Alles Walzer!

De 64 debutanten op het Wiener Ball in Noordwijk wagen zich vanavond niet aan de moeilijke Linkswalzer. ,,Ze zouden duizelig worden'', zegt danslerares Mitzi Wesseling.

Vanavond is het bal! In Huis ter Duin in Noordwijk zullen vier-en-zestig debutanten tijdens een feestelijke ceremonie het jaarlijkse `Wiener Ball' openen. De jongens gekleed in rok met witte handschoenen en zwarte lakschoenen en de meisjes met witte avondjurk, witte lange handschoenen en een kroontje op het hoofd zullen op de klanken van de Fächerpolonaise van Carl Michael Ziehrer langzaam binnenschrijden. Daarop volgt een quadrille op muziek van Die Fledermaus van Johann Strauss en dan wordt er natuurlijk gewalst. Want de Weense wals, daar gaat het om bij een Weens bal.

De debutanten van vanavond hebben er elf zondagmiddagen op geoefend, dus hopelijk gaat het hun goed af. Ze zullen overigens alleen rechtsom walsen. Linksom, de `Linkswalzer', is te hoog gegrepen, aldus danslerares Mitzi Wesseling. ,,Ze zouden duizelig worden!'' zegt ze. ,,De wals is nog altijd de snelste dans die er is. Als je linksom walst, moet je je benen links voorkruisen, om elkaar heen draaien en daarbij de vaart er goed in houden – dat houden deze jongens en meisjes niet vol.''

Dat is begrijpelijk: in Nederland krijgt de jeugd de wals nu eenmaal niet met de paplepel ingegoten zoals in Oostenrijk. In dit land, en zeker in Wenen, spreekt het vanzelf dat op alle bals linksom gewalst wordt. En dan hebben we het nog niets eens over de Hogeschool van de Linkswalzer: de Fleckerlwalzer. Hierbij blijft een danspaar tijdens het walsen op precies dezelfde plaats om zijn as ronddraaien. Oorspronkelijk deed men dit op een ronde tafel met een doorsnee van één meter. Tijdens het beroemde Operabal in Wenen, dat als voorbeeld dient van het `Wiener Ball' van vandaag, wordt deze danskunst elk jaar weer vertoond. Uit de debutanten worden een of meer paren geselecteerd die onder gejuich van de toeschouwers walsen op één vierkante meter.

Uit het succes van onze eigen Nederlandse walskoning André Rieu blijkt dat de wals en de erbij behorende muziek bijzonder populair zijn. Toch waren er aanvankelijk nogal wat bezwaren tegen deze dansvorm, die in de 18de eeuw ontstond. In die tijd was dansen een tamelijk strak geregelde aangelegenheid, waarbij alle paren rekening met elkaar moesten houden. De quadrille bijvoorbeeld, die gedanst werd in groepjes van vier of een veelvoud daarvan, bestond uit waardige afgemeten bewegingen. Vanavond zal dat te zien zijn. Zo keurig ging het ook bij de menuet, een toen erg geliefde Franse gezelschapsdans. De dansers naderden elkaar hierbij met de nodige buigingen, revérences en kleine stapjes.

En toen was daar opeens de wilde wals! Vanaf 1780 werden de Weense salons veroverd door de Walzer (walzen = draaien), die zich had ontwikkeld uit de Duitse Ländler, een populaire volksdans. Jong en oud, rijk en arm, edelman, burger en arbeider – iedereen zwierde in de rondte. Het aantrekkelijke van de nieuwe dans was dat deze niet groepsgewijs, maar individueel, per paar, werd gedanst. Je hoefde niet meer in groepen van vier, acht of zestien tegelijkertijd de verplichte passen uit te voeren en een bepaalde `route' door de zaal te volgen, maar je danste gewoon met zijn tweeën waar je maar wilde. Het gevolg was een uitbundig durcheinanderwirbeln van de feestgangers. Een tweede nieuwigheid was dat de danspartners elkaar goed moesten vasthouden, ja zich aan elkaar moesten vastklemmen.

Juist daarom hadden de autoriteiten er grote moeite mee. De wijze waarop man en vrouw elkaar vasthielden achtten zij veel te intiem: de wals was zedeloos, want hij bracht openlijk zinnelijkheid in de omgang tussen de seksen. De nieuwe dans werd daarop aan het keizerlijke Hof verboden. Maar het enthousiasme was niet te stuiten en tijdens het Weens Congres (1814/5) brak de wals definitief door. Zoals bekend kenmerkte dit Congres zich vooral door het uitgebreide feestprogramma. Een van de deelnemers, graaf August de la Garde, beschreef de `macht' van de wals: ,,Zodra de eerste maten klinken stralen de gezichten, schitteren de ogen en gaat er een rilling door de zaal. Zie hoe de vrouwen, meegesleept door de onweerstaanbare muziek en gevlijd in de armen van hun partner, uiteindelijk een `extatische Wonne' bereiken en dan, door vermoeidheid gedwongen, de hemelse sferen moeten verlaten.''

Op het Weense bal van hedenavond zal men het verschil tussen de zedigheid van de oude dansen en de roes van de wals goed kunnen zien. Na de keurige passen van polonaise en quadrille zullen de debutanten voor de ogen van familie, vrienden en andere balgasten mogen rondwalsen. Vervolgens zullen de Oostenrijkse ambassadeur en de vip-achtige eregasten op de dansvloer mogen.

En dan komt het grote moment dat de Dansmeester, in dit geval Mitzi Wesseling, het bal officieel voor iedereen geopend zal verklaren. Dit gebeurt met de traditionele kreet Alles Walzer!. En dan begint hopelijk een bal in hemelse sferen met extatische Wonne.