Kasper van Kooten

In het laatste nummer van zijn nieuwe cd zingt Kasper van Kooten zichzelf moed in. ,,Alles is al eens gezongen, alleen nog niet door jou,'' besluit hij – en zo is het: het gaat om zijn persoonlijke geluid, dat niet opzienbarend afwijkt van dat van anderen op het raakvlak tussen pop en kleinkunst. Maar af en toe tis och net weer anders dan wat we al kennen. Door zijn onderkoelde manier van formuleren en zingen, bijvoorbeeld, of door de vindingrijke koortjes waarmee hij sommige nummers lardeerde.

Op een stevig fundament van toetsen, gitaar en bas, waaraan hij zelf de drums toevoegt die hij af en toe ook bij Acda & De Munnik bespeelt, laat Van Kooten twaalf nieuwe nummers horen. Zoals een liedje vol monkelend mededogen over de manier waarop Amsterdam er op de dag na koninginnedag bij ligt, een jeugdsentimentele ode aan Prince, een charmant nummertje over de zomertijd (,,heb ik een uur/ of ben ik het kwijt'') en een lekker loom liedje vol strandoverpeinzingen: ,,Leek dat wolkje nou op haar/ maar ik zie `t al niet meer/ die krengen gaan ook veel te snel.''

Van Kooten is een relativeerder, die zijn muziek graag klein en dicht bij huishoudt. Eén keer geeft hij zijn stem de metalige mix-klank van John Lennon, maar de bijbehorende oerklank is zijn stiel niet. Liever houdt hij zich ongrijpbaar in liedjes met net genoeg onvoorspelbare wendingen en grappige zijweggetjes om oorspronkelijk te zijn.

Kasper van Kooten: Een kwart van m'n hart. Idol ID 0013-2