`Laten we de auto bewoonbaar maken'

Vandaag is de AutoRai begonnen, de tweejaarlijkse autobeurs die naar verwachting een half miljoen bezoekers trekt. Meubelontwerper Jan des Bouvrie beoordeelt het aanbod. `Waarom zit in nieuwe auto's geen espresso-apparaat?'

Halverwege het gesprek komt zijn vrouw Monique binnenlopen. Of ze de autosleutels van de Porsche even mag lenen. Haar vier jaar oude Landrover staat alweer stil. ,,Maar een nieuwe wil ze niet'', zegt Jan des Bouvrie. ,,Ze vindt het nieuwe model net een pausmobiel. En die mooie Cayenne wil ze ook niet. Dat is gewoon een hoge Porsche, zegt ze.''

Aan een auto kan je net zo verknocht raken als aan een huis, zegt de meubelontwerper. Hij was net aan het vertellen over een vriend in Londen die zijn Bentley had verkocht, maar spijt kreeg. ,,Hij heeft hem teruggekocht. Hij miste de geur. Een auto ruikt op den duur naar jezelf. En een Bentley koop je voor het leven. Ik heb de mijne net ook weer teruggekocht van Herman Heinsbroek.'' Toen Heinsbroek vorig jaar minister werd en voortaan op de achterbank van zijn tweedeurs Bentley moest gaan zitten, kocht hij de vierdeurs van vriend en buurman Des Bouvrie.

Het gesprek gaat over auto's. Over de buitenkant en de binnenkant, maar niet over de motor. ,,Wat er onder de kap zit, interesseert me niets.'' De aanleiding is de AutoRai in Amsterdam, de tweejaarlijkse autoshow die vandaag is begonnen. Jan des Bouvrie is overal, dus ook in de Rai. De interieurspecialist heeft een Ford Fusion onder handen genomen. Hij heeft de vierkante gezinsauto, een kruising tussen een jeep en een stationwagon, zwart laten spuiten en voorzien van zwartleren stoelen met een witte streep. ,,Een klein detail. Maar die

witte strepen geven het interieur meer sfeer.''

Auto's zijn voor Des Bouvrie vooral `vorm'. Op de autoshow in Parijs, afgelopen najaar, zat hij rustig een half uur op een krukje de ronde vormen van de nieuwe Bentley Continental GT Coupé te bewonderen. En toen de nieuwe Rolls-Royce Phantom onlangs twee dagen in het geheim bij importeur Hessing in De Bilt stond, maakte hij meteen een gaatje vrij in zijn agenda.

Des Bouvrie is dol op auto's. Al vanaf zijn negentiende, toen hij een 2CV bestel kocht, maakt hij op autogebied naar eigen zeggen dezelfde keuzes. Alleen kocht hij vroeger witte auto's en is nu zwart zijn lievelingskleur. In zijn garage staan zes auto's, de haperende boodschappenwagen van zijn vrouw niet meegeteld. Zijn Bentley Arnage, een nieuwe Porsche 911 Targa (,,daar rij ik het liefste in''), een Porsche Speedster uit 1958, een Ferrari 250 uit 1965, een Ferrari Dino uit 1971 en een Chevrolet Corvette uit 1959. Zijn klassiekers hebben ronde, sensuele vormen, die hem nooit vervelen. ,,Hoe vaak ik er ook

omheen loopt, er gaat nooit iets irriteren.''

Zijn Corvette met roze interieur trok afgelopen zomer op een pleintje in Saint-Tropez meer bekijks dan een Ferrari van een Italiaan, het nieuwste model met van die grote windhappers. En terecht, zegt Des Bouvrie. ,,Die nieuwe Ferrari is een penispraalzuchtwagen; alsof je met je gulp open op de fiets zit. Als ik naar die Corvette kijk, zie ik de mooie Amerikaanse ontwerpen van de jaren vijftig voorbijtrekken.''

De ontwerper heeft zich nog nooit aan de buitenkant van een auto gewaagd. Maar de binnenkant, daar heeft hij wel ideeën over. Hij deed al eens de styling van een Fiat en een Ford Scorpio. En nu heeft Ford hem gevraagd mee te denken over interieurs, over kleuren en stoffen. Enthousiast laat hij een aantal kleurige schetsontwerpen zien voor de Ka. ,,Misschien roepen ze een keer: kom naar Engeland en maak een compleet nieuw interieur. Zou ik erg leuk vinden. Ik heb de power en een creatieve ontwerpgroep met twaalf mensen. Met mijn knowhow over wonen – hoeveel uren brengen we niet de auto door? – kunnen we de auto weer bewoonbaar maken.

,,Mijn handen jeuken. Er kan nog geweldig veel verbeterd worden. Kijk eens beter naar autogordels. Of je in een middenklasser rijdt of in een auto van een ton, het is altijd dezelfde ellende. En stoelen? Of ze zitten te hard of het zijn van die kant-en-klare broodjes.

,,Als ik in mijn auto kruip, in mijn Porsche, kom ik in mijn eigen domein. Daar voel ik me lekker in. Zo horen auto's te zijn. Het is een jarenlange ergernis van me dat de ontwikkeling van het exterieur van auto's fantastisch is. Maar binnen is het armoe. Binnen is het nog altijd: hoe kunnen we het zo goedkoop mogelijk maken. En niet: hoe kunnen we het zo comfortabel mogelijk maken. Waarom zit in nieuwe auto's bijvoorbeeld geen espresso-apparaat? En een ijskastje voor je flesje Spa?''

De techniek heeft de creativiteit in de auto-industrie verdrongen, concludeert Des Bouvrie. Hij ziet wel regelmatig leuke, vernieuwende sportauto's, maar de meeste middenklassers zijn hem veel te grijs. Het is tijd, zegt de ontwerper, dat de rollen worden omgedraaid: eerst moet de vorm aan bod komen, en daarna pas de techniek en de productie. ,,Ook de auto-industrie moet voor mensen ontwerpen. Met minder grappen en grollen, met minder kunststof en materialen. Zo heb ik samen met Ikea het Nederlandse interieur de afgelopen decennia ook veranderd: eerst de schrootjesplafonds en het schoon metselwerk uit de woonkamer. Heel simpel, dat is altijd mooier.''