Lang leve de laatste aftrekposten!

De afgelopen weken hebben 7 miljoen Nederlanders een blauwe envelop ontvangen. Het invullen van het belastingbiljet is eenvoudiger geworden nu de meeste aftrekposten verdwenen zijn. Toch zijn er nog wel tips te geven.

De tijd dat het een sport was om je belastingbiljet in te vullen is voorbij'', zegt Elmer Hogervorst, senior manager bij Deloitte & Touche in Haarlem en Aalsmeer. ,,Er zijn niet zoveel aftrekposten meer. Ik had het niet verwacht, maar zelfs de basislijfrenteaftrek wordt afgeschaft.''

Lijfrentepremies vormden jarenlang een favoriete aftrekpost. Tot voor twee jaar geleden, toen belastingplichtigen voor het laatst een biljet invulden dat nog betrekking had op het oude belastingstelsel, konden mensen zomaar een forse 6.000 gulden aftrekken voor een lijfrentepremie. Wie geen lijfrenteverzekering had afgesloten en tijdens het invullen van het biljet behoefte kreeg aan een extra aftrekpost, kon in het jaar erop nog zes maanden lang met terugwerkende kracht zijn persoonlijke belastingdruk over het voorgaande jaar verlagen.

Toen in 2001 het nieuwe belastingstelsel werd ingevoerd, werd de basisaftrek voor lijfrentepremies teruggebracht naar ongeveer 1.000 euro. Per 1 januari 2003 is deze aftrekpost volledig geschrapt. Dat betekent dat het aangiftebiljet over 2002 het laatste biljet is waarop belastingplichtigen nog 1.069 euro aan lijfrentepremies kunnen aftrekken zonder dat daar een pensioentekort tegenover staat. Wel eist de Belastingdienst dat de premie in kwestie uiterlijk op 31 december 2002 betaald is, dus het is onmogelijk om nu nog iets te herstellen.

Mensen die een pensioentekort hebben, kunnen hun lijfrentepremies nog wel aftrekken, ook over 2002. ,,Dan moeten ze eerst bepalen wat hun jaarruimte is'', zegt Petra van Kampen, eigenaar van Van Kampen Administraties en Kantoorservice in Boskoop. ,,Dat zijn lastige exercities, maar op de websites van de Belastingdienst en verzekeringsmaatschappijen kun je rekenmodellen vinden.''

De grootste aftrekpost voor de meeste particuliere belastingplichtigen is de hypotheekrenteaftrek. Ook de rente van `gewone' leningen in verband met het onderhoud van een eigen huis zijn aftrekbaar. Wie bijvoorbeeld een tijdelijk krediet heeft voor een kleine verbouwing kan de rente ook aftrekken. Bij zulke grote aftrekposten kan de regeling voor fiscaal partnerschap voordelig zijn. ,,Fiscale partners kunnen schuiven met hun aftrekposten'', zegt Hogervorst. Als twee mensen samen eigenaar zijn van een huis en allebei de helft van de hypotheek aflossen, hoeven zij bij hun belastingaangifte niet uit te gaan van deze fifty-fiftyverdeling. ,,Het kan handig zijn om de volledige hypotheekrente in mindering te brengen op het inkomen van de partner die het meest verdient. Dan krijgen ze het meeste belastinggeld terug'', zegt Hogervorst. ,,Wel moet je bij de inkomsten dezelfde verdeling hanteren als bij de uitgaven. Degene die de volledige hypotheekrente aftrekt, moet ook het volledige eigenwoningforfait bijtellen.''

Van Kampen wijst erop dat schuiven met aftrekposten ook voordelig kan zijn als partners met hun inkomen net in de schijf zitten waarin ze bijvoorbeeld 42 procent belasting betalen. ,,Door een beetje te rekenen kunnen zij de aftrekposten onderling zo verdelen dat ze allebei 42 procent terugkrijgen. Als een van de partners in zo'n situatie alle aftrekposten claimt, lopen ze het risico dat ze voor een deel van die posten maar 37 procent belasting terugkrijgen.''

Fiscale partners kunnen ook rekening houden met de grenzen die de Belastingdienst hanteert voor bijbetaling. ,,Als mensen op grond van hun aangifte eigenlijk moeten bijbetalen, krijgen ze een kwijtschelding als het bedrag lager is dan 203 euro'', zegt Van Kampen.

Gebruik maken van de regeling voor fiscaal partnerschap kan bij de meeste aftrekposten, dus bijvoorbeeld ook bij de kosten voor kinderopvang of bij giften. Voor persoonsgebonden aftrekposten, zoals alimentatie, geldt de regeling niet.

De aftrekpost waar de fiscus bij de aangiften over 2002 speciale aandacht aan wil besteden, betreft de uitgaven voor ziekte. Het gaat om onkosten die niet vergoed worden door de verzekering. Voor deze aftrekpost geldt een drempel van 11,2 procent van het gezamenlijke inkomen. Bij een jaarinkomen dat hoger is dan 49.946 euro is de drempel 5.600 euro. ,,Dat zijn grote bedragen, maar met kronen of een nieuwe bril overschrijden mensen het drempelbedrag vaak'', zegt Van Kampen. De premies voor de ziektekostenverzekering tellen namelijk ook mee, inclusief het werkgeversdeel van de ziekenfondspremie of de tegemoetkoming in de ziektekostenverzekering die de werkgever betaalt. Op deze bedragen is immers ook belasting ingehouden.

Daarnaast mag er per gezinslid standaard 23 euro afgetrokken worden voor de huisapotheek en geldt er een vergoeding van 0,28 euro per kilometer voor bezoeken aan artsen en ziekenhuizen. Wie hiervoor gebruik maakt van een taxi of van het openbaar vervoer kan de werkelijke kosten aftrekken. Ook kosten van verband of medicijnen kunnen afgetrokken worden. ,,Bewaar wel bonnen, want bij een controle zal de inspecteur daar naar vragen'', zegt Van Kampen. ,,Maar bonnen meesturen met de aangifte is zinloos. Alle aangiften worden verwerkt in Heerlen en daarna gaan de gegevens naar de verschillende belastingkantoren. Daar zitten die meegestuurde bonnetjes en nota's niet bij.'' Onder buitengewone uitgaven vallen niet alleen ziektekosten, maar ook kosten in verband met overlijden, adoptie of bevalling.

Voor mensen die op 1 januari 2002 65 jaar of ouder waren of voor ten minste 45 procent arbeidsongeschikt zijn, is het gemakkelijker om de drempel voor buitengewone uitgaven te overschrijden. Zij mogen hun buitengewone uitgaven verhogen met een speciale ouderdomsaftrek van 730 euro per persoon.

Voor sommige aftrekposten geldt een drempel die meestal inkomensafhankelijk is. Alleen het bedrag waarmee de drempel overschreden wordt, mag afgetrokken worden. Dat geldt bijvoorbeeld voor kinderopvang. Hiervan mogen overigens alleen de kosten afgetrokken worden die ouders zelf betalen. Als de werkgever meebetaalt aan kinderopvang zit aftrek er meestal niet in.

Ook voor giften geldt een drempel. Aftrek kan alleen als het bedrag aan giften hoger is dan 1 procent van het verzamelinkomen. ,,Wie dat bedrag niet haalt, kan een periodieke gift geven'', zegt Hogervorst. ,,Dan moet bij de notaris vastgelegd worden dat er ten minste vijf jaar lang een bedrag aan een goed doel geschonken wordt. In zo'n geval is de gift altijd aftrekbaar.''

Voor scholingsuitgaven geldt per persoon een vaste drempel van 500 euro. Wie meer uitgeeft aan collegegeld, literatuur en reiskosten kan dat bedrag aftrekken. Het moet dan wel gaan om een opleiding die nuttig is voor de uitoefening van iemands (toekomstige) beroep, want scholingskosten in de hobbysfeer zijn niet aftrekbaar. Scholingskosten zijn tegenwoordig de enige beroepskosten die een werknemer nog kan aftrekken. ,,Voor al het andere, zoals abonnementen op vakliteratuur of een vergoeding voor zakelijke telefoongesprekken thuis, moet men bij de werkgever aankloppen'', zegt Hogervorst. ,,De werknemer kan zulke onkosten niet meer aftrekken, maar de werkgever mag ze onbelast vergoeden.''

Werknemers die op de fiets naar hun werk gaan en ten minste 10 kilometer afleggen, kunnen een fietsaftrek claimen van 362 euro. Dit kan alleen nog over 2002, want per 1 januari 2003 is de fietsaftrek geschrapt. Degenen die met een leaseauto naar hun werk gaan, hebben niet met aftrekposten maar juist met bijtellingen te maken. Toch ziet Van Kampen een lichtpuntje. ,,Als je met de auto met vakantie bent geweest, mag je de benzinekosten en de kosten van de tolwegen niet aftrekken. Maar je kunt wel met de bonnetjes naar je werkgever gaan en vragen of hij die kosten wil betalen. Als hij dat bedrag vervolgens in mindering brengt op jouw nettoloon, mag je het aftrekken. Dat noemen we een kasrondje.''

Bron: Deloitte & Touche