Een nieuwe Kamer

Niet minder dan dertig politieke debutanten telt de Tweede Kamer die gisteren is beëdigd. Dat zijn er weliswaar 38 minder dan acht maanden geleden toen de vorige Kamer werd geïnstalleerd, maar die gebeurtenis ligt dan ook nog maar net achter ons. Het beeld is duidelijk: de volksvertegenwoordiging verandert vergeleken bij een jaar of twintig geleden in een steeds hoger tempo van personele samenstelling. Over het afgelopen jaar gemeten bedroeg de parlementaire ervaring van Kamerleden gemiddeld vier jaar en twee maanden. Deels is dit een gevolg van de sneller wisselende electorale voorkeur. Kamerzetels verschieten tegenwoordig per verkiezing met tientallen tegelijk van kleur. Maar daarnaast is er bij de politieke partijen een toenemende tendens te bespeuren om de duur van het Kamerlidmaatschap te beperken. De VVD'er Blaauw die afgelopen woensdag na 25 dienstjaren afscheid van de Tweede Kamer nam, was met zijn lange staat van dienst een unicum geworden.

De terechte vraag is of de doorstroming niet te snel verloopt. Want is de vergaderzaal van de Tweede Kamer niet meer dan een publiek forum waar stellingen kunnen worden geponeerd? Inderdaad, het werk van volksvertegenwoordiger is wel degelijk een vak dat geleerd moet worden. Dat is het afgelopen jaar de wrange les voor veel nieuwkomers geweest. De Tweede Kamer is de plek waar tegenwicht moet worden geboden aan de regering; een veelal ongelijke strijd, aangezien tegenover het beperkt geoutilleerde Kamerlid een minister staat die kan terugvallen op een leger ambtenaren. Ervaring kan zeker ten goede komen aan de controletaak van het parlement. Maar deze eigenschap mag ook weer niet tot verstopping leiden. Want hoewel ervaring zeker bij het gecompliceerde werk van een parlementariër een groot goed is, zijn verjonging en vernieuwing eveneens essentiële elementen bij de samenstelling van kandidatenlijsten. In het recente verleden heeft de Kamer zich te veel ontwikkeld tot een verlengstuk van de bureaucratie. Juist een volksvertegenwoordiging dient een open lijn met de samenleving te onderhouden.

Om die reden is het goed dat de meeste partijen tegenwoordig met een opener blik de kandidatenlijsten samenstellen. Het probleem is alleen dat partijen van tevoren nooit een ideale lijst kunnen opstellen, omdat het uiteindelijk de kiezer is die de omvang van de fractie bepaalt. Wat dit betreft heeft zowel de PvdA als de VVD vorig jaar leergeld betaald. De onverwachts zware verkiezingsnederlaag leidde ertoe dat de gedecimeerde fracties alleen nog maar uit oudgedienden bestonden. Zowel PvdA als VVD heeft het dit jaar aangedurfd reeds hoog op de lijst nieuwe namen te zetten. Al met al is het resultaat van twee elkaar snel opvolgende verkiezingen plus de vernieuwingsgolf bij partijen, dat de Tweede Kamer voor de helft uit mensen bestaat zonder enige of met minder dan een jaar ervaring. Daarmee nadert de Kamer een kritische grens, zeker in een politiek klimaat dat vraagt om een eigenzinniger rol van het parlement.

Het Nederlandse parlement is zo machtig als het zelf wil zijn. Al in de jaren zeventig riep toenmalig Tweede-Kamervoorzitter Anne Vondeling zijn collega's op zich meer als leeuw in plaats van als lam te gedragen. Maar het tegendeel is gebeurd. Regeringsfracties zijn synoniem geworden voor kritiekloze steunbetuigers aan het kabinet, waarbij het de dwingende regeerakkoorden zijn die de speelruimte van de parlementariërs bepalen. Bij elke nieuwe Tweede-Kamerverkiezing is er de plechtige belofte dat het dualisme tussen kabinet en volksvertegenwoordiging in ere wordt hersteld. Vorig jaar mei was het CDA-leider Balkenende die hier de mond vol van had; bij de afgelopen verkiezing was het PvdA-leider Bos die zich ontpopte als de protagonist van het dualisme. Beiden spelen thans een hoofdrol bij de totstandkoming van een nieuw regeerakkoord, waarmee per definitie de ketenen voor (een deel) van de Kamer alweer worden gesmeed.

Een regeringscoalitie kan het niet stellen zonder afspraken. Maar er is een verschil tussen hoofdlijnen en de gedetailleerde en bindende boodschappenlijst waarin het regeerakkoord is ontaard. In het Nederlandse staatsbestel is de rechtstreeks gekozen Tweede Kamer nog altijd het belangrijkste orgaan. Het wordt tijd dat de Kamer daar ook naar handelt.