De jonge huisarts is kieskeurig

Er is nog geen tekort aan huisartsen in de grote steden, maar het dreigt wel. Dat komt doordat jonge huisartsen tegenwoordig allerlei wensen hebben.

Een groot tekort aan huisartsen in de vier grote steden? De cijfers wijzen dat niet uit, zegt onderzoeker Lud van der Velden van instituut Nivel. Inwoners van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, zegt Van der Velden, zien hun huisarts zelfs vaker dan je op basis van hun leeftijd mag verwachten. ,,Als er echt een tekort zou zijn, zouden de inwoners minder vaak dan verwacht naar de huisarts gaan.''

Uit het onderzoek van Nivel `Vraag- en aanbodontwikkelingen in de huisartsenzorg in de grote steden van Nederland', dat het in opdracht van het RIVM uitvoerde, blijkt ook dat er per inwoner meer huisartsen zijn dan in andere steden en dorpen. En dat huisartsen in de grote steden gemiddeld honderd patiënten minder in hun praktijk hebben dan hun collega's in de rest van Nederland.

De patiënten in de vier grote steden bezoeken hun huisarts gemiddeld wel vaker dan elders, vooral in de achterstandswijken. ,,Als er al een tekort is'', zegt Van der Velden, ,,dan zijn het de huisartsen die daar onder lijden, niet de patiënten. Het betekent dat ze harder moeten werken en meer uren moeten maken.'' Problemen ontstaan nu incidenteel als een arts zijn praktijk staakt, want dan komen er ineens ongeveer tweeduizend mensen op straat.

Maar het aantal huisartsen groeit minder hard dan de vraag naar huisartsenzorg. Om een groot tekort aan huisartsen in de toekomst tegen te gaan, moeten gemeenten het werk voor hen aantrekkelijker maken, zegt Van der Velden. ,,Ze kunnen wellicht gunstiger hypothecaire voorwaarden voor een praktijkpand geven, of een gratis parkeervergunning.''

Sommige zorgverzekeraars ondersteunen inmiddels de centrale huisartsenposten die de weekend- en avonddiensten van collega's overnemen, door een auto en chauffeur te vergoeden om de dienstdoende arts rond te rijden. Of ze vergoeden extra personeel om administratieve en andere ondersteunende taken van de arts over te nemen. Allemaal om het werk van de huisarts in de grote stad aantrekkelijker te maken.

In Amsterdam hebben het gemeentebestuur en zorgverzekeraar Agis onlangs bijgedragen aan het ombouwen van een oude gereformeerde kerk tot een geschikte ruimte voor een huisartsenpraktijk. Volgens directeur van de Amsterdamse huisartsenvereniging Rien van Hoeve is het de eerste keer dat de gemeente Amsterdam met geld op tafel komt. ,,De grote steden worden zich steeds meer van bewust van een noodsituate, ze gaan steeds meer met ons meedenken.'' Volgens Van Hoeve willen jonge huisartsen best in de stad werken, maar zijn ze wel kieskeurig. Ze willen het liefst parttime werken, in een grote praktijk met een leuk team, met goede ondersteuning in een mooie praktijk, zegt hij. Het liefst in een goede wijk, waar de vastgoedprijzen enorm hoog zijn. Samen met Agis beheerst de huisartsenvereniging daarom een `knelpuntenpot' om de jonge artsen daarin tegemoet te komen. Van de gemeente hoeven de artsen bijvoorbeeld geen bijdrage voor woningonttrekking te betalen. Dat betekent dat ze hun praktijk op commerciële grond voor een niet-commerciële prijs kunnen vestigen.

In Utrecht zegt Puck Bulthuis, die interim-directeur is van de Utrechtse huisartsenvereniging, dat de gemeente en de zorgverzekeraar al twee jaar bezig zijn om jonge huisartsen op allerlei wijzen tegemoet te komen. Jonge huisartsen zijn volgens haar niet zozeer kieskeurig, maar willen niet investeren in een praktijk. Mede omdat de banken minder toeschietelijk zijn geworden in het financieren van huisartsenpraktijken en omdat pas afgestudeerde huisartsen zich niet meer ergens vestigen met het idee dat dat voor de rest van hun werkzame leven is, zegt Bulthuis. ,,Wat drie generaties heeft gewerkt, werkt niet meer.''

In totaal zullen tot 2010 698 huisartsen moeten instromen in de vier grote steden. Het is volgens de landelijke huisartsenvereniging LHV voor het eerst dat er officiële cijfers zijn over de vraag en het aanbod van artsen. Volgens een LHV-woordvoerder bevestigt het onderzoek hun vermoedens over een dreigend tekort aan huisartsen, ,,als dat er al niet is''. Volgens de LHV is nog niet gekeken naar het aantal uren dat een huisarts maakt. ,,Het onderzoek gaat uit van een `normale' werkweek van vijftig uur, exclusief avond- en weekenddiensten. Als je de arbeidstijdverkorting zou rekenen, dat wil zeggen een week van 45 uur exclusief diensten, wordt het tekort nog nijpender.''