Grote gezinnen meer in problemen

Zestig procent van de gezinnen met vier of meer kinderen kan niet rondkomen van het inkomen. Bij grote gezinnen met hogere inkomens is dat veertig procent.

Dat heeft het Nibud (Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting) gisteren bekendgemaakt. Het Nibud hield het onderzoek onder 262 `grote' gezinnen. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft 6 procent van de Nederlandse gezinnen vier of meer kinderen.

Bij die gezinnen slokken de dagelijkse boodschappen en de huur- of hypotheekkosten zoveel geld op, dat er weinig overblijft voor andere uitgaven. Om dit tegen te gaan, halen gezinnen volgens het Nibud geld van lopende spaarrekeningen of bezuinigen zij op kleren, vakantie of voeding. Bij dat laatste wordt er meer gekeken naar aanbiedingen, minder luxe of een goedkopere supermarkt.

Vooral bij lagere inkomens drukken de vaste uitgaven fors op het budget. De extra kinderbijslag is volgens de Nibud-onderzoekers onvoldoende om de kosten te compenseren.

Moeders in grote gezinnen werken minder buitenshuis dan andere moeders (42 tegenover 62 procent). Werkende moeders met veel kinderen besteden bovendien minder uren aan de betaalde arbeid. Gemiddeld werkt 31 procent van alle vrouwen in Nederland twintig uur of meer per week, bij grote gezinnen is dat percentage 13. In grote gezinnen doet de vrouw het meeste huishoudelijk werk. Zo bereidt zij in vier van de vijf gevallen de maaltijd.

Uit onderzoek van bureau MarketResponse zou verder blijken dat 22 procent van de Nederlandse gezinnen denkt dit jaar bij een ongewijzigd uitgavepatroon door de koopkrachtdaling netto minder over te houden dan vorig jaar. Dat schrijft de Volkskrant vandaag.

De moeilijkere financiële situatie zou mede veroorzaakt worden door de stijging van ziektekosten- en pensioenpremies. Jongeren hebben volgens MarketResponse, in tegenstelling tot ouderen, hun uitgavepatroon nog niet naar beneden bijgesteld, omdat hun koopkracht nog stijgt.