Wapengekletter

De regering-Blair gunt een order voor de bouw van twee vliegdekschepen misschien aan de Fransen. De ex-monopolist moet wennen aan de vrije markt. ,,Te afschuwelijk om over na te denken.''

Het is alsof je worst maakt door plakjes aan elkaar te lijmen. Zo groeit het marineschip in het droogdok van Swan Hunter, een werf in Newcastle-upon-Tyne. Op tientallen wielen kruipt een nieuw, grijsgespoten segment van twaalf meter lengte en vier verdiepingen hoog naar de half voltooide romp. Haast onmerkbaar langzaam sluit zich de kier tussen de staalplaten. Lassers zetten hun masker voor en in een knetterende vonkenregen en felblauw licht beginnen ze de naden te dichten.

Dit wordt het eerste van vier amfibische landingsschepen voor de Britse Royal Navy. Swan Hunter, in de jaren negentig van het faillissement gered door de Nederlandse scheepsbouwers Jaap Kroese en Jan Veldhuizen, won de order twee jaar geleden met het aangepaste ontwerp van de HMS Rotterdam, een soortgelijk schip van de Koninklijke Marine. De efficiënte, eveneens uit Nederland geïmporteerde plakjes-methode, die officieel `modulair bouwen' heet, gaf de doorslag. Plus mogelijk het feit dat premier Tony Blair en een reeks van zijn ministers rondom Newcastle hun kiesdistricten hebben.

Het was voor het eerst dat de Britse regering oorlogsschepen liet bouwen door een niet-Brits bedrijf. Dat betekende een mijlpaal in de industriepolitiek van het post-privatiseringstijdperk. BAE Systems, het voormalige staatsdefensiebedrijf British Aerospace, dat het merendeel van de marinewerven bezit in Schotland en Engeland, had ook naar de order van in totaal 300 miljoen pond (480 miljoen euro) gedongen, maar kreeg het lid pijnlijk op de neus. Hoewel BAE al in 1981 is geprivatiseerd, bleef het twintig jaar lang huisleverancier van de Britse luchtmacht, leger en marine. Nu zag het plotseling in dat zijn de facto monopolie snel ten einde liep.

Dat werd een jaar later hardhandig bevestigd toen BAE op hoge toon eiste dat het exclusief twaalf nieuwe fregatten zou mogen bouwen. De regering dwong de voormalige monoplist ook die order te delen met kleinere branchegenoten. ,,Wij waren shaken and stirred door de erkenning dat er competitie was'', zegt Jonathan Walton, directeur marketing van de defensiereus. ,,Maar we hebben van onze fouten geleerd, en dat heeft ons gedwongen nu ons beste beentje voor te zetten.''

Het valt te bezien of de nieuwe deemoedigheid van BAE op tijd komt. Deze week maakte BAE door gebrek aan orders het gedwongen ontslag bekend voor meer dan duizend mensen op zijn drie Schotse werven, in Barrow-in-Furness en in Govan en Scotstoun bij Glasgow. Ook BAE's Nederlandse halfdochter, de munitiefabriek Muiden Chemie, sluit. Vorig jaar raakte BAE in de rode cijfers en stortte het aandeel in, nadat de regering-Blair weigerde een miljard pond bij te passen voor twee uit de hand gelopen megaprojecten. De upgrading van Nimrod-patrouillevliegtuigen bleek veel duurder uit te vallen dan gepland. En de Astute, een nieuw type nucleair aangedreven onderzeeboot, die in Barrow gebouwd zou worden, moest zelfs terug naar de tekentafel. Met jaren vertraging als gevolg.

De komende dagen moet BAE mogelijk opnieuw zwaar incasseren, als de regering zou besluiten de order voor twee nieuwe vliegdekschepen te gunnen aan BAE's grootste concurrent, het Franse defensieconcern Thales. Die schepen zijn nodig, denkt de regering, om de huidige vloot die uit de Koude Oorlog stamt, geschikt te maken voor `machtsprojectie overzee' en vredesoperaties. ,,De beslissing is nog niet gevallen'', zegt een hoge regeringsfunctionaris die rechtstreeks is betrokken bij de order van 2,9 miljard pond voor de twee schepen van 290 meter lengte en 60.000 ton. Maar de tekenen zijn niet gunstig. Hoge ambtenaren hebben laten doorschemeren dat de kostenoverschrijdingen plus de aanhoudende ,,arrogantie'' van BAE de verhoudingen volledig hebben bedorven. Bovendien zou het Thales-ontwerp in sommige opzichten technisch beter zijn en meer value for money betekenen dan het Britse ontwerp. De ministeriële werkgroep zou daarom hebben geadviseerd Thales te benoemen als hoofdaannemer van de twee grootste schepen die ooit voor de Britse marine worden gebouwd en die in 2012 en 2015 in de vaart moeten komen. BAE zou dan hooguit als onderaannemer deelorders kunnen uitvoeren.

Geoff Hoon, de minister van Defensie, gooide vorige week olie op het vuur door te zeggen dat hij BAE ,,niet langer een Brits bedrijf'' vond, omdat 54 procent van de aandelen in buitenlandse, voornamelijk Amerikaanse handen is. Dat was op zichzelf niet de verstandigste waarneming. Ten eerste heeft de Britse regering nog steeds een (klein) aandeel in BAE en bovendien is wettelijk vastgelegd dat directie en bestuur voornamelijk uit Britten moeten bestaan. Ten tweede zouden de Londense City met zijn meerderheid aan buitenlandse banken en het warenhuis Harrods met zijn Egyptische eigenaar volgens dezelfde maatstaf evenmin nog langer Brits zijn. Maar bij BAE rinkelden de alarmbellen, vooral omdat Hoon openlijk groen licht leek te geven om de nieuwe vliegdekschepen bij de kennelijk gelijkwaardige concurrent te bestellen.

Het is onduidelijk of die stap in het huidige politieke klimaat mogelijk is. De Frans-Britse verhoudingen zijn niet optimaal, na incidenten tussen premier Blair en president Chirac over de inrichting van de Europese Unie en Britse steun aan een oorlog in Irak onder Amerikaanse leiding buiten de VN om. Een opdracht aan Thales, voorheen Thomson-CSF, waarin de Franse staat een belang houdt van eenderde, kan daarom worden uitgelegd als een cadeautje dat Chirac helemaal niet verdient, maar óók als nuttig geopolitiek wisselgeld.

Een order voor Thales zou Blair zo goed als zeker op ramkoers brengen met Gordon Brown, de minister van Financiën. De `ijzeren Chancellor' houdt de teugels van miljardenprojecten van de overheid het liefst zo vast mogelijk in eigen handen. Dat de werf waar de twee reuzenschepen door BAE zouden worden geassembleerd vlak bij zijn eigen Schotse kieskring ligt, is geen toeval, zeggen ingewijden.

Ook met de vakbonden zou het oorlog worden als Thales de order krijgt. ,,De regering moet nu wel Brits kopen'', zei Jack Dromey van de industriebond TGWU, na het bekend worden van de ontslagen bij BAE in Schotland. ,,Een bestelling in Frankrijk zou een dubbele slag betekenen.'' Het CBI, het Britse werkgeversverbond, is het voor één keer met hem eens. Volgens CBI-voorzitter Digby Jones richt de regering ,,thuis'' grote schade aan met de open inschrijving voor grote overheidcontracten. ,,Wij hanteren compleet andere regels dan andere landen'', aldus Jones, die het ondenkbaar noemt dat Frankrijk of de Verenigde Staten hetzelfde zouden doen. Door buitenlandse semi-staatsbedrijven te laten meedingen worden Britse ondernemingen blootgesteld aan oneerlijke concurrentie, zei hij.

Het is het zoveelste bewijs voor de dilemma's die de privatisering van staatsbedrijven, twintig jaar geleden door premier Thatcher ingezet, met zich meebrengt. Voor de overheid, de bedrijven en hun aandeelhouders, en voor de belastingbetaler. Zo dwongen treinrampen en decennia achterstallig onderhoud de regering-Blair de geprivatiseerde spoorwegen vorig jaar te hernationaliseren, al noemt zij het anders. Hetzelfde staat te gebeuren met British Energy, de failliete exploitant van kerncentrales die een kwart van alle Britse stroom levert. En de regering mag BAE nu misschien laten wapperen in de gure marktwinden, maar het valt te bezien of ze echt durft los te laten. ,,Onbeperkte marktwerking is uiteindelijk slecht voor het land'', zei zelfs Ray Lygo gisteren tegen de BBC, de privatiserings-havik die het toenmalige British Aerospace voor Thatcher naar de beurs bracht.

Jonathan Walton, BAE's directeur marketing, klikt met zijn muis en op een breedbeeld-tv beginnen virtuele vliegtuigjes te bewegen over een virtueel vliegtuigdek. Ze rollen van hun standplaats naar de ski-ramp, een schuin oplopende startbaan, en stijgen dan in een virtuele wolk uitlaatgassen op. De animatie is ontleend aan live-data van de vliegbewegingen op de huidige drie Britse schepen van de Invincible-klasse, die nu opstomen naar de Golf.

Op de nieuwe schepen zullen de Harrier-straaljagers van nu vervangen worden door een maritieme variant van de JSF (die ook door de Nederlandse luchtmacht is besteld), maar het principe blijft hetzelfde: opstijgen van een korte startbaan met verticale stuwkracht, zonder de katapult die Amerikaanse en Franse vliegdekschepen gebruiken om hun vliegtuigen af te schieten. Zulke simulaties, gebaseerd op decennia kennis, ervaring en intensieve samenwerking tussen BAE en de Royal Navy zullen bij de order uiteindelijk de doorslag geven, hoopt Walton.

,,Wij willen winnen, niet omdat we Brits zijn, maar omdat we geloven dat we het beste ontwerp hebben'', zegt hij. Thales en BAE hebben de Future Carrier (CVF), zoals de schepen voorlopig heten, slechts in concept ontworpen. In de volgende fase, die tot 2004 duurt, moet de winnende prime contractor het ontwerp verder uitwerken in nauw overleg met de marine. ,,Dat kan alleen in echt open samenwerking. Innovatie is meer dan alleen competitie, maar staat of valt met die relatie'', zegt Walton, die suggereert dat de Fransen niet in de oer-Britse Navy-cultuur zouden kunnen inpluggen.

Als hij zijn zin krijgt, zijn niet alleen 10.000 bestaande en nieuwe arbeidplaatsen verzekerd, maar ook de toekomst van dit stukje Brits militair-industrieel complex, het naadloze, zelfvoorzienende netwerk van ambtenaren en ministers, officieren en wapenfabrikanten. Walton zegt het anders. ,,Wij hebben er als land strategisch belang bij om de capaciteit voor het bouwen van complexe wapensytemen in stand te houden. Die moet je voeden en onderhouden om er niet over tien jaar achter te komen dat je hem verloren bent.''

Wat dat `landsbelang' betekent, is wel steeds meer de vraag in een tijdperk van transnationale bedrijven. Niet meer dan de helft van de 94.000 BAE-werknemers werkt op Britse bodem. Niet alleen zijn Amerikaanse BAE-aandeelhouders in de meerderheid, het bedrijf haalt daar ook bijna de helft van zijn dertien miljard omzet per jaar na een reeks overnames. Omgekeerd zijn de Amerikaanse aerospace-bedrijven Lockheed en Northrop partner in het BAE-plan voor de vliegdekschepen. BAE heeft een reeks Zweedse, Franse en Italiaanse dochters en joint ventures, terwijl het voor een kwart meedoet in het Europese civiele vliegtuigconsortium Airbus, met Frankrijk, Duitsland en Spanje.

En ondanks het Franse staatsbelang van ruim dertig procent in Thales is het moeilijk om Thales zuiver Frans te noemen; het geeft werk aan 17.000 Britten, sinds de overname van een reeks Britse defensiebedrijven, waaronder radarbouwer Racal. En ten slotte zijn BAE en Thales sowieso tot elkaar veroordeeld, omdat ze in veel projecten samenwerken. Zo levert Thales sonars voor BAE-schepen en werken beide samen bij de bouw van militaire en civiele satellieten en raketten. Thales heeft bovendien beloofd de schepen allebei in hun geheel op Britse werven te laten bouwen als het wint.

Zo komt als vanzelf een derde mogelijkheid in beeld, waarop sommigen deze week hebben gespeculeerd: een gedeelde Frans-Britse rol als hoofdaannemer voor de vliegdekschepen. Dat zou premier Blair opnieuw een lastige keuze besparen. De Franse president Chirac leek daarop al eerder te speculeren, toen hij zei dat Frankrijk het winnende ontwerp mogelijk overneemt voor de bouw van nieuwe Franse vliegdekschepen. Dan zou het toch nog goed komen tussen Tony en Jacques. En, wie weet, ook met de Europese defensie-identiteit die beiden zeggen na te streven.

Verlies van de order voor de vliegdekschepen ,,is voor mij persoonlijk te afschuwelijk om over na te denken'', zegt Walton. Maar voor BAE zou het leven gewoon verder gaan, erkent hij. De Britse orderportefeuille van honderden projecten, van de Eurofighter tot geleide wapens, elektronica en andere complexe schepen, staat daarvoor garant. Jaap Kroese, eigenaar-president van Swan Hunter, is hoe dan ook de lachende derde. Wijs geworden door het verleden heeft BAE beloofd de werf in Newcastle een kleine helft van het constructiewerk te gunnen.

De hoge regeringsfunctionaris bevestigt dat premier Blair heeft toegezegd Swan Hunter dezelfde hoeveelheid werk te bezorgen als de order naar Thales zou gaan. ,,Wij kunnen dit keer niet verliezen'', grijnst Kroese.