Onderwijskwaliteit

De onderwijskwaliteit in Nederland dreigt te bezwijken onder de structureel geworden bezuinigingen en onderinvesteringen, betoogde Walter Dresscher op 21 januari in deze krant. De situatie aan de universiteiten vormt een treffend bewijs van deze stelling. Doordat de Nederlandse universiteiten al jaren onvoldoende geld kunnen of willen vrijmaken voor banen voor jonge wetenschapppers en docenten, is een gat in het wetenschappelijke personeelsbestand ontstaan dat een directe bedreiging vormt voor de kwaliteit en zelfs de continuïteit van een groot aantal universitaire opleidingen.

Dit zien we allereerst aan de `gelukkigen' die wel tot de wetenschappelijke staf behoren. Veel afdelingen zijn structureel onderbezet, ook al beweren de rekenmodellen het tegendeel. De verhouding tussen de feitelijk benodigde werktijd en de volgens de rekenregels beschikbare werktijd is vaak volledig zoek. Het aantal stafleden dat een vakgroep kan aanstellen wordt echter uit die rekenuren afgeleid: waardoor het niet ongewoon is dat iemand met een halve aanstelling fulltime (of nog meer) werkt, of dat werk voor zes mensen door drie of zelfs twee mensen wordt gedaan. De beschikbare rekenuren worden vooral gebaseerd op het studentenaantal. Een college voor 30 studenten kost echter veel meer dan de helft van de tijd die hetzelfde college voor 60 studenten kost.

De dringende behoefte aan nieuwe staf in veel afdelingen wordt aldus achter irreële rekenmodellen weggemoffeld. Hierdoor wordt enerzijds de zittende staf gemangeld tussen onderwijs- bestuurs- en onderzoeksverplichtingen, terwijl anderzijds jonge stafleden niet kunnen instromen.

Doordat deze scheve situatie de afgelopen jaren geleidelijk is ontstaan, wordt ze door velen inmiddels als `normaal' ervaren wat de schadelijke gevolgen ervan natuurlijk niet vermindert: tekort schietende begeleiding van studenten, overspannen stafleden, verschraling van het onderwijsaanbod, verwaarlozing van gezin of andere lastige `verplichtingen', etc. Het kunnen combineren van onderwijs en onderzoek, hoeksteen van goed onderwijs èn onderzoek, is voor veel stafleden een mooie herinnering of een nimmer bereikt ideaal. De kwaliteit van onderwijs en onderzoek, de kerntaken van de universiteit, staat door dit alles al jaren ernstig onder druk.