Dan maar geen recht, liet koning Mswati weten

Een constitutionele crisis in bergkoninkrijkje Swaziland jaagt buitenlandse investeerders de stuipen op het lijf. De almacht van koning Mswati III dreigt een punt te zetten achter een Afrikaans succesverhaal.

Nathi Dlamini voelt zich dezer dagen net een tweedehandsautohandelaar. Terwijl hij van zijn baas moet blijven lachen, verkoopt hij ,,gehavend materiaal''. Dlamini verkoopt alleen geen auto's, hij verkoopt een koninkrijk.

De directeur van de Swaziland Investment Promotion Authority reist de hele wereld over om investeerders naar het ministaatje tussen Mozambique en Zuid-Afrika te lokken. Het gaat hem steeds moeilijker af nu zijn 34-jarige baas, koning Mswati III, zijn almacht zo wellustig aanwendt dat Dlamini er naar eigen zeggen ,,koude rillingen'' van krijgt.

Swaziland verkeert in een diepe politieke crisis sinds 's lands rechters de vorst hebben verteld dat hij niet het recht heeft per koninklijk decreet te regeren. Van zo'n gebrek aan hoffelijkheid is de laatste absolute vorst in Afrika niet gediend. Dan maar geen rechtspraak, liet Mswati III weten via zijn eerste minister. Premier Sibusiso Dlamini is degene die Swazi's bedoelen als ze het hebben over ,,Mswati's buikspreekpop''.

En nu zit het investeringsbureau met een levensgroot probleem. Nathi Dlamini – geen familie van de premier – heft zijn handen ten hemel. ,,Hoe kan ik gaan lobbyen voor contracten als ik de bedrijven geen onafhankelijke rechters kan beloven die hun investeringen beschermen?''

Hij zegt dat het koninkrijk inmiddels ,,substantiële schade'' heeft opgelopen door de constitutionele crisis. Investeerders heroverwegen hun huidige contracten. Nieuwe geïnteresseerden haken af en kiezen nu liever voor Zuid-Afrika, Botswana of Mozambique. ,,De reputatie die we in honderden jaren hebben opgebouwd is in een paar dagen tijd tot de grond toe afgebroken.''

Swaziland gold als het wonderkind in Afrika onder de Sahara. Tot twee jaar geleden hadden de Swazi's het op drie na hoogste bruto binnenlands product (bbp) per hoofd van de bevolking. Hun levensstandaard was hoger dan in 95 procent van de andere Afrikaanse landen. Met dank aan Mswati's vader, Sobhuza II, die in 1968 koning werd van een onafhankelijk Swaziland, de laatste Afrikaanse kolonie van Groot-Brittannië.

Sobhuza was een man van compromissen, ook al doet zijn bijnaam `de Leeuw' anders vermoeden. [Vervolg SWAZILAND: pagina 15]

SWAZILAND

Swazi's zijn bezorgd

[Vervolg van pagina 13] Hij introduceerde het tinkundla systeem, dat de traditionele rechtspraak verenigde met de westerse. Zo konden de Swazi's naar de chief om hun gelijk te halen, en buitenlandse bedrijven naar de rechter.

Maar wat investeerders vooral naar Swaziland trok, was de onrust in de buurlanden. Het slaperige koninkrijk werd tijdens de hoogtijdagen van de apartheid in Zuid-Afrika toevluchtshaven van bedrijven die de sancties wilden omzeilen.

Ook de verwoestende burgeroorlog in Mozambique maakte Swaziland veruit het meest uitnodigende vertrekpunt voor zaken in zuidelijk Afrika. In het midden van de jaren tachtig, toen in Zuid-Afrika en Mozambique de meeste doden vielen, groeide Swazilands bbp jaarlijks met meer dan 6 procent. Vorig jaar was die groei minder dan 2 procent.

,,Swaziland heeft onze positie in Afrika gered'', zegt directeur Ian King van Coca-Cola. De Amerikaanse frisdrankfabrikant verhuisde eind jaren tachtig het hoofdkantoor in Zuid-Afrika naar het lome commerciële centrum van Swaziland, Manzini. Van daaruit bedienen de Amerikanen, nog steeds, vrijwel de hele markt in Afrika en exporteren ze ook naar Australië en Nieuw Zeeland.

Bedrijven in Swaziland profiteren van Swazilands lidmaatschap van de Zuidelijk Afrikaanse douane-unie (SACU). Ze betalen minder belasting dan in Zuid-Afrika en kunnen in veel landen buiten Afrika rekenen op gunstige tarieven voor hun producten. ,,Maar het zou wel handig zijn als er onafhankelijke rechtspraak was'', zegt King.

Dat vindt ook de Amerikaanse regering. Staatssecretaris William Bellamy voor Afrikaanse Zaken reisde vorige week naar Swaziland om koning en premier nog eens te wijzen op ,,de ongezonde situatie'' in het koninkrijk. Bellamy stipte in dat gesprek ook Mswati's laatste snufje aan: het privévliegtuig ter waarde van 50 miljoen euro. Of die aanschaf nu wel verstandig was als een kwart van de bevolking dringend voedselhulp nodig heeft. Ook het Internationale Monetaire Fonds (IMF), een belangrijke geldschieter van Swaziland, heeft hiertegen gewaarschuwd.

De vraag was niet vrijblijvend. De Verenigde Staten kunnen beslissen over het lot van bijna 20 procent van de beroepsbevolking in Swaziland. Onder de African Growth and Opportunities Act (de Afrikaanse groei- en kansenwet, AGOA) heeft de textielindustrie van Swaziland onbeperkt toegang tot de Amerikaanse markt. De regeling bezorgde sinds 2000 20.000 vrouwen een baan aan het weefgetouw. Amerikaanse twijfels over de goede bedoelingen van de koning zouden de werkloosheid in het land tot zestig procent kunnen opdrijven. Een reëel gevaar, aangezien de Amerikanen de voorwaarden van AGOA dit jaar verder willen aanscherpen.

,,De vraag is of de koning het echt zover durft te laten komen'', zegt Musa Hlophe van de Kamer van Koophandel van Swaziland. Hij is net als iedereen bezorgd maar niet in paniek. Werkgevers en werknemers hebben de handen ineengeslagen om de koning te overtuigen van de noodzaak voor een constitutionele monarchie. Tenslotte heeft Swaziland zijn bestaan te danken aan de goede contacten met de buitenwereld. Al pratend overleefden de Swazi's de Zulu's , de Hollandse Voortrekkers en de Britse kolonisators.

Hlophe: ,,Ik ga er vanuit dat de machthebbers tijdig bij zinnen komen. Swazi's zijn bruggenbouwers, geen straatvechters.''