COMPUTERSPEL VERGROOT WOORDENSCHAT

Door wekelijks twee keer een kwartier te oefenen met het computerprogramma `Schatkist met de muis', vergroten allochtone kleuters hun woordenschat en fonologisch bewustzijn. Dit blijkt uit het onderzoek van de Nijmeegse taalkundige en cognitiewetenschapper Eliane Segers. Segers stond zelf aan de wieg van het computerprogramma van uitgeverij Zwijsen dat is ontwikkeld om ontluikende en beginnende geletterdheid van kleuters te stimuleren. Multimedia support of language learning in kindergarten, twee weken geleden.

Een flink deel van de allochtone kinderen komt groep 1 van de basisschool binnen met een woordenschat tussen de 1000 en 2000 Nederlandse woorden. Ter vergelijk: autochtone kleuters hebben aan het begin van schoolcarrière een woordenschat van ongeveer 3000 Nederlandse woorden. In haar onderzoek vergelijkt Segers twee groepen kinderen. 67 Kinderen speelden twee keer in de week een kwartier woordenschatspelletjes, in feite het aanklikken van plaatjes die bij een gegeven woord horen'': `wat is de bus?' klik! De controlegroep met 97 kleuters volgde het reguliere curriculum en geen computerprogramma. Beide groepen bestonden uit zowel autochtone en allochtone kleuters. Voor het onderzoek waren er minimale verschillen tussen de twee groepen. Na een half jaar boekte alle kleuters met het computerprogramma vooruitgang. De allochtone kleuters begonnen met een woordenschat van amper 1000 woorden en dat nam toe tot 2500 woorden. De allochtonen in de controlegroep kwam in dezelfde tijd van ruim 1000 tot 2000. Autochtone kleuters kwamen met het computerprogramma van ruim 3000 tot 4000, in de controlegroep kwamen ze tot zo'n 3800.

Seegers liet de kleuters uit groep 2 ook wekelijks een kwartier oefenen met andere spelletjes uit Schatkist met de muis: rijmen, woordenplakken en letterherkenning. Daarbij hadden vooral rijmwoorden en letterherkenning een gunstig effect. De voorsprong van deze kleuters was dan ook nog merkbaar bij het formeel leesonderwijs in groep 3.

    • Anja Vink