`De wolken drukken' op oudkomers

Naast nieuwe migranten, die verplicht inburgeren, volgen ook oudkomers – vrijwillig – het inburgeringsprogramma. ,,Ik wil ook alleen naar de dokter gaan, of met de sociale dienst bellen.''

. De Afghaanse Nouria is niet langer in de rouw: ze heeft haar witte hoofddoek afgedaan. Vier maanden geleden overleed haar vader en volgens de Afghaans-Tadzjiekse traditie moest ze een jaar lang haar hoofd bedekken met een witte doek. Nouria onderbrak het rouwen op dringend verzoek van haar man. Die `zeurde' de laatste tijd steeds vaker dat ze het witte textiel voortaan maar af moest laten. ,,Hij is tegen hoofddoek'', zegt Nouria.

Ondertussen moet de Indonesiër Indra het woord `Allah' dat hij in Arabische tekens op de formicatafel heeft gekalkt van de Marokkaanse Soumaya weer heel snel weggummen. ,,Haram'', zegt ze, wat zonde betekent. Indra, die in Indonesië jaren naast moslims heeft gewoond en derhalve een beetje Arabisch leest, schrijft en spreekt, begrijpt de dwingende nervositeit bij Soumaya. Ze ziet het bekladden van de naam van haar God als een teken van gebrek aan respect. Stel je voor dat iemand er iets bovenop legt, of dat heilige woord met zijn ongewassen hand aanraakt!

Even later zal Soumaya alweer afkeurend knikken als docente Merel Borgesius de groep inlicht over de verschillende vormen van relaties. Dat er vrouwen en mannen zijn in Nederland die ongetrouwd samenwonen, kan ze nog begrijpen, maar dat vrouwen en mannen partners van hetzelfde geslacht hebben, keurt ze af. ,,Haram'', vindt ze. Waarom? ,,Omdat Allah dat zegt.''

De verwarring is compleet, ook bij niet-islamitische inburgeraars, als Borgesius ter illustratie van de verschillende leefvormen vertelt dat ze zelf in een woongroep woont. ,,Hoezo, wacht je op een eigen appartement?'' vraagt Tatjana. Waarom dan wel met wildvreemde mensen samenwonen die niet eens je familie zijn, wil Samuel weten als Borgesius vertelt dat ze vijftien jaar geleden vrijwillig voor de woongroep heeft gekozen. ,,Omdat het gewoon gezellig is'', verklaart Borgesius.

,,Wie weet wat AOW is'', vraagt Borgesius als ze eerst heeft uitgelegd dat bejaarden in Nederland in een eigen woning kunnen wonen, maar ook in een aanleunwoning, een bejaardenhuis of een verpleeghuis als ze ziek zijn en verzorging nodig hebben. Olesea denkt dat de A voor Amsterdam staat. Mustafa vermoedt dat de afkorting moet gaan over ouderen en wonen. Indra weet het juiste antwoord. ,,Het geld dat ouderen van de overheid krijgen.'' Borgesius verklaart: ,Het is een uitkering die alle mensen ouder dan 65 jaar krijgen ongeacht of ze wel of niet hebben gewerkt.'' ,,Weten jullie wat een uitkering is?'' ,,Ja'', antwoordt de klas.

Nu het einde van het inburgeringsprogramma langzaam in zicht komt, moet het aantal taalfouten maar eens minder worden, zegt docente Borgesius tegen de klas. Als de inburgeraars eind april de toets voor niveau 2 moeten afleggen mogen ze nog wel verkeerd spellen, als het woord maar herkenbaar is. De vervoeging van werkwoorden moet correct zijn, meervoudsvormen moeten kloppen en de woorden moeten ook in de juiste volgorde een zin vormen. Nog steeds kiezen de cursisten voor het verkeerde hulpwerkwoord. Als Borgesius een toets teruggeeft, blijkt Soumaya 19 jaar te hebben en doet Indra samenwonen.

Terwijl Borgesius in lokaal 12 op de eerste verdieping recht probeert te trekken wat taalkundig krom is bij haar nieuwkomers, doet haar collega Coos Lohman hetzelfde bij de cursisten in haar klas. Bij Lohman zit ook `oudkomer' Naniah van Motman in de klas. ,,Het is makkelijker mensen een taal te leren die nog niets weten dan mensen die krom praten'', vertelt Lohman als haar klas om half één uit is. Nieuwkomers, zegt Lohman, hebben nog geen kans gehad de taal verkeerd aan te leren. Nederlanders praten krom tegen buitenlanders omdat ze zich zo in eerste instantie beter verstaanbaar kunnen maken, ze beseffen niet dat het op den duur schadelijk is, vertelt Lohman. ,,Ze kunnen het geduld niet opbrengen om goed Nederlands te praten tegen vreemdelingen.''

Voor migranten die al langer in Nederland wonen, is de inburgering niet verplicht. Maar in het eerste halfjaar van 2002 volgden toch 14.600 oudkomers een inburgeringscursus. Het merendeel van hen was vrouw.

Volgens een voortgangsrapportage in het kader van het Groot Project Inburgering Oudkomers (GPIO) die demissionair minister Nawijn (Vreemdelingenzaken en Integratie) vorige week vrijdag naar de Tweede Kamer stuurde, haken steeds minder oudkomers af tijdens de cursus. Begin 2002 maakte 15 procent van de oudkomers de cursus niet af; nu is dat 9 procent. De uitval onder oudkomers schommelt nu rond hetzelfde percentage als dat van de nieuwkomers die een inburgeringscursus volgen.

Werklozen zoals Van Motman die al in Nederland woonden voordat de inburgering in 1998 verplicht werd, vormen de grootste groep oudkomers die zich laten inburgeren. Ze worden door sociale diensten en Centrum voor Werk en Inkomen aangespoord inburgeringsprogramma's te volgen, zodat ze meer kans maken op de arbeidsmarkt.

De van oorsprong Indonesische Van Motman (50) leeft met haar Indonesisch-Nederlandse man van een bijstandsuitkering. Sinds hun huwelijk in 1994 woont ze in Nederland. Nooit aan het volgen van taallessen gedacht, zegt ze, totdat ze een brief van de sociale dienst kreeg waarin werd meegedeeld dat ze zich moest inschrijven. ,,Wel een goed initiatief'', vindt ze, ook al verwacht ze niet dat ze na voltooiing van het programma meteen een baan zal krijgen. Ze heeft gezondheidsklachten. ,,Ik wil ook alleen naar de dokter gaan, of met de sociale dienst bellen.''

Gevraagd naar het voornaamste verschil tussen nieuw- en oudkomers antwoordt docente Lohman dat migranten die al jaren in Nederland wonen ongelukkiger zijn. Die mensen zijn met verwachtingen naar Nederland gekomen, vertelt ze, maar op een gegeven moment zijn ze met de werkelijkheid geconfronteerd en inmiddels weten ze dat ze niet alles kunnen bereiken, dat de taal moeilijk is, dat het hier te vaak regent en dat Nederlanders lang niet altijd aardig zijn. ,,Dan hebben ze ook vaker last van heimwee en zijn ze ook vaker depressief. `Wolken drukken op me', zei een cursist. Dat geloof ik best.''

Dit is de vierde aflevering uit een serie over inburgeren. Eerdere afleveringen zijn te vinden op www.nrc.nl