Winst Shell speelbal mogelijke oorlog

Oorlog en terrorisme zijn de woorden die bepalend zullen zijn voor de resultaten van het olieconcern Shell dit jaar.

Toen de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell gistermiddag de Veiligheidsraad toesprak zat Jeroen van der Veer niet aan de buis gekluisterd. ,,Ik zat in een vergadering'', zei de bestuursvoorzitter van Koninklijke Olie, de Nederlandse tak van het Nederlands-Britse olieconcern. Toch zal een aanval op Irak verregaande consequenties hebben voor de resultaten van het concern. Niet voor niets domineerde één rood vierkantje vanochtend de presentatie van Shell over de jaarscijfers en de vooruitzichten: Irak, terrorisme, Opec, herstel wereldeconomie?

Een aanval op Irak kan immers de olieprijs beïnvloeden, oliestromen hinderen en de wereldeconomie een tik geven. Ook zouden terroristen het bedrijf op de korrel kunnen nemen. Maar een aanval op Irak kan Shell ook geld opleveren omdat een nieuwe regering in Irak buitenlandse oliemaatschappijen nodig zal hebben voor het herstel en de verdere uitbreiding van de oliesector. Dan zal het olierijke Irak, met de op één na grootste voorraad ter wereld, wellicht ook weer toegankelijk worden voor Shell.

Grote onzekerheden dus waar bedrijven weinig invloed op kunnen uitoefenen en waardoor de vooruitzichten van het concern nog voorzichtiger zijn dan gewoonlijk. ,,Wij willen geen oorlog, maar moeten afwachten wat er gebeurt'', zei Van der Veer vanmorgen bij de presentatie in Den Haag. Over mogelijke nieuw contracten in Irak wil hij niet praten. ,,Om nu al te praten over wat er gebeurt met de buit, dat vind ik een beetje primitief.''

Wel hoopt de bestuursvoorzitter dat er, na een militair conflict, een eerlijke concurrentie zal zijn tussen olieconcerns en dat de nationaliteit van de bedrijven niet van invloed zal zijn op de verdeling van nieuwe contracten. Ook Van der Veer hoort de speculaties dat Amerikaanse bedrijven grotere kansen zouden hebben op de contracten om de gigantische oliereserves van Irak, de grootste na Saoedi-Arabië, te ontwikkelen.

De huidige vrees voor oorlog en de gevolgen daarvan hebben vooral consequenties voor de belangrijke divisies `exploratie en productie' – het zoeken naar olie en het oppompen –en `olieproducten' – de verkoop via de tankstations. In 2002 zag de eerste het resultaat dalen met 13 procent naar 7 miljard dollar en `olieproducten' behaalde een winst van 1,62 miljard, een daling van 47 procent. Lagere gasprijzen, hogere afschrijvingen en dramatisch lagere raffinagemarges zorgden ervoor dat het effect van de hogere olieprijzen bijna teniet werd gedaan. Als een militair conflict de olieprijs opdrijft is dat positief voor de divisie exploratie, maar de olieproducten en de chemie hebben dan te lijden van de duurdere grondstoffen, de ruwe olie.

Shell gaat wel verder met de jaarlijkse forse investeringen van 12 miljard dollar, met één uitzondering. In chemie wordt de komende vijf jaar 1,2 miljard dollar minder geïnvesteerd. ,,Er zal in de chemiesector de komende jaren een zwakkere winstgevendheid zijn, we zetten dus de tering naar de nering'', aldus Van der Veer. In 2002 maakte deze divisie een winst van 489 miljoen dollar.

Specifieke vooruitzichten geeft Shell nooit, en vanmorgen werd zelfs zeer voorzichtig gedaan over de prognose van de olie- en gasproductie. Het bedrijf heeft als doel de productie met 3 procent per jaar te doen groeien, maar zei vanmorgen voor het eerst dat dit het ,,potentieel'' is om te groeien en dat de winstgevendheid van de productie veel belangrijker is. Shell is bijvoorbeeld niet van plan om olievelden waar het winnen van de olie een kostbare zaak is, geforceerd in productie te nemen om de vastgestelde doelen te halen. De winst over heel 2002 kwam uit op 9,2 miljard euro.