Bolkestein baalt van borrel EU-voorzitter, cocktailen is Nederland niet genoeg, als dat maar goed gaat.

Eenzaam leunde Europees commissaris Frits Bolkestein tegen een balustrade in het muziektheater van Athene. Heel politiek Griekenland had zich feestelijk uitgedost om bij met spijs en drank overladen tafels de aanvang van het Griekse voorzitterschap van de Europese Unie begin deze maand te vieren.

Romano Prodi, voorzitter van de Europese Commissie, voldeed lachend aan de wens van Griekse vrouwen om gearmd tussen hem en de Griekse premier Constantine Simitis gefotografeerd te worden. ,,Wat kan ik anders doen? Ik kan toch moeilijk zeggen dat ik niet met die dames op de foto wil?'', zei Prodi. De Britse eurocommissaris Chris Patten genoot van de kazen, terwijl hij betoogde dat de Verenigde Staten de wereld met simplistische normen van goed en kwaad bekijkt.

Alsof al dat geroezemoes hem niets aanging, stond Bolkestein zwijgend bij de balustrade. In een hand had hij een trosje druiven waar hij zo nu en dan iets afplukte. Wie hem in zijn eenzaamheid wilde storen moest een flinke horde nemen. ,,Hoe gaat het met u, mijnheer Bolkestein?'' Met een zuur gezicht reageerde hij: ,,Goedenavond, ik eet druiven.'' Vervolgens stak hij een nieuwe druif in zijn mond en keek zwijgend voor zich uit. Een tweede poging om in gesprek te komen stuitte opnieuw op een oneliner. Daarna zei Bolkestein dat het tijd was om te vertrekken. Het is bekend dat hij geen liefhebber van cocktails is.

Ieder halfjaar is een ander land voorzitter van de Europese Unie. Dat brengt verplichtingen met zich mee waarin niet iedereen evenveel plezier heeft. Regeringen proberen meestal binnenlandse politieke munt te slaan uit het EU-voorzitterschap. Door televisiecamera's geregistreerde ontvangsten van de Europese Commissie en van Europese regeringsleiders moeten de indruk geven dat een land zes maanden lang het centrum van Europa is. Afschaffing van het roulerende voorzitterschap een optie die nu nadrukkelijk op de agenda staat bij de Conventie over de toekomst van Europa zou in het bijzonder regeringsleiders van kleine landen beroven van de unieke kans om zes maanden te doen alsof zij zeggenschap hebben over 350 miljoen mensen (na de uitbreiding van de EU in 2004 over 500 miljoen).

Zo'n voorzitterschap vereist een langdurige voorbereiding die het plannen van cocktails in hoge mate overstijgt. Geloof het of niet, maar Nederlandse diplomaten zijn nu al intensief bezig met het Nederlandse voorzitterschap dat in juli 2004 aan de orde is. Atzo Nicolaï, demissionair staatssecretaris van Europese Zaken, speculeerde enkele maanden geleden al handenwrijvend op onderhandelingen over een nieuw Europees verdrag onder Nederlandse leiding, nadat de Conventie over de toekomst van Europa in de loop van dit jaar een ontwerp-verdrag heeft afgeleverd.

Nederland weer even het centrum van Europa. Daar zou zeker een glas op gedronken moeten worden, of een druif verorberd. ,,Na het verdrag van Maastricht en het verdrag van Amsterdam kan het verdrag van Rotterdam komen'', zei Nicolaï. In Brussel is weinig steun voor die gedachte. Commissievoorzitter Romano Prodi neemt aan dat onderhandelingen over een nieuw verdrag eind dit jaar onder Italiaans voorzitterschap of in de eerste helft van volgend jaar onder Ierse leiding gehouden zullen worden.

Maar geen nood. Voor Nederland blijft toch wel een netelige kwestie over, die grote internationale belangstelling zal trekken. Tijdens de Europese top in Kopenhagen afgelopen december zeiden de regeringsleiders dat zij najaar 2004 zullen besluiten of met Turkije onderhandelingen over toetreding tot de EU geopend kunnen worden. Dat is een zaak waarvan bij voorbaat vaststaat dat de EU-landen het er niet gemakkelijk over eens kunnen worden. ,,Dat zal dus onder het Nederlandse voorzitterschap moeten gebeuren'', stelt een Nederlandse diplomaat nu al ernstig vast.

Maar er zijn ook minder zwaarwichtige zaken van een voorzitterschap die lang voorbereid moeten worden. De Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging (ambassade) bij de EU in Brussel hoopt een dezer dagen een overzicht te krijgen van het aantal ambtenaren van Nederlandse ministeries dat in verband met het voorzitterschap de diplomatieke staf tijdelijk komt versterken. Omdat in het ambassadegebouw onvoldoende plaats is, moet er tijdelijk extra kantoorruimte worden gehuurd en dienen extra computers te worden besteld.

Ook moeten belangrijke beslissingen worden genomen over de cadeautjes die bij Europese toppen aan journalisten en andere gasten worden uitgedeeld. Daartoe behoren in ieder geval meestal balpennen en kunststof tassen. Van zulke tassen blijkt een eindeloze variatie op de markt te zijn, waardoor bezoekers van Europese toppen een grote kennis van tassen opdoen. De sterke grijze Zweedse, de lelijk groene Luxemburgse, het Oostenrijkse rugzakje dat het Britse rugzakje overtrof en de alom geloofde Spaanse vinding van een tas die zowel aan de hand als op de rug gedragen kan worden. Soms is er een paraplu, een Franse die bij een eerste windvlaag aan flarden ging en een Portugese van betere kwaliteit. Portugal begon een korte handdoekenvlaag, maar werd overtroffen door dikkere Franse handdoeken.

Net als andere landen probeert Nederland van voorgaande voorzitters te leren. De Nederlandse ambassadewoordvoerder reageert dan ook geschrokken als hij hoort dat zijn Deense collega binnenkort naar Kopenhagen wordt overgeplaatst. Hij moet hem nog snel over zijn ervaringen spreken. Nadat Nederland in 1997 als voorzitter het telefoneren voor journalisten op Europese toppen gratis had gemaakt, zagen alle volgende EU-voorzitters in dat dit goedkoper was dan het administreren van telefoonkosten van meer dan duizend journalisten. Een onnavolgbaar Nederlands idee was om in plaats van plastic tassen zwarte koffertjes op wieltjes uit te delen. Ze waren enige tijd zo populair dat bij het van Europese top naar Europese top reizende circus van diplomaten en journalisten op vliegvelden flinke verwarring ontstond bij het ontdekken welk zwart koffertje van wie was.

Alle voorbereidingen, hoe minutieus ook, kunnen onaangename verrassingen echter nooit uitsluiten. In Athene was niet voorzien dat bij het feestelijk begin van het Griekse voorzitterschap deze maand de taxi's staakten. Daarom was Bolkestein voor vervoer afhankelijk van een bus waarmee de leden van de Europese Commissie gezamenlijk naar hun hotel zouden worden gebracht. Hij liet het feestgedruis achter zich, mengde zich niet in het gezelschap dat op straat voor het muziektheater stond te praten en ging op de stoeprand staan, eenzaam wachtend op zijn transport.

Op 6 en 7 februari is er een plenair debat van de Europese Conventie over de toekomst van Europa. Op 17 en 18 februari vergaderen de ministers van Financiën van alle lidstaten.

    • Ben van der Velden