Gekte van het pijltjesgooien blijkt grenzeloos

Het Open NK darts, dat afgelopen weekeinde in Veldhoven werd gehouden en werd gewonnen door de Engelsman Ted Hankey, is vooral een familiefeest. Wat de `Barney-manie' al niet teweeg kan brengen.

Het is ijzingwekkend koud als op de finaledag de eerste supporters zich melden. Al om kwart voor negen nemen Henk en Tinie uit Ootmarsum hun plekje in voor de deur. ,,We zaten gisteravond in de kroeg en besloten zelf eens bij dat darts te gaan kijken'', legt eerstgenoemde uit. Het echtpaar uit Overijssel beweegt voortdurend met armen en benen om warm te blijven. Het geduld wordt beloond: even later behoren ze tot de gelukkigen die een kaartje voor het dartsfeest kunnen bemachtigen.

Binnen is het aangenaam warm voor de menigte die bezit heeft genomen van de zaal. Naar schatting vijfduizend fans roepen en juichen voor hun favorieten als de kwartfinales aan de gang zijn. Ilse uit Harderwijk bejubelt elke goede worp, ongeacht de deelnemer. ,,Dat is toch het leuke van darts, je moet sportief zijn'', zegt ze. ,,Als je zelf wel eens een pijltje hebt gegooid, weet je bovendien hoe moeilijk het is om überhaupt het bord te raken. Het is leuk om hier vier dagen te zijn. Je leert veel mensen kennen en je kan die televisiehelden eens van dichtbij zien. Het valt me op dat ze eigenlijk allemaal heel aardig zijn. Zo'n Ted Hankey vond ik altijd maar een eng mannetje, maar hij is in het echt heel aardig.''

Het wordt heet in de zaal als de halve finales beginnen. Het aantal toeschouwers is opgelopen tot zevenduizend. Meer kan er niet in. De fans storen zich echter niet aan de temperatuur. Sterker, het wordt nog een paar graadjes warmer als Engelsman Ted Hankey en Raymond van Barneveld een titanengevecht voeren. Met gemiddeldes die oplopen tot 35,87 per pijl voor de latere winnaar Hankey is sprake van een van de beste dartspartijen ooit. Met luid gejuich wordt elke nieuwe score begroet. Bert uit Lexmond is al schor. ,,Dit is super, wat die twee laten zien'', roept hij uit. ,,Kijk nou toch wat een spel. Sorry hoor, maar eigenlijk wil ik hier niets van missen.''

De wedstrijd, die Hankey uiteindelijk wint, brengt de zaal tot een kookpunt. Tijdens de finale is de stemming minder euforisch. Het uurtje wachten wordt doorgebracht met wat dansen op de onafgebroken stroom harde muziek. Sommigen nemen vrijwillig een bierdouche om enigszins af te koelen.

De sfeer blijft gemoedelijk. Toch houdt een aantal mensen het voor gezien. Arjan uit het Limburgse Blerick bijvoorbeeld. ,,Ik moet morgen weer erg vroeg op om aan het werk te gaan'', luidt zijn excuus. ,,Jammer, dat ik niet op de finales kan wachten, maar dan kan ik gewoon mijn bed niet uitkomen, ik ken mezelf.''

Maar weinigen beseffen dat dit de 25ste editie van de Dutch Open is. Dat er in de afgelopen kwart eeuw `iets' is veranderd in de dartssport blijkt wel uit een stuk uit het blad van de Haagse dartsbond uit 1979: `Het Open Nederlands Dartskampioenschap, op 24 mei jongstleden gehouden in Rotterdam, is een groots feest geworden. Ruim driehonderd deelnemers hebben daar gestreden om de titel die uiteindelijk ging naar Daniël Serrie uit België. Iedereen was het erover eens dat geen ander dan Serrie die titel toekwam. Had hij in de voorronden reeds sterk gespeeld, wat hij in de finale liet zien was groots. Eén game werkte hij zelfs af in elf pijlen (140-100-180-81), terwijl hij in de tweede partij andermaal voor een 180 score zorgde.'

Terug naar 2003: Ted The Count Hankey, de winnaar van de jubileumeditie van de Dutch Open, noteerde in Veldhoven maar liefst drie worpen met de maximale score van 180. Tot 11-darters kwamen hij en zijn mede-finalist, de Nederlander Roland Scholten, niet. Maar dat is ook niet verwonderlijk. Hankey en Scholten waren de besten van maar liefst 3.264 deelnemers en dat maakt het toernooi aanzienlijk zwaarder dan de eerste editie van 25 jaar geleden.

    • Hans Willink