Beurs tikt nieuw dieptepunt aan

Op de Amsterdamse effectenbeurs is de AEX-index vanmorgen kortstondig beland op het laagste peil sinds het najaar van 1996. Kort na opening zakte de index naar een waarde van 270,2 punten, om tegen het middaguur te herstellen op 279,01 punten, 1,3 procent boven het slot van gisteren.

Daarmee was Amsterdam de enige grote Europese beurs die uit de rode cijfers klom. In Parijs noteerde de CAC-40-index een verlies van 0,2 procent. De DAX-index in Frankfurt bleef steken op een krimp van 0,6 procent en de FTSE-index van de beurs in Londen was aan het einde van de ochtend 0,5 procent minder waard.

Unilever, dat vanmorgen met de jaarcijfers kwam, viel in de smaak. Beleggers waardeerden het aandeel op met een winst van bijna 2 procent, op 50,80 euro. ABN Amro kreeg er zelfs 2,5 procent bij op 14,32, omdat het concern vorig jaar beter dan verwacht heeft gepresteerd. De nettowinst nam toe en vooral het toegenomen bedrijfsresultaat deed de belegger goed. Ook Buhrmann steeg, met 6,2 procent naar 3,08 euro.

Fondsen in de autobranche deden het slecht na tegenvallende verkoopcijfers in West-Europa. De beurswaarde van Renault en Volkswagen kromp ongeveer 3 procent. Peugeot werd 1 procent goedkoper.

In Londen trok British Telecom de beursgraadmeter naar beneden. Hoewel het concern van de Nederlandse topman Ben Verwaayen relatief goede kwartaalcijfers presenteerde, daalde het aandeel ruim 4 procent. Voor nieuws- en informatiedienst Reuters wordt de situatie steeds zorgelijker. Handelaren deden het aandeel in de ban na slechte vooruitzichten voor zijn handelsplatform Instinet. Het fonds werd bijna 4,5 procent minder waard.

Op de valutamarkten stond de dollar onder druk. De euro noteerde 1,0785 dollar tegen 1,0745 gisteren.

In Tokio daalde de Nikkei-index vanmorgen met 0,7 procent, bij een slechte stemming rond de belangrijkste Aziatische bedrijven. Vooral fondsen als Toyota, Samsung Electronics en andere concern die veel naar de Verenigde Staten exporteren, daalden. Ook de andere beurzen in het Verre Oosten waren lager. In Hongkong daalde de Hang Sengindex met 1,5 procent. De Kospi-index van de beurs in Seoul moest 1,3 procent prijsgeven. Sidney sloot 1,6 procent lager.