Testino overschreeuwt zichzelf naast Eva Bensnyö

Het bijna zeventig jaar omspannende oeuvre van fotografe Eva Besnyö past naar verluidt ruimschoots in één archiefkast. De tweehonderd foto's die ze zelf bestempelt als haar `keurcollectie', moeten bijgevolg niet meer dan een archieflade in beslag nemen: een bescheiden residu van een lang fotografenbestaan.

Besnyö besloot tot het samenstellen van een eigen bloemlezing toen ze in 1979 begon met het op orde brengen van haar fotoarchief. Hoewel er sindsdien uit haar oeuvre tentoonstellingen en boeken werden samengesteld, bleef die collectie als zodanig verborgen voor het publiek. Mede ter gelegenheid van het onlangs op televisie uitgezonden filmportret dat fotograaf Leo Erken van haar maakte, licht de inmiddels 92-jarige Eva Besnyö in het Fotografiemuseum Amsterdam (FOAM) nu een tipje van de sluier op.

Zevenendertig foto's omvat de presentatie; iets minder dan de helft ervan werd nooit eerder getoond of gepubliceerd. Dit betekent echter niet dat er ook een nieuw licht geworpen wordt op haar oeuvre.

Besnyö's werk is veelvuldig gepresenteerd in tentoonstellingen, tijdschriften en boeken. Daarbij lag de nadruk op de foto's die zij in de jaren dertig onder invloed van de `Nieuwe Fotografie' maakte in haar geboorteland Hongarije, tijdens haar leerjaren in Berlijn en (vanaf 1932) in haar tweede vaderland, Nederland. Een handvol foto's daargelaten zijn die jaren en die drie locaties ook op deze tentoonstelling terug te vinden. Datzelfde geldt voor de sfeer en de stijl van de foto's: alledaagse onderwerpen (een kolenman zeulend aan zijn kar, een auto op een straathoek, een vrouw op een duikplank) vastgelegd met een voor die dagen frisse blik vol strenge diagonalen en uitbundige vogel- en kikvorsperspectieven.

Weliswaar is menige niet eerder getoonde foto schilders werkend aan de scheepshuid van het cruiseschip Nieuw Amsterdam, de achter visnetten verscholen haven van Volendam, een ruggelings meisjesportret opnieuw een toonbeeld van helderheid en precisie, maar het zijn varianten op wat reeds eerder aan de openbaarheid werd prijsgegeven.

De expositie, tamelijk kil uitgevoerd in een voor de gelegenheid te steriel ogende witte zaal, is aangevuld met twee vitrines met parafernalia uit een fotografenleven. Ze bevatten onder meer contactvellen met foto's uit een gezamenlijke studiosessie met haar leermeester Jozsef Pecsi, een geïllustreerde adreswijziging, een perskaart uit 1931 waarop Besnyö de Berlijnse correspondent wordt genoemd van het tijdschrift Magyar Szinpad (`Hongaars Toneel') en enkele tot puzzels verzaagde foto's, waaronder die welke haar beroemdste zou worden: van een zigeunerjongetje zeulend met een veel te grote bas. Het zijn vingerwijzingen naar het oeuvre waaruit enkele fragmenten aan de muur te bezichtigen zijn. Het is een persoonlijke benadering, zij het ook een die dat oeuvre als geheel wel als bekend veronderstelt. En dat is misschien wel terecht gezien de grote status van Besnyö, je mag je afvragen of het voor een instelling die zich zo nadrukkelijk als museum afficheert, niet veel te spaarzaam is. Anderzijds: voor wie de jaartallen, de aantallen en die ene lade in gedachten houdt, is de expositie een nogal relativerende ervaring.

Op dit punt vormt de keurcollectie van Eva Besnyö een schril contrast met de honderd foto's omvattende expositie Portraits van de Peruaans/Engelse glamour- en modefotograaf Mario Testino (1954) die zes zalen van het FOAM in beslag neemt.

Testino werkt veel voor modehuizen als Versace en Gucci en voor tijdschriften als Vanity Fair, Vogue en The Face, en is geheel in de stijl van zijn onderwerp (`internationale glamourcultuur', `ultieme parties') een fotograaf van de superlatieven. Zijn smetteloze kleurenfoto's zijn bigger than life afgedrukt zodat Kate Moss het formaat krijgt van een olifant, Madonna zich uitstrekt als een Cadillac en Lady Di een eenpersoons billboard lijkt te vormen.

Testino's technische hoogstandjes zijn overdonderend, maar daarmee overschreeuwen zijn foto's zichzelf. Zo hard roepen ze om aandacht dat er geen enkele foto is waarin je je nog enigzins kunt verdiepen. Wat verder eveneens stoort, is de geringe afstand die Testino van zijn onderwerp lijkt te kunnen nemen.

Testino is een schepper van illusies maar wekt constant de indruk er zelf in te geloven. Dat blijkt trouwens ook uit zijn uitspraak over de `schijnwereld van Hollywood' in het boekje dat bij de tentoonstelling is verschenen: ,,Het is een wereld waar je zelf naar toe kan, vanavond, nu, wanneer je maar wilt.''

Je gunt Mario Testino, onderweg van de ene shoot in Los Angeles naar de volgende fotosessie in Parijs, een bezoekje aan ene Eva Besnyö om het met haar eens te hebben over wat er na verloop van jaren van fotografie kan overblijven.

Eva Besnyö: De Keurcollectie, t/m 2 maart. Mario Testino: Portraits, t/m 23 maart.

In het Fotografiemuseum Amsterdam (FOAM), Keizersgracht 609.

Dagelijks van 10-17 uur (donderdag en vrijdag tot 21 uur) Inlichtingen: 020-5516500 of website: www.foam.nl

    • Eddie Marsman