Bescherm de afvallige

De hele week is het reacties blijven regenen op uitspraken van Ayaan Hirsi Ali over de profeet Mohammed.Ik heb gezocht en gezocht naar reacties van moslims die, desnoods met de stipulering dat zij het diepgaand met Hirsi Ali oneens zijn, opkomen voor haar recht om te zeggen wat zij heeft gezegd. Met uitzondering van Abdulhawid van Bommel, woordvoerder van het Moslim Informatie Centrum Nederland, gisteren in Metro, heb ik niemand gevonden.

Dit is een bittere constatering. Is er dan behalve Van Bommel niet één gelovige die de moed kan opbrengen voor Hirsi Ali te gaan staan om haar te beschermen? Ik voelde me een soort Diogenes die op klaarlichte dag met een lantaarn onder zijn medeburgers zocht naar echte mensen. Zo waarde ik door de kranten, langs de televisiekanalen en op internet. Waar waren nu de verlichte moslims, de gematigden, de bewonderaars van de Nederlandse Grondwet? Waar waren de Aboutalebs en de Karacaers die anders geen ge- legenheid voorbij laten gaan om hun niet-islamitische landgenoten te verzekeren dat niet alle moslims over één kam geschoren mogen worden? Zij roerden zich wel, maar aan de foute kant, de kant van de overdraagzamen, de gekwetsten, de in razernij ontstoken fundamentalisten. Nu hadden zij eens hun nek moeten uitsteken. Dan hadden zij laten zien dat het islamitische geloof wel degelijk in overeenstemming kan worden gebracht met de vrijheidsrechten van het individu. Maar nee.

Wij hebben deze week de schande beleefd dat een gekozen volksvertegenwoordiger de vergaderzaal van de Tweede Kamer heeft moeten betreden in het gezelschap van een lijfwacht. Dit is onverdraaglijk. Het is tot daaraan toe dat andere islamitische Kamerleden de uitlatingen van Hirsi Ali afwijzen of er zelfs door zijn geschokt. Toch zou ik denken: begin niet meteen mee te doen met het stapelen van hete kolen op het hoofd van Ayaan, begin met haar, en in haar persoon de parlementaire democratie, tegen haar be-

lagers te verdedigen.

In de eerste plaats geldt dit verwijt Fadima Örgü (VVD) die zich tegen haar fractiegenote Hirsi Ali keerde. Het is een oude wijsheid dat je een bedreigd individu beschermt door het niet alleen te laten staan. Die solidariteit is bij Örgü ver te zoeken.

Ik heb, wil ik voor de gelegenheid wel bekendmaken, op 22 januari een voorkeurstem uitgebracht op Nebahat Albayrak, nummer 4 op de lijst van de PvdA. Ik geef aan haar verzoenende en depolariserende aanpak van de integratie de voorkeur boven de riskante en uitdagende opstelling van Hirsi Ali. Maar dat is vers twee. Vers één is dat ook Albayrak het nodig heeft gevonden Hirsi Ali naar aanleiding van haar uitspraken over Mohammed publiekelijk af te vallen. Dat heeft me bijzonder teleurgesteld. Er is geen moed voor nodig om in Nederland als moslima demonstratief een hoofddoek te dragen, zoals de Amsterdamse PvdA-politica Fatima Elatik doet. Waar wel moed voor nodig is: zodra lieden gaan roepen om een fatwa, eventueel te bekomen uit Iran, of zodra zwakzinnige fanaten op allerlei websites oproepen Ayaan ,,neer te knallen als een zwijn'', opstaan en in koor zeggen: ,,Ik ben Ayaan!'' ,,Ik ben Ayaan!'' ,,Ik ben het.'' ,,Nee ik!'' ,,Mij moet je hebben.''

Pas als zulke geluiden uit de moslimgemeenschap het geschreeuw om Hirsi Ali tot zwijgen te brengen overstemmen, is het voor politici van islamitische huize tijd om, als zij daar behoefte aan hebben, het debat over de rol van de islam met de VVD-politica aan te gaan. Vooralsnog klinken de bedreigingen en beledigingen het luidst, waarbij men zich niet ontziet het Kamerlid gek te verklaren en de spot te drijven met het persoonlijk leed dat haar in het verleden is toegebracht.

De meest beschaafde opstelling van gekwetste moslims is het voornemen in georganiseerd verband naar de rechter te gaan. Daartoe hebben de moslimorganisaties weliswaar het recht, maar het is een heilloze actie. W.F. Hermans werd al in 1951 vrijgesproken van het beledigen van katholieken. Gerard Reve mocht van de rechter de liefde bedrijven met God in de gedaante van een muisgrijze ezel, Theodor Holman kon ongestraft alle christenhonden misdadigers noemen. Toen Karel van het Reve de ongelooflijke slechtheid van het Opperwezen aantoonde, nam niemand zelfs maar de moeite om te klagen. En dan zou Hirsi Ali Mohammed geen perverse tiran mogen noemen?

Blijft de kritiek dat zij door moslims tegen zich in het harnas te jagen ,,polariseert en de gewenste discussie en dialoog met moslims eerder blokkeert dan openhoudt'', zoals het CDA-Kamerlid Coskun Cörüz zoetsappig opmerkt. Dialoog, uitstekend. Laten degenen met wie zo'n dialoog gevoerd moet worden – de moslimorganisaties dus – maar tonen dat zij de democratie en de vrijheid van meningsuiting respecteren. Laten zij de kans aangrijpen om te tonen dat men zowel islamiet kan zijn als voorvechter van het recht van anderen, ongelovigen of afvalligen, op een eigen standpunt. Laten zij erkennen dat de grondrechten universele waarden vertegenwoordigen. Als een Abu Jahjah zegt dat hij langs democratische weg voor het recht op de eigen culturele en religieuze identiteit van immigranten wil opkomen, laat hem dan ook opkomen voor Hirsi Ali, in plaats van haar de mond te willen snoeren.

O zeker, het is verstandig dat mensen als de Amsterdamse burgemeester Cohen ernaar streven ,,de boel een beetje bij elkaar te houden''. Ik ben daar hartgrondig voor. De `politiek der klare fronten' – zo heette de polarisatie in de Weimarrepubliek in Duitsland – kan fatale gevolgen hebben. Een geloofsstrijd moeten we niet hebben. Het is dom, onverdraagzaam en uiteindelijk levensgevaarlijk alle islamieten tot achterlijk te bestempelen en bevolkingsgroepen verdacht te maken. Allemaal waar. Maar daar hoort wel een kanttekening bij: een bijzondere rechtspositie voor moslims is onaanvaardbaar. Moslims staan niet boven de wet en moeten er dus, net als iedereen, maar tegen kunnen dat wat zij voor heilig houden, door anderen mag worden verworpen, bespot en ontheiligd. Wie de boel bij elkaar wil houden, moet om te beginnen iemand als Ayaan Hirsi Ali erbij houden. Zonder mensen die hun nek uitsteken, tot tegenspraak prikkelen en knuppels in het hoenderhok gooien, heeft discussie geen zin. Wie zei ook weer: democratie is niet voor bange mensen?

Laten we voor alle zekerheid het achterlijke artikel over smadelijke godslastering maar eens uit het wetboek van strafrecht schrappen.

    • Elsbeth Etty