Poppetjes blijven vallen in het Amsterdamse `milieu'

De gisteren geliquideerde Heineken-ontvoerder Cor van Hout lijkt het vijfde dodelijke slachtoffer in een Amsterdamse gangsteroorlog.

De smalle winkelstraat in het oude dorp van Amstelveen was gistermiddag bezaaid met kogels en scherven. Negenendertig, volgens de zorgvuldig geplaatste onderzoekspaaltjes van de technische recherche. Het lichaam van topcrimineel Cor van Hout ligt verderop, tussen een bloembak en een auto, tegenover de Chinees Royal San Kong waar hij net met twee mannelijke kennissen had geluncht. De winkeliers en bewoners van de Dorpsstraat zagen twee mannen aankomen op een ,,grote scooter''. Wat er volgde was ,,veel vuurwerk''.

Twee keer wist Van Hout een aanslag op zijn leven te overleven. De eerste keer, in maart 1996, raakte hij zwaar gewond. De tweede keer, in december 2000, werd hij diverse malen beschoten maar niet geraakt. ,,Kennelijk wilden ze dit keer zeker zijn van hun zaak'', zegt een bron die goed is ingevoerd in het criminele circuit. Volgens hem moeten de daders, of hun opdrachtgevers, grote belangen hebben bij de dood van Van Hout. Een liquidatie als deze laat zich niet op een namiddag bedenken, weet de bron. ,,Je moet veel organiseren, misschien wel scherpschutters laten overvliegen. Zo'n liquidatie kost tonnen euro's.''

Criminaliteit zat hem in het bloed, verklaarden zijn kennissen toen Van Hout faam had verworven als topcrimineel. Als elfjarig straatschoffie zamelde Cor van Hout, op 18 augustus 1957 geboren in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt, geld in met een gestolen collectebus, voor zover bekend zijn eerste criminele daad. Zes jaar later was hij directeur van een aannemingsbedrijf dat hij als uitvalsbasis gebruikte voor duistere praktijken. Hij was nog achttien toen hij in zijn eerste Mercedes reed. In 1980 zou Van Hout zijn eerste grote slag hebben geslagen. Met zijn maten uit de Staatsliedenbuurt en de Jordaan zou hij zes miljoen gulden hebben buitgemaakt bij gewelddadige overvallen. Met diezelfde vrienden pleegde hij in 1983 de misdaad die hem in de hele wereld bekend zou maken: de ontvoering van biermagnaat F. Heineken en diens chauffeur A. Doderer. De gijzelaars werden door de politie bevrijd, nadat het bierconcern een losgeld van 35 miljoen gulden had betaald. Van het losgeld is acht miljoen nooit teruggevonden.

Na zijn vrijlating legde Van Hout zich in de jaren negentig toe op het verkrijgen van belangen in de seksindustrie in Amsterdam en Alkmaar. Volgens justitie beperkte hij zich daar niet toe: uit het zogeheten City Peaks-onderzoek van de Amsterdamse recherche bleek dat hij ook leiding gaf aan een omvangrijk misdaadsyndicaat. Volgens F. Teeven, aanklager in de City Peaks-zaak, leidde Van Hout een bende die ,,een schoolvoorbeeld is van een criminele organisatie'' en die overwegend zaken deed in het Amsterdamse Wallengebied. Leden van de misdaadorganisatie kwamen bijeen in een `clubhuis' in de Haarlemmermeerpolder en bekwaamden zich in de schietkunst op een eigen schietbaan.

Bij de invallen van de politie in het kader van City Peaks werd ruim 160 kilo heroïne, 35 kilo cocaïne, meer dan vijfduizend kilo hasj en tweehonderd kilo marihuana in beslag genomen, evenals een miljoen gulden, auto's, machinepistolen en handgranaten. De Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (Fiod) onderschepte in de Rotterdamse haven nog een container met duizend kilo marihuana. In Engeland werd werd een tankwagen met coke, hasj, marihuana en amfetamine van de groep in beslag genomen.

De organisatoren van de bende zouden vervolgens verwikkeld zijn geraakt in een ruzie over de vraag wie moest opdraaien voor de schade als gevolg van de onderscheppingen. Voorbereidingen werden getroffen voor twee liquidaties, springstoffen en wapens werden aangeschaft in Tsjechië. Maar de poltitie greep op tijd in. Vijf mensen, onder wie twee Tsjechen, werden aangehouden. Van Hout werd in 1998 veroordeeld tot viereneenhalf jaar cel wegens drugshandel en wapenbezit.

Cor van Hout is het vijfde dodelijke slachtoffer in een `bende-oorlog' in en rond Amsterdam die al jaren woedt. Twee andere mannen, die zich volgens de politie ,,in het criminele milieu'' bewegen, hebben liquidatiepogingen overleefd. Tot dusver is geen van de zaken opgelost. Over het begin van de gangsteroorlog circuleren verschillende scenario's. Volgens een strafpleiter die de groep van Van Hout van dichtbij heeft meegemaakt, lag de eerste aanleiding bij het City Peaks-onderzoek.

De moord op topcrimineel Jan – de Snor – Femer in september 2000 wordt door velen gezien als het echte begin van de `liquidatiegolf', al zou de moord op de Keniase crimineel Ibrahim Akasha in mei 2000 de opmaat hebben gevormd. Jan Femer was een goede bekende van de criminele kopstukken Klepper en John M. Hij werd doodgeschoten toen hij in zijn auto wilde stappen bij de Haarlemmerdijk in Amsterdam. De daders, twee onbekende mannen, gingen er vandoor op een gereedstaande motor.

Een maand later werd Sam Klepper met vier kogels uit een pistoolmitrailleur doodgeschoten, voor een ingang van het winkelcentrum Groot Gelderlandplein. Al snel ging vervolgens het gerucht dat de zakenpartner van Klepper, John M., opdracht had gegeven Van Hout om het leven te brengen. In december mislukte een moordpoging op Van Hout. Voor deze mislukte liquidatie werd onder meer een 46-jarige Bosnische `topcrimineel', `Paja' M., gearresteerd.

De politie ging er toen vanuit dat er een samenhang bestond tussen de liquidatie van Sam Klepper en de mislukte aanslag op Van Hout. Naar verluidt hadden Klepper en Van Hout een zakelijk geschil. Tussen Klepper en Paja bestond een connectie: Paja had een lijfwacht voor Klepper uit Joegoslavië laten overkomen. Een andere verdachte van de aanslag op Van Hout van december 2000 is Nico V. Zowel V. als `Paja' M. werden wegens gebrek aan bewijs vrijgelaten.

Niet lang na de poging om Van Hout te liquideren was John M. doelwit van een – eveneens mislukte – liquidatiepoging. Op 26 februari 2002 raakte hij zwaar gewond na beschoten te zijn voor de deur van het kantoor van zijn advocaat in Amsterdam. De twee daders ontsnapten, opnieuw op een motorfiets.