Greenspan helpt Bush niet

De Amerikaanse Senaat hoorde gisteren een sceptische Alan Greenspan, voorzitter van het stelsel van centrale banken, over de stand van de economie.

Het `Orakel van Washington' heeft steeds meer te lijden onder een gebrek aan algemene bewondering. Het halfjaarlijkse optreden van Alan Greenspan voor de Amerikaanse Senaat werd als altijd met spanning tegemoet gezien, maar gisteren vooral gedreven door de vraag: hoe gaat hij zich er nu weer uit redden?

De voorzitter van de Federal Reserve Board krijgt regelmatig te horen dat hij de `boom' van de jaren negentig uit de hand heeft laten lopen en met lege handen staat nu de economie sputtert terwijl hij de rente al bijna tot Japanse laagte heeft gedecimeerd. Voor velen is Greenspan in 2001 zijn bovenpartijdige status verloren toen hij het radicale Bush-belastingverlagingsplan zonder reserves omhelsde.

Dat plan wordt nu mede aansprakelijk gehouden voor het omslaan van het begrotingsoverschot dat Bush erfde in een tekort dat nog wel tot de rest van dit decennium kan voortduren. Als Greenspan er toen even sceptisch tegenover had gestaan als hij gisteren reageerde op de jongste plannen van Bush, dan was dat eerste plan misschien nooit aangenomen, is een veelgehoorde redenering.

Door nu het plan tot afschaffing van de dividendbelasting `op de lange termijn' goed te keuren, bruuskeerde Greenspan de president niet al te erg. De nieuwe minister van Financiën, Snow, pikte het zinnetje direct op en construeerde het als steun aan de nieuwste belastingplannen. Maar Greenspan stelde als voorwaarde dat het budgetneutraal zou gebeuren. En daar mikt het Witte Huis allerminst op.

Zonder het met zo veel woorden te zeggen gaf de FED-president aan dat hij de inverdienredeneringen van het Witte Huis niet aanneemt. Daar rekent men zich vast gelukkig met de extra overheidsinkomsten die het gevolg zullen zijn van een dankzij lagere belastingen sneller groeiende economie. Met andere woorden: de begrotingstekorten zullen minder dramatisch worden dan de critici voorspellen.

Het Witte Huis heeft voor het gemak de tienjarenramingen losgelaten en projecteert het tekort nog maar voor vijf jaar. Dat is optisch in ieder geval gunstig, want de grootste belastingteruggaven komen pas in de tweede helft van het decennium op gang. En daarna, als het aan de president ligt, want hij wil de voor tien jaar aangegane verplichtingen permanent maken.

In het kader van de verkoop van de jongste plannen weerlegt de voorzitter van de Raad van economische adviseurs, oud-Columbia hoogleraar Glenn Hubbard vandaag in The Wall Street Journal de kritiek (deze week verwoord door vierhonderd economen, onder wie tien Nobelprijswinnaars) dat Bush's belastingplan vooral de allerrijksten ten goede komt. Dat is onheus en economisch onverstandig, want de laagste inkomens brengen extra geld veel sneller terug in de economie.

Volgens Hubbard zien al die critici over het hoofd dat het voor investeringen beschikbare kapitaal sterk groeit als de `dubbele belasting' op bedrijfswinsten (eerst bij de bedrijven en daarna bij de dividendontvanger) vervalt. Meer investeringen betekent verhoogde productiviteit en dus hogere lonen. Die komen ten goede aan alle loonwerkers, die dus wel degelijk profiteren van de afschaffing van de dividendbelasting die zij niet betalen, aldus de Witte Huis redenering.

Of Greenspan het daar mee eens is, blijkt misschien vandaag, bij zijn optreden voor het Huis van Afgevaardigden. Gisteren zat hij de regering al dwars door zijn steun voor afschaffing van dubbele belasting te koppelen aan een voorwaarde: dat het gebeurt bij de bedrijven en niet bij de indivuele burger. Dat is niet wat de regering van plan is, ondanks de waarschuwing van deskundigen dat de huidige voorstellen een el dorado voor belastingontwijkers openen.

Alan Greenspan sprak zijn urenlange bijdrage uit in de gebruikelijke delphiaanse orakeltaal, maar na afloop bestond er weinig verschil van mening over de vraag of hij de regering een handje had willen helpen. Nee. Hij hield vooral een pleidooi voor ouderwets omgaan met een structureel begrotingstekort: voorkomen is beter dan terugdringen, maar verder laten oplopen is zeker uit den boze. Structurele tekorten, waarschuwde Greenspan, hebben wel degelijk een negatief effect op de rente (ontkend door het Witte Huis) en kunnen de economie remmen.