg''.

Ja, we zijn bang, zegt ook de 21-jarige Walid op een grote dagmarkt aan de snelweg richting het noorden. Vroeger werden op deze markt kamelen verkocht, nu mobiele telefoons en auto's. Terwijl drie enorme Amerikaanse legerhelikopters overvliegen, bevestigt Walid dat de voorzorgsmaatregelen van de regering tot nog toe dramatisch tekort schieten. Hoewel de troepenopbouw al maanden duurt, weet niemand binnen de overheid precies hoeveel gasmaskers, speciale pakken en vaccinaties nodig zijn, simpelweg omdat het nog steeds niet is gelukt om vast te stellen hoeveel mensen zich in Koeweit – officieel inwoneraantal twee miljoen – bevinden. Ook is nog altijd onduidelijk of de maskers zullen worden uitgedeeld, verhuurd of verkocht. ,,Maar je moet vertrouwen hebben in onze regering, die maskers komen er wel''. Walid grinnikt: ,,na de oorlog''.

    • Joris Luyendijk