SER kritiseert passieve rol Nederland in EU

Nederland is in de Europese Unie te afwachtend. Beleidsmakers voelen zich niet betrokken bij de Brusselse besluitvorming en bij de Europese Conventie. Deze houding kan Nederland zich niet veroorloven.

Dat is de politieke boodschap van een vandaag openbaar gemaakt advies van de Sociaal-Economische Raad (SER) aan de demissionaire regering-Balkenende. Het adviesorgaan maakt zich grote zorgen over de naar binnen gekeerde houding van de politiek. ,,Den Haag lijdt aan navelstaarderij en bekommert zich te weinig om de Nederlandse belangen in de Europese Unie'', zegt Marko Bos van de commissie internationale aangelegenheden van de SER, die het advies heeft gemaakt.

Nederland kan zich deze houding niet permitteren. De toekomst van Nederland en van onze economie is onlosmakelijk verbonden met de toekomst van Europa, zegt Bos. Daarom moet Den Haag zich veel meer inzetten voor het Nederlandse belang in de Conventie, die de toekomst van Europa momenteel bespreekt. De Conventie (105 leden) is een jaar geleden door de Europese regeringsleiders ingesteld om Europa na de uitbreiding van 15 tot 25 leden efficiënter en democratischer te maken. De Franse voorzitter Giscard d'Estaing, oud-president, hoopt tot een Europese grondwet te komen.

De SER vindt dat het sociale Europa meer gezicht moet krijgen en stelt daartoe voor een jaarlijkse `sociale top' te houden over sociaal-economische kwesties, zoals de vergrijzing of de arbeidsmarkt. Ook vindt de SER dat in de Europese grondwet bepalingen over een `sociale dialoog' moeten worden opgenomen, met name de erkenning dat dit een eigen domein is van de sociale partners.

Daarnaast dient volgens de SER een comité van onafhankelijke deskundigen te worden ingesteld, dat beoordeelt of bepaalde problemen Europees of juist nationaal moeten worden opgelost. Dat is een manier om de ongebreidelde bemoeizucht van Brussel in toom te houden, meent de SER. Waarom moet Brussel zich bijvoorbeeld bemoeien met de kleur van de slagersschort in Europa? Daarnaast functioneert de interne markt voor goederen en mensen lang niet optimaal. Zo moet het mogelijk zijn in sommige fiscale en sociale situaties niet unaniem maar bij meerderheid te besluiten, zodat belemmeringen bij het zakendoen en bij de mobiliteit van werknemers verdwijnen. De SER denkt hierbij aan de fiscale behandeling van grensoverschrijdende pensioenregelingen, aan de vennootschapsbelasting, aan energieheffingen (benzineaccijns) en aan ontslagbescherming voor werknemers. Ook moet de sociale zekerheid voor migrerende werknemers op Europees niveau op elkaar worden afgestemd.

De SER wil met het advies een bijdrage leveren aan het publieke debat in Nederland over de Conventie. Deze moet in juni voorstellen presenteren aan de Europese regeringsleiders. De discussie van Haagse politici wordt te veel beperkt tot een debat over de kosten van Europa, maar er staat veel meer op het spel, zegt Bos. Ook moeten beleidsmakers ophouden te doen alsof `Europa' iets is wat zich buiten Nederland afspeelt. ,,We zijn een open economie die bijzonder veel baat heeft bij de EU, qua welvaart, stabiliteit en vrede.''