`WOESTIJNLAK' VAN METEORIETEN ONTHULT PREHISTORISCH KLIMAAT

Meteorieten die in hete woestijnen aan het aardoppervlak liggen, vertonen aan hun buitenzijde een laagje dat de wisselingen van het klimaat ter plaatse weerspiegelt (Earth and Planetary Sciences, 30 januari). Dat buitenste laagje, in vakkringen bekend als `woestijnlak', komt voor op bijna alle stenen in hete woestijnen. Het is een verweringsproduct dat bestaat uit kleimineralen die door oxiden en hydroxiden van mangaan en ijzer aan elkaar gekit worden, waarbij een glanzend oppervlak ontstaat. Dit laagje groet heel langzaam aan (1-40 micron per 1000 jaar), waarbij zowel de aangroeisnelheid als de samenstelling afhangen van het klimaat ter plaatse. Bij chondrieten (steenmeteorieten) die geologisch gezien kort geleden op aarde terechtkwamen, groeit het laagje nog aan, en kan aan de hand van de opbouw het vroegere klimaat in de woestijn waar ze terechtkwamen wel worden bepaald als de meteoriet goed gedateerd kan worden, bijvoorbeeld met koolstof-14.

Twee Engelse onderzoekers hebben twee nu chondrieten onderzocht die gevonden waren in de Nullarbor-vlakte, een woestijngebied in Australië. De ene (Forrest 009) kwam 5.900 jaar geleden op aarde terecht, en heeft een laklaagje van 100-130 micron dik. De andere (Nurina 004) kwam 33.400 jaar geleden in de woestijn terecht, en heeft een laklaagje van minder dan 70 micron dik. De laklaagjes van deze twee hebben zeer verschillende karakteristieken, maar ook onder dat laagje vertonen de twee chondrieten verschillen. Zo heeft Forrest 009 een relatief sterk verweerde buitenkant (onder het laklaagje), terwijl Nurina 004 slechts weinig verwering vertoont. Dat kan verklaard worden doordat Forrest 009 op aarde terechtkwam toen het gebied relatief vochtig was. De verwering van het oppervlak van de meteoriet naar binnen kon toen snel gaan in vergelijking met de opbouw van het laklaagje. Toen Nurina 004 op aarde viel, was het klimaat droger, waardoor de verwering langzaam plaatsvond ten opzichte van de groei van de laag woestijnlak.

Binnen de laklaagjes zitten echter ook verschillen: het laagje is bij Forrest 009 overal opgebouwd uit drie concentrische zones (van buiten naar binnen resp. vrijwel zonder barium en mangaan, rijk aan barium en mangaan, en arm aan barium en mangaan). Bij Nurina 004 is de opbouw van de laklaag ongelijkmatig. Uit de gegevens valt op te maken dat de Nullarbor-vlakte gedurende de afgelopen 30.000 jaar wisselende klimaten heeft gekend: tot ongeveer 25.000 jaar geleden was het er droog, van 25.000-20.000 jaar geleden vochtig, van 20.000-7000 jaar geleden weer droog (met een maximum 15.000 jaar geleden), en daarna weer vochtiger.

    • A.J. van Loon