Gezellig met het gezin rond de allesbrander

Woensdagavond. Terwijl ik dit schrijf is het nog geen oorlog, dus ik maak gauw nog even van de gelegenheid gebruik om het over een luchtig onderwerp te hebben: de economische crisis.

Weet je nog, de crisis? Je had geen droog brood te vreten, maar gezellig dat het was! Een zin uit een programma van Freek de Jonge, ik kan nu even niet achterhalen welk. En ik zal niet ontkennen dat ik de afgelopen jaren met smart heb uitgekeken naar een goeie crisis.

Niet dat ik echt dacht dat het gezellig zou worden, ik heb namelijk al een crisis meegemaakt tijdens mijn middelbare-schooltijd. Als leerlingen van de hoogste twee klassen kregen we toen een paar keer per jaar van overheidswege een krantje verstrekt dat ons moest helpen bij het kiezen van een nuttige studie. Volgens de statistiekjes die daarin afgedrukt waren, kon je je eigenlijk alleen op de accountancy richten, tenminste, als je later graag een baan wilde. Letteren: 95 procent werkloosheid; rechten: 54 procent werkloosheid; economie: 43 procent werkeloosheid. Ik weet niet meer of de percentages echt zo dramatisch waren, maar de conclusie was duidelijk: niemand zat op ons te wachten. In diezelfde tijd kwamen de yuppen op, en begonnen de babyboomers te klagen over de nieuwe generatie die zonder idealen opgroeide. Maar wat konden we doen? Het was voor ons zonneklaar dat afgestudeerde idealisten op de volle 100 procent werkloosheid konden rekenen.

De lucht boven Bagdad is nog steeds donker, dus ik ga snel door.

Ik had echt zin gekregen in die crisis, want iedereen was volslagen gek geworden in de roes van wat we De Nieuwe Economie noemden. Een IT-bedrijf hield sollicitatiegesprekken in een helikopter. Een concurrent ontving zijn kandidaten in de showroom van de Audi-dealer, zodat je na het zetten van je handtekening meteen in je nieuwe lease-auto naar huis kon scheuren. Dat zijn nog eens goede redenen om ergens te gaan werken! Een vriendin verhaalde over een verjaardagsetentje in Londen. Ze had daar verteld over haar bescheiden baantje, en hoe ze intussen probeerde aan het werk te komen als sopraan. Het feestvarken, dat net een villa in Spanje van haar vriend cadeau had gekregen, hoorde haar relaas hoofdschuddend aan en vroeg: ,,But don't you just need an extravagant lifestyle?'' Je hoeft maar een heel klein beetje met onze calvinistische volksaard geïnfecteerd te zijn om dat soort mensen een stevige crisis toe te wensen. Dus dat deed ik. Van harte.

Ik schrijf verder. De spanning in Engeland en Amerika stijgt, maar tot dusverre heeft nog niemand gehoor gegeven aan Bin Ladens oproep tot het plegen van aanslagen.

Nu is ze er dan eindelijk, de crisis, maar ik moet zeggen dat het me allemaal erg tegenvalt. De werkloosheid stijgt enorm. Ik ken diverse voormalige high-potential telecombonsjes en bankwezentjes die nu nergens meer aan de slag kunnen komen. Vrienden laten zien wat bedoeld wordt met `dalend consumentenvertrouwen' en ,,gaan toch maar niet op voorjaarsvakantie''. En zelf begin ik hem ook een beetje te knijpen: ik heb per januari jongstleden mijn vaste baan opgezegd en moet het nu hebben van freelance opdrachten. Dat gaat goed, maar hoe lang nog? Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.

Dit ongemakkelijke gevoel verklaart volgens mij de huidige hang naar de jaren '50 en de normen en waarden die toen golden. Indertijd moest men ook met weinig rond zien te komen, maar de sfeer was goed; de Wederopbouw, samen de schouders eronder en zo. Ik zie het helemaal voor me: mensen maken weer een praatje bij de bakker, hebben respect voor elkaar en vertrouwen in de regering, en tonen zich dankbaar voor hun dagelijks brood. Ze zetten een pannetje met soep voor de deur van de bovenburen die het moeilijk hebben. 2003, Nieuwe Huiselijkheid: het gezin schaart zich rond de allesbrander, waar de vlammen aan de akte van de beleggingshypotheek lekken.

Intussen hebben de Verenigde Staten de 150.000 man bij elkaar die nodig zijn voor een invasie van Irak. En daar gaat dit droombeeld meteen al aan stukken, want bij het authentieke jaren 50-gevoel hoort natuurlijk een koude oorlog. En dit wordt een warme, volgens mij.