Weg met het amateurkapitalisme

De liberalisering kán de consument veel goeds brengen, meent directeur Felix Cohen van de Consumentenbond. Maar de marktwerking bij de spoorwegen en de kabel stemt hem niet vrolijk. De Consumentenbond heeft een checklist gemaakt om de belangen van de consument te beschermen. Deel 1 van de serie `Berichten aan het nieuwe kabinet'. ,,Als overheid moet je nadenken over de maatschappelijke belangen die in het geding zijn.''

De Consumentenbond heeft afgelopen zomer de luchthaven Schiphol gevraagd om informatie over vertragingen per luchtvaartmaatschappij. ,,Dan kunnen klanten op basis daarvan kiezen tussen luchtvaartmaatschappijen,'' verklaart Felix Cohen, directeur van de Consumentenbond. ,,Wat zei Schiphol? `Dat doen wij niet. Consumenten zijn niet mijn klanten, dat zijn de luchtvaartmaatschappijen.' Dat is dus nu al zo, terwijl Schiphol in overheidshanden is. Wat moet dat worden als Schiphol is geprivatiseerd? Ik houd mijn hart vast voor de consumenten.''

De beursgang van de nationale luchthaven is een van de liberaliserings- en privatiseringsdossiers, die de nieuwe ministers straks na hun beëdiging aantreffen op hun bureau. Naast de dossiers over NS, de elektriciteitssector en het regionale bus- en treinvervoer. Op plaatsen waar eerder dossiers lagen over de vrijmaking van de kabel, de post en de telecommunicatie. Al deze dossiers zijn een erfenis van twintig jaar marktwerkingsbeleid, waarvan vooral de twee paarse kabinetten veel werk hebben gemaakt.

Voor consumenten biedt de vrije markt in beginsel veel kansen, vindt Cohen: ,,Daar waar concurrentie goed functioneert is het consumentenbelang gediend. Bijvoorbeeld in de computerindustrie, elektronica, voedingsindustrie en supermarkten – allemaal sectoren waar bedrijven hard tegen elkaar ingaan. We hebben daar op onderdelen ook kritiek op, maar per saldo is dat gunstig voor consumenten.'' Ook in voormalige nutssectoren. De vrijmaking van de gesloten telecommarkt is gunstig geweest voor tarieven van mobiele telefonie. ,,De prijzen zijn daar spectaculair gedaald.''

Toch is de consument vaak niet veel opgeschoten met de liberalisering. ,,Nederland heeft altijd gezegd: marktwerking is consumentenbelang. En dat is niet waar'', zegt Cohen, die daarvan moeiteloos voorbeelden opsomt. ,,Bij het spoor is het voor consumenten echt helemaal fout gegaan.'' Bij de elektriciteitsector heerst grote onzekerheid of consumenten straks echt in staat zijn om op een goede manier een leverancier te kiezen. Bij de kabelsector heeft de tv-kijker niet alleen nauwelijks greep op het televisiepakket, maar is ook volkomen onduidelijk wat er gebeurt als een kabelbedrijf bezwijkt onder zijn schuldenlast.

,,Amateurkapitalisme'', noemt Cohen dat, het product van ,,de kortzichtige wens van ondernemers om alles maar vrij te geven, politici die daar dogmatisch mee omgaan, en een proces dat amateuristisch wordt uitgevoerd''. De politici hebben de afgelopen jaren verzuimd om bij de marktwerkingsoperaties het consumentenbelang te beschermen: ,,De kern van de politieke discussie is steeds: moet je liberaliseren of niet? Maar het gaat niet over het hoe en het wat. Dat is er mede de oorzaak van dat het zo vaak verkeerd gaat''.

Kijk bijvoorbeeld naar de privatisering van de kabelsector, zegt Cohen: ,,Dat is echt hap-snap gebeurd. De centrale overheid stond erbij en keek ernaar hoe de lokale overheden voor een paar miljard euro hun kabelbedrijven verkochten''. En nu zijn er private monopolies. ,,Het enige dat die monopolies nog in de perken houdt zijn krakkemikkige contracten met de gemeente, die bovendien op een gegeven moment aflopen. We hebben de kabelsector onlangs nog gevraagd in een brief: hoe te handelen als een bedrijf failliet gaat? Er is geen exitregeling. In Houten hebben ze onlangs de kabel verkocht. Zonder een contract met garanties, want dan was de prijs hoger. Zegt zo'n wethouder: `Dat risico neem ik'. Híj neemt helemaal geen risico, de consument loopt risico's.''

Cohen schrijft deze ,,amateuristische manier waarop wij met kapitalisme omgaan'' toe aan de afkeer van regels bij de twee paarse kabinetten. ,,Men had de houding: liberaliseren is altijd goed, de overheid heeft geen rol. Regelgeving had een slechte naam. De liberalisering heeft daardoor meer plaatsgevonden op een Russische dan op een Amerikaanse manier. In Rusland is alles zomaar vrijgegeven, terwijl in de Verenigde Staten voor alles juist heel veel regels zijn.'' In de VS zijn daarbij ook strenge en machtige toezichthouders, die bijvoorbeeld onmiddellijk aanschuiven als concurrenten met elkaar overleggen.

Nederland heeft de laatste jaren ook toezichthouders tot wasdom zien komen, van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) voor de eerlijke concurrentie tot de Autoriteit FM (AFM) voor de financiële markten. In debatten in de Tweede Kamer heeft menig politicus de toezichthouders al aangewezen als hoeders van publieke belangen, terwijl de marktmeesters zichzelf graag aanduiden als bondgenoot van de consument. Ook bij het ministerie van Economische Zaken is die gedachte te zien: anders dan in veel andere landen kent het ministerie geen aparte directie consumentenbelangen. Dat valt onder marktwerking.

Dat is een misvatting die ten koste gaat van de consument, vindt Cohen. Om te beginnen zijn er in het openbaar vervoer en de zorg helemaal geen toezichthouders. Verder is de wettelijke taak van de toezichthouders niet in de eerste plaats het verdedigen van het belang van de consument. ,,De NMa zegt wel partner te zijn van consumenten, dat is ze natuurlijk ook wel. Maar de NMa is vooral scheidsrechter tussen bedrijven. Het is een te beperkte manier van toezicht'', vindt Cohen. ,,Bij het aanpakken van het benzinemarktkartel hebben wij gezegd: wij zijn belanghebbenden, we willen meepraten. Wat krijgen we terug? Een brief met als antwoord: je bent geen belanghebbende. Dit is een zaak tussen de oliemaatschappijen en de pomphouders.''

Het is volgens de Consumentenbond de hoogste tijd om de liberaliserings- en privatiseringsoperaties tegen het licht te houden en het consumentenbelang te verankeren. Voor tal van sectoren heeft de Consumentenbond criteria opgesteld waaraan een dienst moet voldoen om het belang van consumenten te waarborgen. Zo moet de zorgsector, waarvoor marktwerkingsplannen klaarliggen, een `maximale levertijd van de zorg' krijgen [voor overige voorbeelden, zie kader]. Cohen licht toe: ,,Wij zijn niet voor of tegen liberaliseren dat is is een politieke keuze. Geliberaliseerd of in overheidshanden, in beide gevallen kan het een goede markt worden. Als het op de juiste manier gebeurt''.

De tijd lijkt ook rijp voor een politieke heroriëntatie, zeker nu CDA en PvdA samen proberen om een kabinet te vormen. PvdA-leider Wouter Bos liet onlangs weten dat de overheid weer aanspreekbaar moet zijn op het functioneren van diensten ,,die burgers als publiek ervaren''. Zijn partijgenoot Ferd Crone , financieel specialist van de fractie, heeft deze week in de formatiebesprekingen een voorstel ingebracht voor de private medefinanciering van publieke voorzieningen. Een voorstel dat volgens Crone aansluit bij het gedachtegoed van CDA-leider Balkenende, die de afgelopen jaren veel heeft geschreven over de verankering van maatschappelijke belangen in bijvoorbeeld de zorgsector.

,,Eigenlijk is het te simpel voor woorden'', geeft Cohen de politici mee. ,,Als overheid moet je nadenken over de maatschappelijke belangen die in het geding zijn. Een heel wezenlijk belang daarbij is het consumentenbelang. Die maatschappelijke belangen moet je daarna opschrijven. Je moet met een lijstje komen. Waar wil je dat zo'n markt aan gaat voldoen? Wat zijn de randvoorwaarden? De volgende stap is dat je een ricico-analyse maakt. En die risico's moet je afzetten tegen de maatschappelijke belangen die je hebt gedefinieerd. En als je geen reden hebt om het te doen, moet je er niet aan beginnen.''

Het meeste prangende probleem dat het komende kabinet moet oplossen is de NS, die bijna tien jaar geleden de opdracht kreeg om doelmatiger te werken. ,,Wat heb ik aan efficiency bij de NS? Misschien wordt het geld dat wordt bespaard wel uitgegeven aan activiteiten in Polen. Wat heb ik daar aan als Nederlandse concument?'', vraagt Cohen zich af. Later heeft de overheid een prestatiecontract afgesloten met NS om de vertragingen en treinuitval af te straffen. ,,Idiotie'', vindt Cohen. ,,NS moet presteren, anders krijgen ze een boete. Dat klinkt logisch, maar is het niet: die boete kan alleen betaald worden door de reiziger of door de aandeelhouder, en dat is de staat zelf weer. En via de staat de belastingbetaler.''

Voor het openbaar vervoer wil de Consumentenbond een `nationale vervoersautoriteit' als onafhankelijk toezichthouder, en gegarandeerde beschikbaarheid van alle reisinformatie. Naast het ontbreken van een maatschappelijke belang in de wetgeving is vooral de gebrekkige informatievoorziening voor de consument een probleem. ,,Als je de markt vrij laat, moet de consument kunnen meespelen en daarvoor is goede informatie nodig. Die ontbreekt vaak'', zegt Cohen.

Zoals bij Schiphol, waar de vluchtvertragingen niet worden vrijgegeven. En de mobiele telefoon is weliswaar binnen het bereik van velen gekomen, maar het vergelijken van prijzen van aanbieders is moeilijk. ,,Er worden expres te ingewikkelde contracten gemaakt om te voorkomen dat consumenten een keuze kunnen maken'', zegt Cohen. ,,Ook bij stroom zullen we dat zien. Er zijn zoveel manieren om het complex te maken. Straks worden er stroompunten bij de boter weggegeven. Of boterpunten bij de stroom.''

De liberalisering van de elektriciteitsmarkt baart de Consumentenbond veel zorgen. Voor zakelijke gebruikers is die nu al vrij, terwijl particulieren met ingang van 1 januari 2004 hun leverancier morgen kiezen. Of consumenten dan werkelijk zo vrij worden, is volgens de Consumentenbond de vraag. Administratieve problemen bij de energiedistributeurs kunnen het overstappen bemoeilijken. ,,De vraag is in hoeverre je straks dubbele rekeningen krijgt, of helemaal geen rekening'', zegt Cohen.

Ook hier is de informatievoorziening van belang. ,,Ik kreeg laatst een telefoontje van een aanbieder of ik 10 procent op mijn rekening voor groene stroom wilde bezuinigen. Ik was gelukkig gewaarschuwd. Want toen hij zei: `Ik stuur u de overeenkomst', zei ik: `Overeenkomst? Offerte zult u bedoelen.' `Nee zei hij, een overeenkomst, maar die kunt u binnen 14 dagen weer opzeggen, dus eigenlijk is het een offerte'. Ik dreigde dus telefonisch een deal te sluiten'', vertelt Cohen, die eraan toevoegt: ,,We moeten eerst zeker weten dat het goed gaat in de stroom''.

Om dat laatste te garanderen heeft de Consumentenbond gepleit voor een onafhankelijke commissie, die de liberalisering van de stroomsector moet controleren. Die commissie komt er ook, hoewel de eerste reacties van de politici volgens Cohen typerend waren voor de discussie over dit onderwerp. ,,Een deel van de Tweede-Kamerleden roept dat de Consumentenbond gelijk heeft, namelijk die kamerleden die toch al tegen liberalisering waren. En degenen die al voor liberalisering waren willen de kritiek op het proces niet accepteren'', zegt Cohen.

Toch zullen de politici wel moeten, want de consument eist kwaliteit van zijn overheid. ,,De burger is anders naar de overheid gaan kijken. Vroeger hadden mensen nog compassie met wat we voorzieningen noemen. We stopten geld in een pot, dat lieten we netjes beheren en we verwachtten dat ze daar zo goed als mogelijk mee om zouden gaan. Nu redeneert een consument veel eerder: we hebben een overeenkomst en dit zijn de voorwaarden'', zegt Cohen. Falende uitvoering kan de hele liberalisering doen mislukken en dat zou jammer zijn in bijvoorbeeld de stroomsector, vindt Cohen. ,,Ik zou het ook slecht vinden als die liberalisering niet meer doorgaat. In theorie is het mogelijk om te concurreren en dat kan de consument veel opleveren''.