Ik ken het geheim

Op zoek naar het ideale modebeeld voor 2003 krijgt de bezoekster van `Woman by' tegenstrijdige antwoorden.

Het is iedere ochtend weer hetzelfde geneuzel. Je staat voor je kleerkast, trekt de deur open en denkt: broek of rok? Stel dat je voor de tweede optie kiest, omdat de zon zo uitnodigend door het slaapkamerraam schijnt, dan ben je er nog lang niet. Want de volgende vraag dient zich onmiddellijk aan: netjes knielang of toch een wat gewaagder minirokje? En wat voor panty hoort daarbij, een traditionele zwarte of die veel hippere netpanty? Essentieel is ook de keuze van de schoenen. Op hoge hakken lijk je een stuk zelfverzekerder en vijf kilo lichter, maar die kistjes van Dr. Martens lopen veel lekkerder en reduceren bovendien het tuttigheidsgehalte van de rok.

,,Kleding heeft magische kanten'', zegt de Belgische modeontwerpster Veronique Leroy in de catalogus van Woman by, de modetentoonstelling in het Centraal Museum in Utrecht. ,,Je past een colbertje en je voelt je meteen anders, zekerder, sexy-er of juist stoerder, je houding verandert, je manier van zijn en in de spiegel zie je een kant van jezelf die je nog niet eerder zag. Dat is geniaal. En het mooiste is: anderen zien het ook aan je.''

Mannen hebben het zoveel gemakkelijker. Voor hen zijn een leuk pak en af en toe een nieuw overhemd voldoende om goed gekleed door het leven te gaan. Damesmode is daarentegen zo grillig als het karakter van een puberend meisje. Heb je net je garderobe volhangen met stemmig grijs, blijkt bordeauxrood de nieuwe modekleur te zijn. Je kunt jarenlang getraind hebben om net zo'n strak kontje als Madonna te krijgen, en vervolgens ontdekken dat de dikke billen van Jennifer Lopez het nieuwe schoonheidsideaal vormen. Alleen al daarom is Woman by een geschenk uit de hemel. Voor de entreeprijs van acht euro, zo belooft de folder, geven negen internationale topontwerpers op deze tentoonstelling hun visie op de vrouw anno 2003 – een onbetaalbaar advies.

In de eerste zaal zet de Engelse modekoningin Vivienne Westwood (1941) meteen de toon. `Overdress when in doubt', staat er in zwierige letters op de muur geschreven. Oftewel: kleed je bij twijfel zo uitbundig mogelijk. Kijk, aan zo'n tip heb je wat. Onder het motto `koketterie is een kracht' maakt Westwood mode die alle rondingen van het vrouwelijk lichaam benadrukt. Ze herintroduceerde het korset, waardoor borsten opnieuw richting kin werden geduwd en heupen ongegeneerd breed mochten zijn. Maar anders dan in de achttiende en negentiende eeuw, toen ingesnoerde tailles van veertig centimeter omtrek niet uitzonderlijk waren, veroorzaken de korsetten van Westwood geen ernstige vergroeiingen. Haar zogenaamde `Statures of Liberty' hebben elastische zijvlakken en een ritssluiting, zodat ze altijd als gegoten zitten.

Een kleine dertig jaar geleden bepaalde Westwood het gezicht van de punkbeweging, samen met haar vriend Malcolm McLaren vanuit hun excentrieke kledingwinkeltje `Sex' op de Londense King's Road. In de jaren tachtig ontwierp ze de hilarische piratenpakken van Bow Wow Wow en Adam and the Ants. Nu laat ze zich inspireren door de eeuwenoude kostuums uit het Victoria & Albert Museum. Haar mannequins, die in Utrecht gepresenteerd worden op voetstukken van witgeschilderde boeken, dragen weelderige jurken en hoge pruiken van watten. Ze hebben wel wat weg van de achttiende-eeuwse portretten van Thomas Gainsborough – hautaine wichten met op hun hoofd jeukende suikerspinnen van soms wel een halve meter hoog. Niemand keek vreemd op als er weer eens een dame vlam vatte, omdat ze met haar haren in een kroonluchter bleef hangen.

Dellerig

Als we Vivienne Westwood moeten geloven is de moderne vrouw dus flamboyant, aristocratisch en een tikkeltje dellerig. Maar al in de tweede zaal van de tentoonstelling wordt dat ideaalbeeld onderuitgehaald door Ann Demeulemeester (1959), de Belgische ontwerpster die zelf louter zwart draagt en haar modellen het liefst zo androgyn mogelijk kleedt. Haar creaties kunnen zowel door mannen als door vrouwen gedragen worden, zo blijkt uit de videoregistraties van haar laatste twee shows. De vrouwen van Demeulemeester zijn met hun donker opgemaakte ogen, sluike zwarte haren en tengere lichamen stuk voor stuk het evenbeeld van de zangeres Patti Smith toen ze nog jong was. Ze dragen T-shirts met afgeknipte mouwen, leren broeken en doorzichtige hemdjes met veel riempjes en reepjes textiel – een stijl die direct verwijst naar de New-Yorkse underground van de jaren zeventig en die dankzij de rock 'n' roll-revival van bands als The Libertines en The Hives weer helemaal in is.

Maar als twee vakvrouwen als Westwood en Demeulemeester het al zo oneens zijn over het toekomstige vrouwbeeld, hoe komen wij dan te weten wat we aan moeten trekken? Het is met de mode net als met de beeldende kunst: iedereen volgt zijn eigen luim en door de veelheid aan opvattingen is het onmogelijk om nog een toonaangevende trend of stroming aan te wijzen.

Vroeger was dat wel anders, zo blijkt op Woman by. De tentoonstelling is aangevuld met schilderijen en kostuums uit de eigen collectie van het Centraal Museum waaruit af te lezen is hoe uniform de westerse vrouwenmode in de afgelopen eeuwen geweest is. Tussen de Franse robe uit 1760, die voorzien is van zulke brede heupstukken dat de draagster dwars door de deur moest, en de baljaponnen met het typische dikke-kontensilhouet van Charles Frederick Worth uit 1880, zit ruim een eeuw. Maar de basisprincipes – een strak lijfje, een omvangrijk middendeel en een wijde rok die tot op de grond reikt – bleven al die tijd hetzelfde.

Pas aan het begin van de twintigste eeuw begonnen modes, dankzij de opkomst van de fotografie en de filmindustrie, elkaar in een sneller tempo op te volgen. Tot de eeuwwisseling was de rijpe, volslanke vrouw van rond de veertig het toppunt van erotiek. Maar dan introduceert de Franse couturier Paul Poiret als nieuw schoonheidsideaal zijn zestienjarige muze, de tengere Denise. Knielange jurkjes met hoge tailles, harembroeken en kimono's, zijn de kledingstukken die de mode in de jaren twintig drastisch veranderen. Nieuwe korsetten drukken boezem en billen nu juist plat en er zijn zelfs al vrouwen die hun borsten operatief laten verkleinen om aan het jongensachtige ideaal te voldoen. Een voorbarige beslissing, zo blijkt als tien jaar later het zandloperfiguur weer in trek komt.

Het is het begin van een golfbeweging die tot op de dag van vandaag voortduurt: van de jaren vijftig met Marilyn Monroe, die op ongelijke hakken liep om extra sexy te kunnen heupwiegen, tot de graatmagere Twiggy in de jaren zestig, van bh-verbrandingen tot push-up-bh's en van Pamela Anderson mét tot Pamela Anderson zonder siliconen.

Tegenwoordig zijn het vooral de popsterren die het modebeeld bepalen. Op MTV en TMF is dankzij zangeressen als Britney Spears en Christina Aguilera zoveel bloot te zien dat meisjes nu al op tienjarige leeftijd met blote navels in de klas verschijnen. Zoiets vraagt natuurlijk om een tegenreactie.

De Turks-Cypriotische ontwerper Hussein Chalayan (1970) roept al jaren dat producten te vaak verkocht worden op basis van sex-appeal. ,,Mode, zoals we die nu te zien krijgen op televisie, is eigenlijk steeds meer op popvideo gaan lijken'', zegt hij in de catalogus van Woman by. ,,Het gaat om het spektakel, om een nieuw type glamour. We zijn zo gewend geraakt om dingen op hun uiterlijke verschijning te beoordelen dat ik me afvraag of er geen andere manieren zijn om de wereld te begrijpen. Ik probeer kleding te ontwerpen die vrouwen in staat stelt hun rol in de samenleving te veranderen, die andere definities van sexy suggereert dan decolleté of naaldhakken. Een lichaam kan ook sensueel worden door een stiksel in een naad of door de valling van een stof.''

In zijn nu al legendarische show Between s/s 1998 maakte Chalayan zijn standpunten duidelijk door een naakte vrouw net zolang met hoofddoeken en chadors te bedekken tot ze van top tot teen gesluierd was. Hij wilde benadrukken dat ieder mens naakt geboren wordt en gaandeweg een identiteit ontwikkelt die cultureel bepaald is. Tegelijkertijd leverde hij met zijn kledinglijn kritiek op de moslimcultuur. In Utrecht gaat Chalayan een stap verder door de mode helemaal achterwege te laten. Zijn bijdrage aan de tentoonstelling bestaat uit drie `Objects of Contemplation': een trampoline, een biechtstoel en een doodskist in de vorm van een bootje.

Dietrich

De vraag hoe de ideale vrouw van de 21ste eeuw eruitziet, is daarmee nog steeds niet beantwoord. Vivienne Westwood noemt Marlène Dietrich als haar voorbeeld. Volgens John Galliano van couturehuis Christian Dior is Kate Moss de Marilyn Monroe van deze tijd. Afgaande op zijn nieuwe couturestukken zal de moderne vrouw zich hullen in wollen eskimosokken en vrolijk gekleurde Nepalese gewaden. De Belg Martin Margiela ziet haar het liefst in een oud donzen dekbed rondlopen, terwijl de Japanner Junya Watanabe zijn modellen in gebloemde parachutes hijst. De vrouw van de toekomst is, kortom, een diva, een schoolmeisje, een beach-babe of een hippie – afhankelijk van het seizoen.

De heldin van de Duitse ontwerper Bernard Willhelm, met zijn dertig jaar de jongste in het gezelschap, is Pippi Langkous. Op de tentoonstelling laat hij alleen een video zien van een meisje dat in een veel te lang T-shirt met clownprint yoga-oefeningen uitvoert. ,,Een vrouw kan een vuilniszak dragen en er fantastisch uitzien'', zegt Willhelm. ,,Wat een vrouw met mijn kleren zegt is dat status haar geen reet kan schelen, dat ze vrij en blij is en dat ze lol wil hebben. Een vrouw hoeft niet sexy te zijn, als ze maar humor heeft. Een open geest is voor mij veel belangrijker dan schoonheid.''

Het is een dooddoener, maar de gedachte stelt ook gerust.

`Woman by'. T/m 18 mei in het Centraal Museum, Nicolaaskerkhof 10, Utrecht. Di t/m zo 11-17u. Inl: 030-2362362 of www.centraalmuseum.nl. Catalogus €39,90.