Verdachte van terrorisme vraagt nu asiel

Een van de mannen die in december werden vrijgesproken van terrorisme, heeft politiek asiel in Nederland aangevraagd. Dat meldt M. Oosterveen, de advocaat van de 30-jarige Algerijn Abdelghani R.

R. werd op 13 september 2001 in Rotterdam opgepakt. Het openbaar ministerie (OM) had vijf jaar gevangenisstraf tegen hem geëist. Volgens justitie behoorde R. tot de Algerijnse extremistische beweging Groupe Salafiste pour la Prédication et le Combat (GSPC), die banden zou onderhouden met Al-Qaeda. R. en zijn drie medeverdachten zouden betrokken zijn bij de voorbereiding van een verijdelde bomaanslag op de Amerikaanse ambassade in Parijs. De Rotterdamse `cel' zou vooral logistieke steun hebben geleverd, bijvoorbeeld door het leveren van valse papieren, aan een terroristisch netwerk dat zich zou uitstrekken over heel Europa.

De rechtbank sprak de vier op 18 december vrij omdat het bewijs tegen de vier volgens de rechters onrechtmatig was verkregen. R. en twee medeverdachten waren gearresteerd op grond van een ambtsbericht van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD). Dit vond de rechtbank onvoldoende grond om iemand als verdachte aan te merken, zodat alle bewijs op grond van deze arrestatie niet in beschouwing kon worden genomen. Overigens liet de rechtbank ook doorschemeren dat ook als het bewijs wél rechtmatig was geweest, dit onvoldoende zou zijn geweest voor een veroordeling.

Na de vrijspraak werden drie van de vier verdachten, die illegaal in Nederland verbleven, overgebracht naar de vreemdelingenbewaring. Twee van hen zijn inmiddels uitgezet naar Frankrijk en Canada. Abdelghani R. wist echter uitzetting naar Algerije te voorkomen door asiel aan te vragen. Volgens R. loopt hij in dat land gevaar aangezien hij nu bekend staat als een `terrorist'. R. zou deze week een eerste gesprek hebben met de IND over zijn asielaanvraag.

De vrijspraak van de Rotterdamse rechtbank zorgde vorige maand voor enige ophef. Demissionair minister van Justitie Donner kondigde aan te gaan onderzoeken hoe de wetgeving voor terrorisme kan worden aangescherpt. Het openbaar ministerie is tegen de uitspraak in beroep gegaan.