De oude garde van de PvdA-fractie bruist van de plannen

Hoe nieuw is de nieuwe PvdA? Wat doen de oudgedienden van de partij nu anders? Natuurlijk, zeggen ze, we hebben geleerd van het verlies vorig jaar. Maar ze hebben het dan vooral over anderen. Zelf hebben ze hun werkwijze aangepast. `Ik ben altijd een beetje anders geweest.'

De PvdA heeft 42 leden in de Tweede Kamer. En zij hebben er allemaal zin in. Toen Wouter Bos vorige week vroeg wie wilde meedenken over nieuwe manieren om als volksvertegenwoordiger bij de kiezer betrokken te blijven, boden wel twintig fractieleden hun diensten aan. Ze werden verdeeld in vier werkgroepen. Kamerlid Sharon Dijksma: ,,Die werkgroepen werken alle vier aan dezelfde opdracht. Dus die beconcurreren elkaar. De beste voorstellen winnen.'

Twee weken is Wouter Bos nu met zijn PvdA-fractie in de Tweede Kamer aan het werk. Een `Nieuwe Partij van de Arbeid', zegt Bos. Maar 16 van de 42 Kamerleden behoren tot de `oude garde': Kamerleden die tijdens de verkiezingen van mei dramatisch werden afgestraft, toen de partij nagenoeg werd gehalveerd. Hoe gaat deze oude garde vernieuwen? Wat gaan ze anders doen? Vinden ze trouwens dat ze iets verkeerd hebben gedaan?

Meteen na de verkiezingsnederlaag trok de toenmalige fractie de conclusie dat de band met de kiezer moest worden versterkt. De 23 Kamerleden die na 15 mei 2002 nog over waren, besloten niet meer alleen een portefeuille te behartigen, maar ook een regio te gaan vertegenwoordigen. Sharon Dijksma kreeg Overijssel; Frans Timmermans Limburg. Daar kwamen ze vandaan. Frans Timmermans: ,,Maar als ik vroeger in de fractie met een regionaal onderwerp kwam, was het soms: Ho, ho, dat is jouw portefeuille niet. Nu is het: Bij Limburgse kwesties heeft Frans het voortouw.'

Omdat relatief veel fractieleden in het westen van het land wonen, zijn er ook gebieden toegewezen. De Rotterdamse Nebahat Albayrak heeft Noord-Brabant gekregen. Zij ,,startte meteen met een toernee' langs Brabantse dorpen en steden. Albayrak: ,,En je merkt dat het aanslaat: ik had nu meer stemmen uit Noord-Brabant.'

De PvdA'ers Dijksma, Timmermans en Albayrak behoren tot de `paarse' Kamerleden. Zij zitten sinds 1998 (Timmermans, Albayrak), 1994 (Dijksma) of nog langer in de Tweede Kamer. Van de 16 `paarse' Kamerleden van de PvdA begonnen er 7 in 1998, 1 in 1997, 5 in 1994 en 3 (Jeltje van Nieuwenhoven, Peter van Heemst, Ella Kalsbeek) nog eerder. Sommige van deze vertegenwoordigers van de `oude politiek' vielen bij de verkiezingen van vorig jaar buiten de boot (José Smits, Harm Evert Waalkens) en waren enkele maanden werkloos. Nu zijn ze weer terug.

Wat vinden deze zestien van de observaties over het volksvertegenwoordigerschap in De kaasstolp aan diggelen, dat ze zonder uitzondering afgelopen najaar hebben gelezen? In dat rapport ontleedde een `werkgroep politiek-inhoudelijke koers' de verkiezingsnederlaag van mei met de constatering: ,,PvdA-politici en PvdA-bestuurders hebben weinig gevoel voor de kloof tussen de technocratische beleidswerkelijkheid en de alledaagse werkelijkheid.' Werkgroepsvoorzitter Margreeth de Boer vond dat het hun ontbrak aan ,,een open attitude en communicatie', doordat ze ,,een intern-Haagse gerichtheid' hadden. De Boer concludeerde: ,,De PvdA moet nu definitief de bestuurlijke kaasstolp achter zich laten en veel systematischer luisteren naar signalen uit de samenleving, om op basis daarvan tot een sociaaldemocratisch antwoord te komen.'

En wat vinden de zestien van de `campagne van de deemoed' die Wouter Bos dit jaar heeft gevoerd? Zijn boodschap was mede gebaseerd op het `rapport-De Boer': wij hebben van onze fouten geleerd en als u ons een nieuwe kans geeft, zullen we ons leven als volksvertegenwoordiger proberen te beteren.

Om met de analyse van De kaasstolp aan diggelen te beginnen: de meesten vinden niet dat die op henzelf slaat. Ze herkennen de analyse wel, maar dan ,,in algemene zin' of als ,,collectieve verantwoordelijkheid'. Zo zien ze zichzelf bijvoorbeeld als ,,onderdeel van een proces'. Mariëtte Hamer: ,,We dachten allemaal dat we het goed deden: je doet toch je best. Je moet ook niet vergeten: je bent onderdeel van een proces, van een bepaalde manier van werken.'

Ze zijn zelf al eerder veranderd. Zoals Ella Kalsbeek: ,,Mijn denken hierover kreeg een impuls toen ik in de vorige periode een tijdje staatssecretaris was. Dan krijg je namelijk nog minder te maken met gewone mensen.' Ze waren altijd al ,,een beetje anders' (Van Nieuwenhoven), ,,een mensenmens' (Saskia Noorman-Den Uyl) of ,,kritisch, maar dat zegt waarschijnlijk iedereen' (Jet Bussemaker).

Ook al vinden maar enkelen dat ze zelf fouten hebben gemaakt (Sharon Dijksma: ,,Ik vond vorig jaar: als de fractie wordt afgestraft, slaat dat ook op mij', Harm Evert Waalkens: ,,Ik heb mijzelf verwijten gemaakt na de verkiezingsnederlaag'), bijna allemaal hebben ze hun werkwijze aangepast. De belangrijkste verandering is waarschijnlijk dat ze nu allemaal een regio vertegenwoordigen, waar ze zo vaak mogelijk komen.

Een andere verandering is dat ze minder met organisaties en meer met gewone mensen proberen te praten. Ella Kalsbeek: ,,Als ik nu ergens op werkbezoek kom, bijvoorbeeld in een verzorgingshuis, dan praat ik eerst met de mensen zelf, daarna met de verzorgenden en dan pas met de directie.' In die gesprekken proberen ze te luisteren in plaats van meteen met de oplossing te komen die de partij toch al voor ogen stond. Peter van Heemst: ,,Je moet begrijpen wat de problemen zijn. Niet meteen met een oplossing komen. Voor veel PvdA'ers is dat een geweldige ontdekking.' Een enkeling is ook van portefeuille veranderd: Ella Kalsbeek, Sharon Dijksma (,,Ik dacht: dat is goed als je het roer om wilt gooien').

En het denken staat niet stil. Zo wordt serieus nagedacht over de inrichting van kantoortjes in de regio, waar mensen terecht kunnen met vragen en problemen. Ook wordt gedacht aan `een ombudsfunctie', zoals de SP die ook kent. José Smits: ,,Het is belangrijk om te laten zien dat je wat doet met waar de mensen mee komen. Daarom heb ik voorstellen gedaan voor een soort ombudsfunctie, waar vragen worden geordend en ook behandeld.'

Er zijn er die vinden dat het kiesstelsel moet worden veranderd. Nebahat Albayrak: ,,Ik heb altijd kritiek gehad op het systeem, dus dat we geen districtenstelsel hebben. Daardoor ben je onzichtbaar bij de achterban.' Of anders in elk geval de werkwijze van de Tweede Kamer in Den Haag. Ella Kalsbeek: ,,Ik vind dat we voor het contact met de mensen meer tijd vrij moeten maken. Zelf denk ik tegenwoordig bij een erg technisch wetsvoorstel: allez, dat toetsen we marginaal.' Want één ding is zeker: zoals het was mag het niet meer worden. Jet Bussemaker: ,,Ons grootste risico is dat het werk hier ons weer opslokt. Dat we weer ruzie gaan maken over wie welk overlegje mag doen. We zouden ruzie moeten maken over wie het land in mag.'

    • Gretha Pama