Taxzwendel van Enron: 2 mld dollar

Deutsche Bank, Chase Manhattan, Bankers Trust, een reeks vooraanstaande advocatenkantoren en natuurlijk het accountantskantoor Arthur Andersen, maar ook Deloitte & Touche. Allemaal waren ze betrokken bij de belastingzwendel door Enron, eens de grootste energiehandelaar ter wereld.

In 2000 beweerde Enron 100 miljard dollar omzet te maken. Een jaar later stond Enron zevende op de Fortunelijst van grootste Amerikaanse ondernemingen. Eind dat jaar werd het concern ontmaskerd als de grootste Amerikaanse oplichter aller tijden.

De gezamenlijke belastingcommissie van beide huizen van het Amerikaanse Congres heeft het nu allemaal uitgezocht en gisteren in de openbaarheid gebracht.

De belastingtrucs die Enron en zijn adviseurs verzonnen kwamen in hoofdzaak neer op twee constructies: bij de ene trok Enron hetzelfde verlies twee keer af (projecten met namen als `Steele' en `Show me the money!'), bij de andere bracht het de kosten van een niet-aftrekbare post onder bij een wel-aftrekbare post.

Terwijl Enron miljardenwinsten meldde, betaalde het tussen 1995 en 1999 geen belasting. Van 1999 tot 2001 meldde het een fiscaal verlies van 3,1 miljard dollar. In 2000 betaalde Enron 63,2 miljoen dollar belasting. De constructies waren voor de belastingdienst zo complex, dat ze die niet doorgrondde. In totaal lichtte Enron, dat op een gegeven moment 3.500 dochters had, de Amerikaanse belastingbetaler voor 2 miljard dollar op. De adviseurs verdienden aan hun diensten 88 miljoen.