Goed zo

Een Amsterdamse polikliniek op een grijze winternamiddag. De wachtkamer is eigenlijk een wachtgang, met speels in het midden de onvermijdelijke kuipstoeltjes, allemaal bezet. Ook de lage tafels, ooit bestemd voor Panorama en Privé, zijn geconfisqueerd. Op het tafeltje tegenover ons staart een kale man naar de suizende tl-buis vlak boven zijn hoofd, naast hem betast een bejaarde dame in een versleten bontjas afwisselend het verband aan haar oor en een kettinkje om haar magere pols.

,,Denk erom'', fluistert mijn vriend vanaf zijn tafeltje, ,,in geen geval zijn hand schudden, gewoon blijven zitten, en steeds maar zeggen: `nog een vraagje'.''

Hij is meegegaan, mijn Robin Hood. Vorige week stond de specialist na twee minuten op, gaf me een hand en zei: ,,U moet er mee leren leven. Als het erger wordt, komt u terug, en anders over een jaartje. Tot ziens.''

De vragen die ik nog had, zijn uitgeprint. Als mijn naam wordt omgeroepen, lopen we samen naar binnen, de ruggen recht, de borst vooruit. Onze grote lijven vullen de spreekkamer, de specialist oogt kleiner.

Even dreigt het mis te gaan als hij na vraag drie zijn horloge controleert, opstaat en me zijn hand aanbiedt, een vochtige hand die ik vriendelijk schud. Maar ik sla mijn benen over elkaar en blijf zitten. ,,Nog een vraagje.'' Halverwege de lijst neemt hij plaats op zijn bureaublad. En eindelijk, na vijf, misschien zes minuten, vouw ik mijn blaadje op en zwijg.

De specialist zwijgt eveneens. Op zijn voorhoofd glimt zweet. Zijn hand ligt losjes op het bureaublad. Ernaast staat een foto van een jonge, blonde vrouw, met op haar schoot een al even blond hondje.

,,Klaar'', zeg ik. ,,Dat was het.''

Hij knikt. ,,Als het erger wordt'', mompelt hij, ,,komt u terug. En anders over een jaartje of twee.''

Hij begeleidt ons naar de deur, waar een volgende patiënt gereedstaat: de vrouw met het oorverband.

We trekken onze handschoenen aan, zetten onze petten op, als achter ons de spreekkamerdeur alweer openzwaait. De specialist leidt de oude dame met een glimlach naar buiten. ,,Weet u, dokter'', zegt ze zacht, ,,mijn man is vorige maand overleden, en...''

,,Goed zo'', zegt hij opgewekt. ,,Als het erger wordt komt u terug. En anders over een jaar.''

    • Gerard van Emmerik