Scheiding der geesten

DE DREIGENDE OORLOG tegen Irak heeft nu ook in volle hevigheid het Binnenhof bereikt. CDA en PvdA, de vermoedelijke partners in een nieuw kabinet, verschillen van mening over de Nederlandse levering van Patriot-raketten aan Turkije. Vanmiddag heeft de Kamer er een spoeddebat aan gewijd. Terecht, want de kwestie is belangrijk genoeg. Maar zoals wel vaker dreigt het gesprek te verzanden in details. Dit keer politiek niet onbelangrijk omdat ze timing en exacte bestemming van de raketten betreffen. De hoofdzaak evenwel is terug te vinden in het NAVO-handvest.

Het Noord-Atlantisch verdrag, ondertekend bij de oprichting van de NAVO in Washington op 4 april 1949, bevat veertien (korte) artikelen. Artikel vier luidt als volgt: ,,De partijen zullen onderling overleg plegen telkens wanneer naar de mening van een van hen de territoriale integriteit, politieke onafhankelijk of veiligheid van een van de partijen wordt bedreigd''. NAVO-partner Turkije, die bij een eventuele oorlog in het schootsveld van Iraakse raketten ligt, heeft maandag zijn partners in de NAVO om hulp gevraagd. Het is de eerste keer sinds de oprichting van de NAVO dat een lidstaat een beroep heeft gedaan op artikel vier. Frankrijk, Duitsland en België blokkeerden vervolgens de NAVO-planning voor bescherming van Turkije, daarmee het bondgenootschap in een bestaanscrisis stortend. De drie landen vinden dat iedere militaire voorbereiding op een oorlog de diplomatie ondermijnt en tot `oorlogslogica' leidt.

De `oorlogslogica' leidde prompt tot verscherping van het Nederlandse politieke debat. Het demissionaire kabinet ontving een verzoek van Turkije voor de levering van Patriot-luchtafweerraketten plus de bijbehorende manschappen. Het was een zaak tussen twee landen, NAVO-partners bovendien. Het kabinet zegde eind vorige week toe. Pas maandag deed Turkije officieel in NAVO-verband een beroep op artikel vier. Het land heeft meer nodig dan Patriots en hoopt op bijstand van zijn bondgenoten. Bij nader inzien vindt de Partij van de Arbeid, die zich vrijdag nog kon vinden in de toezegging aan Turkije, dat het kabinet voor de muziek uitloopt en de politieke beslissing aan de NAVO moet laten.

OP BINNENLANDS-POLITIEK TERREIN is de zaak gecompliceerd met een `onvolwaardig' kabinet en een lopende formatie. Maar de regering moet regeren, ook al is ze demissionair. Wat Nederland doet, is het ondersteunen van een NAVO-bondgenoot na een alleszins reëel verzoek daartoe. Van de opbouw voor een oorlog is in dit geval geen sprake. Patriots zijn defensieve raketten, te gebruiken om bijvoorbeeld Scud-raketten met chemische of biologische lading te onderscheppen. In de Golfoorlog van 1991 heeft Nederland precies zo gehandeld. Als bondgenoten elkaar om hulp vragen, defensieve hulp nota bene, is het logisch dat die geboden wordt. Waarom bestaat de NAVO anders? Het gedrag van Frankrijk, Duitsland en België is dan ook onverantwoordelijk en verdient geen navolging door Nederland. De kwestie raakt de kern van de samenwerking binnen het bondgenootschap. Het is goed dat het kabinet dit onderkent en heeft ingestemd met het zenden van de Patriots.

Waarmee niet is gezegd dat zo'n belangrijke zaak niet tot politieke controverses kan of mag leiden. `Irak' zal hoe dan ook de formatie belasten; de scheiding der geesten voltrekt zich nu. Ook dat hoort, gelet op de wereldwijde verdeeldheid, bij de logica van deze oorlog.