Songfestival wijst geen land meer af

Het Eurovisie Songfestival staat vanaf volgend jaar weer open voor alle landen die willen meedoen. De finale op zaterdagavond wordt voortaan voorafgegaan door een voorronde op vrijdagavond, die eveneens rechtstreeks op de televisie wordt uitgezonden. De tien landen die in de voorronde het hoogst eindigen, gaan door naar de finale.

Daarmee maakt de organiserende European Broadcasting Union een eind aan het fel bekritiseerde systeem dat enkele jaren geleden werd ingevoerd om de toestroom van nieuwe landen in te dammen en de uitzending niet langer dan drie uur te laten duren. Tot nu toe vallen elk jaar de landen af die tijdens de vorige finale de minste punten haalden. Zo heeft Nederland om die reden al twee keer niet mogen meedoen.

Vanaf 2004 zijn de eerste tien landen van het vorige jaar, net als de vaste deelnemers Groot-Brittannië, Duitsland, Frankrijk en Spanje, altijd verzekerd van een plaats in de finale. Tijdens de nieuwe voorronde wordt gestreden om de resterende tien plaatsen. Zo blijft het maximum van 24 landen op de finale-avond gehandhaafd, terwijl er a priori geen landen meer worden afgewezen. De EBU heeft hiertoe besloten op aandringen van de aangesloten publieke omroepen, die in hun strijd tegen de commerciële zenders maximaal rendement willen halen uit de populariteit van het evenement.

Dit jaar vindt de internationale finale op 24 mei plaats in Riga, omdat Letland vorig jaar het festival won. Zaterdag begint de Nederlandse voorronde, die over vier zaterdagavonden is verdeeld.