Gummiknuppels

Sinds vorige maand het boek `De mannen van '63' verscheen over de Elfstedentocht van 1963 zijn weer `nieuwe' dingen bekend geworden. Ik ontving een e-mail van een onbekende rijder, die vertelt over de emotionele taferelen onder de schaatsers die gedwongen werden het ijs af te gaan. In totaal zouden zo'n 150 mensen zijn tegengehouden. Het toont aan hoe reëel de angst van Henk Gemser was om bij Oudkerk te moeten stoppen met zijn compagnon Henk Buma. Daarom reed dit tweetal een klein stuk mee in een auto om een afzetting te omwijken.

Honderden, misschien wel duizenden, rijders haalden Harlingen en Franeker niet eens. Overvallen door de slechte omstandigheden en in veel gevallen een schrikbarend slechte voorbereiding lagen ze al snel in de kreukels. De anonieme mailer schreef mij dat hij samen met een maat om half vier in de middag Harlingen bereikte. `En daar werden wij opgewacht door zes man politie. Wij moesten van het ijs. We waren woedend. Met getrokken gummiknuppels werden wij van het ijs geleid.' Ze werden naar de plaatselijke Harmonie gebracht, waar al vijftig andere schaatsers zaten.

Ook zij waren witheet en schreeuwden massaal dat ze doorwilden. Een lid van de organisatie bedaarde de gemoederen door alle aanwezigen te beloven dat elke schaatser die minimaal tot Harlingen was gekomen het recht had verworven op het Elfstedenkruisje. Daarna werd het rustig in de tent, aldus de man van de mail.

Hetzelfde is gebeurd in Franeker. Onder groot protest werden tientallen schaatsers van het ijs gehaald. In deze stad eindigden sommigen zelfs in een politiecel, omdat ze niet zonder slag of stoot het einddoel Leeuwarden wilden opgeven. In het gehucht Vrouwbuurtstermolen na Franeker strandde Meike de Vlas, de vrouw die het verst kwam in 1963.

`Daar stonden een hele hoop mensen op het ijs', zei ze. `Die hielden ons tegen. We moesten van het ijs af, er zou verder nauwelijks meer te schaatsen zijn. Achteraf hoorde ik dat er twee mensen uit mijn groep toch doorgebroken zijn, en dat die het gehaald hebben.' Het laatste stempeltje dat ze kreeg in Restaurant De Molen beschouwt ze nu als haar kruisje. Het meest opvallend aan het verhaal van al deze gestrande rijders is dat in veel gevallen de toezegging is gedaan om ze alsnog het kruisje te geven. De route was zo onbegaanbaar geworden door de weersomstandigheden, zei de man van de organisatie in Harlingen. Het moest beschouwd worden als een onvoorziene factor. `Die toezegging is nooit waargemaakt', aldus de man van de mail. Het gaat in dit geval dus niet meer om de vraag wie zijn kruisje na veertig jaar moet inleveren, maar of die 150 andere rijders dit niet alsnog moeten krijgen.

jurryt@xs4all.nl

Voor meer informatie: http://www.xs4all.nl/~dilanus/veld.htm

    • Jurryt van de Vooren