Pensioengat wordt pensioenkrater

Het werknemerspensioen is van winstbron voor bedrijven veranderd in een ouderwetse kostenpost. Aan de horizon doemen miljardentekorten op. Pas op: pensioenijsberg.

Het waren gaten, het worden kraters.

Niet alleen werknemers hebben hoofdbrekens over pensioengaten. De sluipende beurskrach en de dalende rente bezorgen talloze werkgevers rillingen: zij kijken tegen steeds hogere tekorten aan bij de pensioenregelingen die zij hun werknemers aanbieden.

Automatiseringsbedrijf Getronics becijfert bijvoorbeeld een pensioengat per eind 2002 van 189 miljoen euro, een stijging van 72 procent ten opzichte van een jaar eerder. Toen was het tekort 117 miljoen euro. De verhoging van de pensioenlasten die hiervan het gevolg is ,,zal beduidend'' zijn, waarschuwt Getronics in het prospectus voor een ingrijpende schuldsanering.

Getronics is een van achttien Nederlandse ondernemingen die de waarde van hun pensioenregelingen volgens Amerikaanse boekhoudregels becijferen. Deze Amerikaanse regels dwingen bedrijven een completer beeld te geven van hun pensioenverplichtingen dan de Nederlandse maatstaven. De Nederlandse normen kijken alleen naar het hier en nu, de Amerikaanse regels dwingen om nu al rekening te houden met toekomstige ontwikkelingen, zoals salarisgroei.

Tien van de achttien hadden eind 2001 een pensioentekort, acht een overschot. In 2001 steeg het aantal `tekort-bedrijven' met drie. In 2002 zal die trend zijn doorgegaan. De dynamiek van loonstijgingen en beleggingsverliezen ondermijnt de financiële positie van pensioenregelingen. De waarde van toezeggingen stijgt met de loongroei, maar de beleggingsverliezen hollen de financiële vermogens waarmee de pensioenen nu en straks moeten worden betaald uit.

De tien concerns met een tekort hadden eind 2001 een pensioengat van 5 miljard euro. De koersval op de beurzen en de straffe stijging van het pensioentekort bij Getronics indiceren een tekort, eind 2002, van 7,5 à 8 miljard euro.

Al gaat het om astronomische bedragen, de cijfers verbleken bij de tekorten die sommige grote Amerikaanse ondernemingen hebben opgelopen. Autofabrikant General Motors becijfert zijn pensioentekort eind 2002 bijvoorbeeld op 19,3 miljard dollar, concurrent Ford op 14,5 miljard. Van elke verkochte auto van de drie grote Amerikaanse producenten gaat 600 dollar naar de kosten van de pensioenregeling, schat adviesbureu KPMG in een recent rapport.

Ondernemingen die de pensioenkosten op zijn Amerikaans becijferen mogen overigens ruimschoots de tijd nemen om het tekort terug te dringen. Al hebben zij tijd, de bedragen zijn ontzagwekkend. In jaren negentig werd het werknemerspensioen dankzij hoge aandelenrendementen een winstbron voor ondernemingen. De meeste concerns vonden het niet nodig beleggers daarover apart te informeren. Nu de winst omslaat in een ouderwetse kostenpost, regent het waarschuwingen. Prijskaartje voor nog geen vijftien bedrijven die al maatregelen hebben gemeld: bijna 1 miljard euro.

Bouwer en baggeraar HBG, dat in 2001 nog 18 miljoen euro in zijn pensioenfonds stortte om de prijscompensatie voor gepensioneerden te betalen, is nu het eerste grote Nederlandse bedrijf dat zijn consequenties trekt. HBG stapt over naar het bedrijfstakpensioenfonds en verzekeraar Zwitserleven.

Angst dat meer bedrijven dit voorbeeld zullen volgen beheerst de pensioenwereld op dit moment. ,,Er kan een trend op gang komen waarbij meer risico's van pensioenregelingen naar werknemers worden geschoven'', zei directeur J. Steenvoorden van de koepel van pensioenfondsen die voor individuele ondernemingen werken. Hij sprak tijdens de publicatie van een rapport met doemscenario's voor winsten en arbeidsplaatsen als werkgevers hun pensioenregelingen snel moeten bijspijkeren.

Grote concerns als Heineken, KPN en Akzo Nobel houden hun huidige regelingen, maar leggen nu honderden miljoenen op tafel voor hun pensioenfonds. Dat doen zij omwille van het stengere toezicht van de Pensioen- en Verzekeringskamer, maar ook omdat zij daartoe vaak juridisch zijn verplicht.

De afgelopen jaren hebben steeds meer ondernemingen de relatie met hun pensioenfonds expliciet vastgelegd. In tijden van hoge beleggingsrendementen kan de onderneming een deel van de winst pakken in de vorm van lagere premies of teruggaves aan de werkgever. Maar dat heeft een prijs: in slechte tijden moeten zij tekorten aanzuiveren en hogere premies betalen. En barre tijden van het fonds, zijn doorgaans ook slechte tijden voor de werkgever.