Veiligheid wordt geen splijtzwam

Grote meningsverschillen over veiligheid zijn er nauwelijks tussen CDA en PvdA, maar er moeten wel wat kleinere hordes genomen worden.

Meervoudig celgebruik, hardere aanpak van illegaliteit of meer politie op straat. Als het om veiligheid gaat, is het zoeken naar verschillen in opvatting tussen PvdA en CDA. Onderhandelingen over te voeren veiligheidsbeleid zal in de formatiebesprekingen nauwelijks tot grote meningsverschillen leiden.

Als CDA en PvdA het over één ding eens zijn, dan is het over de uitbreiding van het politieapparaat. Sterker nog, de 4.000 extra agenten die het huidige kabinet in zijn nationale veiligheidsplan in het vooruitzicht heeft gesteld, gaan de PvdA eigenlijk niet ver genoeg. In de verkiezingscampagne verwees de PvdA herhaaldelijk naar plannen van voormalig minister Klaas de Vries om de politiesterkte met 8.000 man op te voeren.

De in het veiligheidsplan genoemde extra investeringen in de rechterlijke macht en het gevangeniswezen kunnen ook op bijval van de PvdA rekenen. De PvdA zal hoogstens aandringen op meer preventie omdat in het veiligheidsplan nu repressie te veel de overhand heeft. De PvdA zal tijdens eventuele onderhandelingen extra geld vragen voor de reclassering, de jeugdzorg, het tegengaan van schooluitval en voor een slachtofferfonds. Dat fonds moet bijvoorbeeld garant staan voor kosten die slachtoffers maken als ze procederen om geleden schade op daders te verhalen.

Op meervoudig celgebruik rust ook bij de PvdA geen taboe meer. De PvdA kiest voor, weliswaar tijdelijk, meervoudig celgebruik als justitie daarmee kan voorkomen dat gevangenen voortijdig naar huis moeten worden gestuurd.

Ook de in het veiligheidsplan voorgestelde aanpak van zogenoemde draaideurcriminelen kan op instemming van de PvdA rekenen. Draaideurcriminelen kunnen met die aanpak voor een periode van maximaal 1,5 jaar worden opgesloten in speciale detentie-inrichtingen.

De PvdA is terughoudend over de algehele identificatieplicht die demissionair minister Donner (CDA) vanaf 12 jaar wil invoeren. De PvdA is bereid mee te denken aan identificatieplicht vanaf 18 jaar, als de politie daardoor bij ordehandhaving aantoonbaar meer armslag krijgt. Het CDA houdt vooralsnog vast aan algehele identificatieplicht vanaf 12 jaar, zoals Donner heeft voorgesteld.

Het CDA is voorstander van invoering van minimumstraffen voor bepaalde categorieën misdrijven. De PvdA is daar tegen, maar weet zich gesterkt door de opstelling van minister Donner die ook terughoudend is. Onderzoek naar de praktijk in andere Europese landen waar minimumstraffen gelden, moet uitwijzen of het strafrechtstelsel daar wezenlijk anders is dan de Nederlandse praktijk. Vooralsnog lijken de minimumstraffen in andere Europese landen niet wezenlijk hoger te zijn dan de opgelegde straffen in Nederland. Zolang dat onderzoek niet is afgerond, zal invoering van minimumstraffen geen wezenlijk onderhandelingspunt in de formatie zijn.

Het CDA tilt zwaar aan het coffeeshopbeleid. CDA-woordvoerder S. van Haersma Buma heeft in de campagne herhaaldelijk ervoor gepleit te breken met het gedoogbeleid voor coffeeshops.

Het liefst wil het CDA alle coffeeshops sluiten. Zolang dat niet het geval is, moeten in ieder geval coffeeshops in de buurt van scholen en aan de grenzen met Duitsland sterk worden ontmoedigd. Het CDA wil het Nederlandse drugsbeleid aanpassen aan de praktijk in andere Europese landen. De PvdA wil juist het huidige Nederlandse drugsbeleid in het buitenland aan de man te brengen.

Ook over het asielbeleid tonen de verkiezingsprogramma's meer overeenkomsten dan verschillen. Het CDA wil illegaliteit strafbaar stellen. De PvdA wijst erop dat de celcapaciteit ontbreekt om opgepakte illegalen daadwerkelijk op te sluiten. Strafbaarstelling van illegaliteit zal leiden tot een stuwmeer aan strafbare feiten en vervolgens alleen maar zal leiden tot verdere verstopping van het justitiële apparaat.

Het CDA wil de opvang van asielzoekers zoveel mogelijk regelen in de regio van herkomst. Volgens de PvdA is dat al staand kabinetsbeleid, maar blijft het noodzakelijk opvang en verblijf te regelen van in Nederland gearriveerde politieke vluchtelingen. Legalisering van een groep van zo'n 6.000 asielzoekers zal wel een hard punt voor de PvdA zijn. Daarbij gaat het om afgewezen asielzoekers die al jaren in Nederland verblijven en merendeels ook volledig ingeburgerd zijn. Voor die groep wil de PvdA een beperkt algemeen pardon in het leven roepen. Het CDA is daar tegen, vanwege de risico's van aanzuigende werking op nieuwe groepen asielzoekers die in aanmerking willen komen voor een of andere vorm van pardon.

PvdA en CDA verschillen ook van mening over het te voeren integratiebeleid voor nieuwkomers. Zo is de PvdA het niet eens met de wens van het CDA om een inkomenseis van 130 procent van het minimumloon in te voeren voor allochtonen die bruid of bruidegom uit het land van herkomst halen. Het CDA wil daarmee de instroom van nieuwkomers als gevolg van gezinsvorming tegengaan.