Het knuffelkantoor van de netwerkmaatschappij

In 1996 begon Interpolis in Tilburg met het flexibele kantoor. Nu werkt het bedrijf aan een vervolmaking van dit kantoor: een clubhuis gevuld met iglo's.

Vergaderen kunnen de werknemers van het verzekeringsbedrijf Interpolis in Tilburg sinds kort in paviljoentjes die lijken op het woonhuis van de prehistorische stripheld Fred Flintstone. In dit door vormgever Marcel Wanders ontworpen `steenhuis' zijn de meeste van de bolle vergader- en werkhuisjes bruin van buiten. Maar van binnen zijn ze stralend wit: halverwege de hagelwitte wanden begint het gecapitonneerde plafond waar cilindervormige lampenkappen rondom ouderwetse kroonluchters aan hangen. Het interieur heeft nog het meest weg van een iglo, met tafels waaruit computerschermen omhoog kunnen komen. Samen vormen de paviljoentjes een soort Bedrock, Flintstone's woonplaats vol vrijstaande stenen huisjes.

Wie niet in de stemming is voor prehistorische iglo's, kan neerstrijken achter een van de meubels van sloophout die in een andere ruimte staan opgesteld, het door Piet Hein Eek ontworpen `boshuis'. Hier vormen de robuuste stoelen en banken van sloophout een merkwaardig contrast met de gladde vormgeving van de dunne computerschermen die overal tevoorschijn kunnen worden getoverd. In weer een andere ruimte staat een groot aantal fauteuils opgesteld met kolossale `oren'. Je zou ze eerder verwachten in een hippe lounge-bar dan in het kantoor van een verzekeringsbedrijf. Weer ergens anders staat een biljart, verderop kunnen de medewerkers darten of tv kijken.

Zo lijkt het nieuwe deel van het Interpoliskantoor op alles – bar, café, restaurant, lounge, een winkel met designmeubels – behalve een kantoor. Het nieuwe deel, waarvan nu 5.000 van de 7.000 vierkante meter is voltooid, is een vervolmaking van het flexibele kantoor waartoe Interpolis overging bij de betrekking van de nieuwbouw in 1996. In het flexibele kantoor heeft niemand een eigen werkplek, zelfs de leden van de directie niet. Het idee is dat de nieuwe communicatietechnologie het mogelijk maakt om het werk los te koppelen van plaats en tijd. Dit betekent niet alleen dat Interpolis-werknemers overal in het kantoor kunnen inloggen op het communicatiesysteem van Interpolis, maar ook dat ze meer dan voorheen hun werk vanuit huis kunnen doen.

,,Het flexibele kantoor is alleen mogelijk als het bedrijf flexibel is georganiseerd'', legt Interpolis-directeur Kick van der Pol uit. ,,Interpolis is een bedrijf dat de werknemers veel verantwoordelijkheid en vertrouwen geeft. Ze moeten zélf, op eigen verantwoording, snel beslissingen nemen over bijvoorbeeld het al dan niet toekennen van schadevergoedingen. Werknemers worden afgerekend op de resultaten van hun werk, niet op hun aanwezigheid of werktijden. Ze moeten dan ook zelf beslissen of ze thuis werken of hier ergens op kantoor.''

Het flexibele kantoor is dan ook zeker niet iets dat alle bedrijven kunnen overnemen. Het is het kantoor van de netwerkmaatschappij. Bedrijven met een sterk hiërarchische piramidestructuur, waar controle nog een grote rol speelt, kunnen hier niet mee uit de voeten.

Het flexibele kantoor betaalt zichzelf, legt Van der Pol uit. Voor 100 werknemers zijn slechts 70 werkplaatsen nodig. In het vernieuwde Interpoliskantoor zullen 2.500 mensen kunnen werken. Maar niet alleen het aantal werkplekken is kleiner: ,,In het nieuwe kantoordeel kan op verschillende plekken worden gegeten. Hierdoor kon het restaurant van 1500 plaatsen helemaal verdwijnen. En een bedrijfsrestaurant is een ruimte die slechts 2 uur per dag wordt gebruikt en de rest van de 24 uur die een dag telt, leeg staat. Het flexibele kantoor heeft geleid tot een kleiner verloop van werknemers. Bovendien is het ziekteverzuim gedaald van 6,3 procent in 2000 naar 5 dit jaar.'' Dankzij deze kostenbesparingen is het mogelijk om meer geld en zorg dan gebruikelijk te besteden aan de inrichting van de nieuwbouw.

Nog meer dan het al bestaande flexibele kantoor uit 1996 is het nieuwe deel bedoeld als een ontmoetingsplek. Naar dit deel gaan de Interpolis-werknemers om te vergaderen, om gesprekken te voeren, om te ontspannen, om tv te kijken, om te eten of te drinken of om toch maar wat te werken. ,,Het nieuwe deel is een overgangsgebied tussen thuis en het kantoor'', vertelt Erik Veldhoen van Velhoen + Company, het bedrijf dat nauw betrokken is bij de nieuwe opzet. ,,Na de invoering van het flexibele kantoor bleek dat mensen soms niet thuis willen werken, omdat hun woning daartoe geen gelegenheid biedt of omdat ze toch sterk de behoefte hebben om de deur achter zich dicht te trekken als ze werken. Maar zin in kantoor hebben ze soms ook niet. Dan kunnen ze naar het tussengebied gaan, dat ook geschikt is om te vergaderen of om met zijn tweeën even de zaken door te nemen.''

Het `tussengebied', ontworpen door Kho Liang Ie Associates, is opgevat als een stad. ,,De ontmoeting staat voorop'', zegt Veldhoen. Deze `stad' heeft een centrum waar je op doorgangen en ruimtes stuit die zijn vernoemd naar de ontwerpers en architecten die een bijdrage hebben geleverd aan het Interpolis-kantoor. Zo is er een Abe Bonnemaplein, genoemd naar de architect van het gebouw, en een Adriaan Geuzestraat, een eerbetoon aan de ontwerper van de publiek toegankelijke tuin rondom het Interpolisgebouw.

Rondom het centrum en op de verdieping eronder zijn zeven zeer verschillend vormgegeven ruimtes gelegen, de zogenaamde `clubhuizen', waarvan er nu vier zijn voltooid. Elk clubhuis heeft een heel eigen karakter en sfeer en is tot in detail ontworpen door kunstenaars en vormgevers: de huiskamer van Jurgen Bey, het lichthuis van Mark Warnink, het zeehuis van Ellen Sander, het weefhuis van Bas van Tol, het spoorhuis van Irene Fortuyn, het tuinhuis van Joep van Lieshout en bovengenoemd steenhuis van Marcel Wanders en het boshuis van Piet Hein Eek. Veldhoen: ,,Als je aan het werk gaat, heb je toch lang niet altijd dezelfde stemming. Hier kun je, afhankelijk van je stemming, in een van de clubhuizen neerstrijken.''