Rekenkamer: geen zicht op politiewerk

Het is niet duidelijk of de miljardeninvesteringen in de politie in 1998-2002 hebben geleid tot meer veiligheid. De informatie die korpsen bijhouden over hun prestaties is onvolledig en onbetrouwbaar.

De politie kan niet aangeven hoeveel zaken zij met succes afsluit of hoeveel `blauw' op straat loopt. Dat concludeert de Algemene Rekenkamer in het vanmorgen verschenen rapport Zicht op taakuitvoering politie. Aanleiding voor het onderzoek was de belofte van het tweede paarse kabinet, in 1998, dat Nederland in 2002 veiliger moest zijn. Het kabinet wilde dat Nederland veiliger werd en stelde vijf thema's vast: jeugdcriminaliteit, verkeersveiligheid, geweld op straat, zware en georganiseerde criminaliteit, en milieu. De politie moest hier aantoonbaar meer werk van maken zonder dat andere onderdelen daaronder zouden lijden. Volgens de Rekenkamer is niet na te gaan of dat het geval is.

De Rekenkamer concludeert dat ook de betrokken ministeries onvoldoende geïnformeerd zijn over de gang van zaken bij de politie. Zicht op de daadwerkelijke inzet van de politie ontbreekt. Volgens de onderzoekers ging in 2001 bijna de helft van het politiewerk op aan bureauwerk, verlof, opleidingen of ziekte. Slechts 10 procent zou betrekking hebben op recherchetaken en de rest wordt besteed aan noodhulp en surveilleren.

Opmerkelijk is volgens de Rekenkamer dat regiokorpsen weinig rekening houden met het soort criminaliteit. Daardoor is onduidelijk waar en waarvoor politie precies wordt ingezet. De inzet en keuzes verschillen per regiokorps, zonder dat daar een diepe analyse achter zit.

De Politiewet kent ook geen afgebakend takenpakket, merkt de Rekenkamer op. De Rekenkamer heeft voor haar onderzoek zes van de 25 korpsen onderzocht. De zes wijten de gebrekkige informatie over de prestaties aan de gebruiksonvriendelijheid van het systeem waarin de werkzaamheden moeten worden verantwoord. Hierdoor ontstaan fouten bij de invoer van gegevens. [Vervolg POLITIE: pagina 3]

POLITIE

'Meetbare cijfers'

[Vervolg van pagina 1] Een politiekorps stelt dat de opschoning van de gegevens op papier tot een daling van het criminaliteitscijfer met 10 procent zou kunnen leiden.

De verantwoordelijke demissionaire bewindslieden Donner (Justitie) en Remkes (Binnenlandse Zaken) stellen in een reactie op het rapport dat ook zij betere informatie over de politie willen hebben. Daartoe zijn al maatregelen genomen. Dit weekeinde zullen de ministers een overeenkomst tekenen met de korpsbeheerders over eenduidig meetbare resultaten van het politiewerk voor de komende vier jaar.