A.F.Th. hekelt lange tenen auteurs

Gisteren presenteerde A.F.Th. van der Heijden zijn nieuwe boek `De Movo Tapes'. Het uiterlijk vertoon in het Amstel Hotel contrasteerde met de toespraak van de auteur over literatuur.

,,Ik wil niet al uw aandacht, maar een beetje...Graag'', zei A.F.Th. van der Heijden gistermiddag om half twee, vrijwel volledig verscholen achter een handvol fotografen, twee tv-ploegen, een radioverslaggever en een grote stapel exemplaren van zijn nieuwe boek De Movo Tapes. Van der Heijden (`A.F.Th.' op het omslag) richtte zich tot de ongeveer vijftig andere aanwezigen in de Tuinzaal van het Amsterdamse Amstel Hotel, leden van de schrijvende pers en gasten uit `het boekenvak'.

Die hadden op dat moment al het een en ander verorberd: een eenvoudige maar voorbeeldige terrine van tarbot en gepofte aubergine met een mayonaise van gegrilde rode paprika (erbij een glas Côstieres de Nimes rosé) en daarna geglaceerde plakjes rundvlees (precies goed gebakken) met goede linzen, aromatische groenten en een saus van sjalotten. Van de door de vlekkeloze bediening regelmatig bijgeschonken rode Rioja werd de auteur naar eigen zeggen `licht euforisch'. De middag werd zo gedomineerd door wat je – in een verwijzing naar het `Leven in de breedte' uit De tandeloze tijd – `Lunchen in de breedte' zou kunnen noemen. Maar de hoofdpersoon uit De Movo Tapes verzet zich juist tegen ,,al dat gelul over leven in de breedte''.

De toespraak van A.F.Th. contrasteerde dan ook enigszins met het uiterlijk vertoon in de Tuinzaal. Het ging over literatuur. Van der Heijden opende – overigens niet voor het eerst – de aanval op ,,de dwingende roep om kaal schrijven'' en op `een collega' (waarschijnlijk Karel Glastra van Loon) die hem in een interview had voorgehouden dat hij te woest met metaforen omsprong en die hem Nescio ten voorbeeld hield. ,,Nederlandse schrijvers, en dat maakt de omgang met hen zo strontvervelend, denken hun collega's altijd hun eigen maat te moeten opleggen. Binnen de kortste keren hebben ze het over ,,mooi klein schrijven'', over ,,de taal tot op het bot uitbenen'' en ,,er staat geen woord te veel in''. Het zijn geen poëticale overwegingen, maar regelrechte clichés geworden.'' De Nederlandse literatuur zou, aldus Van der Heijden, ,,een wereldliteratuur kunnen zijn als de Nederlandse schrijvers eens wat minder op elkaar gingen zitten letten [...] Ze zijn allemaal groot geschapen, dat wel, maar dan heb ik het voor de verandering over hun tenen.''

Zijn eigen tenen hadden de schrijver danig parten gespeeld sinds hij voor het eerst `Moeilijke voeten' boven het manuscript van deel één van de nieuwe cyclus tikte: hij kreeg last van jicht. De fictie kreeg ook anderszins vat op zijn levensfeiten, na een ,,onschuldige duw- en trekpartij'' buiten de kroeg brak Van der Heijden niet alleen zijn schouder, maar ook zijn voet. Het incident was een van de zaken die de productie van de cyclus hebben vertraagd. De negen boektitels (zeven delen na deel nul, alsmede een supplement) van Homo duplex staan keurig afgedrukt in De Movo Tapes, maar Van der Heijden voorspelde dat de verschijning mogelijk `grillig' zou verlopen. Zo is hij al verder gevorderd met deel zeven dan met de delen vijf en zes. Het zal geen toeval zijn dat juist nadat alle aandacht op boek en schrijver was gevestigd, de terrine van vers fruit in gelei niet echt overtuigde. De meeste aanwezigen hapten het snel weg, de aandacht inmiddels volledig gericht op hun presentexemplaar van het boek. Dat ligt vrijdag in de winkel.