Taak VS: diplomatieke coup

Colin Powell presenteert vandaag in de VN bewijzen tegen Irak. Zijn optreden roept een vergelijking op met de Cuba-crisis in 1962.

Als een schim uit een ver verleden zweeft de geest van Adlai Stevenson vandaag boven de vergadertafel van de VN-Veiligheidsraad. Colin Powell, Amerika's minister van Buitenlandse Zaken, presenteert in een speciale open zitting de vermeende nieuwe bewijzen tegen Irak en de vergelijking met een thrillerachtig moment uit de Koude Oorlog is onvermijdelijk. Als VN-ambassadeur van president Kennedy toverde Stevenson op 25 oktober 1962 tijdens een spoedzitting van de Veiligheidsraad ogenschijnlijk uit het niets fotografisch bewijs van Sovjet-raketten op Cuba te voorschijn. Stevenson overdonderde daarmee zijn Sovjet-collega en droeg in hoge mate bij aan de beeindiging van de crisis. De wereldopinie koos de kant van Amerika. En een paar dagen later beloofde Moskou de wapens weg te halen.

Powell staat vandaag voor de taak ook zo'n diplomatieke coup te plegen, die op slag de wereldopinie verandert en Amerika alsnog massale steun bezorgt. Zijn optreden is cruciaal voor de coalitievorming tegen Irak en het overtuigen van critici als Frankrijk en Rusland. Washington heeft de verwachting getemperd dat Powell vandaag zijn `Stevenson-moment' beleeft. Powell zei vorige week dat hij ,,dolgraag over dergelijk materiaal zou beschikken'' als Stevenson, maar ,,of het zo overtuigend zal zijn als de foto's van Adlai Stevenson weet ik niet''. Eergisteren zei hij dat hij ,,geen smoking gun'' zal presenteren, wel een ,,sober en dwingend bewijs'' van Iraks kuiperijen.

Door de VN-Veiligheidsraad te kiezen als voorlopig sceptisch forum, met de wereldopinie als voorlopig sceptisch publiek, spelen de VS hoog spel. Powells optreden zal hoe dan ook worden vergeleken met de overrompelende presentatie van Stevenson, een mislukte Democratische presidentskandidaat, die net als Powell gold als een duif binnen de regering.

Het `Stevenson-moment' was een zeldzaam staaltje diplomatiek drama tijdens de Koude Oorlog, op televisie zichtbaar voor de hele wereld. Op 22 oktober 1962 blokkeerden de VS Cuba met oorlogsschepen, met als reden dat Moskou raketten en raketbases installeerde op het eiland. Drie dagen later volgde een confrontatie in de Veiligheidsraad tussen Stevenson en de Russische VN-ambassadeur Valerian Zorin. Toen Zorin bleef zeggen dat de VS geen bewijs hadden voor hun beschuldigingen, vroeg Stevenson:

,,Ontkent u, ambassadeur Zorin, dat de USSR [Sovjet-Unie] kortere- en middellange-afstandsraketten en -installaties geplaatst heeft en nog steeds plaatst op Cuba? Ja of nee? Wacht niet op de vertaling. Ja of nee?''

,,Ik sta niet voor een Amerikaanse rechtbank, meneer'', antwoordde Zorin. [Vervolg POWELL: pagina 5]

POWELL

In de rechtszaal van de wereldopinie

[Vervolg van pagina 1] Zorin vervolgde, terwijl de andere VN-ambassdeurs nog steeds lachten om de toon van Stevenson: ,,En daarom wil ik niet antwoorden op een vraag die mij gesteld wordt op een manier zoals een aanklager vragen stelt.''

Stevenson: ,,U staat nu in de rechtszaal van de wereldopinie.''

Zorin: ,,Gaat u door met uw verklaring, meneer Stevenson. U krijgt te zijner tijd antwoord.''

Stevenson: ,,Ik ben bereid te wachten op mijn antwoord tot de hel dichtvriest, als dat uw beslissing is. Ik ben ook bereid om het bewijs in deze zaal te presenteren.''

Op dat moment zwaaiden, volgens afspraak, de deuren van de zaal van de Veiligheidsraad open en rolden medewerkers van Stevenson twee schildersezels naar binnen: zij plaatsten daarop 26 vergrote foto's genomen door U2-spionagevliegtuigen, waarop de Sovjet-raketlocaties in het westen van Cuba, zo'n negentig mijl van Florida, te zien waren. De Russen waren betrapt op een prime-time-leugen, met de wereld als getuige.

Ook president Kennedy was onder de indruk van Stevenson, getuige zijn uitspraak: ,,Ik heb nooit geweten dat Adlai het in zich had.'' Het politieke effect was ,,enorm'', noteert Stanley Meisler in zijn boek United Nations The First Fifty Years. De VS kregen de internationale opinie aan hun kant. En uiteindelijk was de crisis drie dagen later voorbij door toedoen van Kennedy en Sovjet-leider Chroesjtsjov, uitmondend in een nucleaire ontmanteling door de Sovjet-Unie op Cuba.

Pakken de VS met Powell voorop de Iraakse crisis nu net zo trefzeker aan als ze met Stevenson destijds deden in de Cuba-crisis, nu net als toen op de rand van een oorlog en met opnieuw massavernietigingswapens in het geding? Een belangrijk verschil tussen 1962 en 2003 is volgens historicus Arthur M. Schlesinger jr., die als Witte Huis-medewerker Stevenson bij de VN begeleidde, dat de Cuba-crisis destijds meer als een bedreiging voor de wereldvrede werd gezien dan de Irak-crisis nu. De internationale bezorgdheid was groter. Destijds hadden Amerika en de Sovjet-Unie ,,de technische capaciteit om de wereld op te blazen''. De vermeende Iraakse dreiging van nu is, zei Schlesinger onlangs tegen The New York Times, allerminst te vergelijken met die van de Sovjet-Unie in 1962.

Het is ook om andere redenen de vraag of Powells optreden vandaag hetzelfde effect zal hebben als dat van Stevenson. De VS hebben niet, zo valt op te maken, het onweerlegbare harde bewijs tegen Irak, zoals tegen de Sovjet-Unie. Volgens regeringsfunctionarissen is er ,,minder grafisch bewijs'' en eerder ,,een patroon van bedrog''. Dat heeft volgens hen ook te maken met het feit dat Iraks vermeende chemische en biologische wapens gemakkelijker te verbergen zijn dan raketten.

Powell heeft volgens zijn ministerie een groot deel van de maandag doorgebracht met het selecteren van het geheime inlichtingenmateriaal, dat geschikt is om te openbaren. Daaraan is naar verluidt een intens debat binnen de regering voorafgegaan, zeker met de CIA, over de vraag welke informatie wel of niet kan worden prijsgegeven, met het oog op bescherming van bronnen en spionagemethoden.

Volgens regeringsfunctionarissen zal Powell onder meer satellietfoto's van mobiele Iraakse laboratoria en fragmenten van afgeluisterde gesprekken van Iraakse functionarissen laten zien. Daaruit moet blijken dat Irak nog steeds massavernietigingswapens verbergt en de VN-wapeninspecteurs misleidt. Ook zou moeten blijken dat Irak banden met het terrorisme onderhoudt. Een regeringsfunctionaris suste de afgelopen dagen: ,,Het wordt geen Stevenson-achtige presentatie.'' Richard Haass, de chef beleidsplanning van Powell, sprak eergisteren van ,,eerder aanwijzingen dan bewijs'', en vergeleek Powells informatie met een pointillistisch schilderij van de neo-impressionist Georges Seurat.

Volgens de gezaghebbende Democratische senator Biden is het Amerikaanse bewijs tegen Irak ,,overtuigend''. Maar of de Veiligheidsraad en de rest van de wereldgemeenschap hem dat vandaag en de komende dagen nazeggen, is een ander verhaal. Als Powell geen vanzelfsprekend materiaal aanreikt en geen overtuigende casus belli tegen Irak bepleit, zal de binnenlandse en buitenlandse scepsis slechts toenemen. De rol van Zorin zal vandaag worden vervuld door de Iraakse VN-ambassadeur, die in de raad op Powell zal reageren.

hoofdartikel: pagina 7

WWW.NRC.NL: dossier Irak