Pakistaanse kever tast Indiase `levensboom' aan

Een kever afkomstig uit het zuiden van Pakistan vreet op grote schaal de Khejri-boom in de Indiase deelstaat Rajasthan aan. Het insect is op eigen kracht de grens tussen de twee vijandige landen overgestoken en heeft inmiddels duizenden bomen aangetast. Dat meldt de BBC.

De twee centimeter lange kever Derolus dicicollis is al honderd jaar niet gesignaleerd in de Indiase Thar-woestijn, maar heeft zijn leefgebied nu kennelijk weer in oostelijke richting uitgebreid. Daarbij heeft het dier het voornamelijk voorzien op de Khejri-boom (Prosopis cineraria), een boom die door de lokale bevolking `levensboom' wordt genoemd vanwege zijn vermogen om te overleven in het extreem droge klimaat. De Khejri-boom is economisch belangrijk, omdat hij brandhout, veevoer en traditionele medicijnen levert. Tijdens de Rajputana hongersnood die India in 1868 en 1869 teisterde heeft de tot meel vermalen bast van de Khejri velen van de hongerdood gered.

De Derolus-kever legt zijn eieren nabij de verse uitlopers van de boom, waarna de uitgekomen larven zich onder de bast een weg vreten. Ze brengen daarbij een schimmelinfectie over die de boom van top tot wortel uitdroogt.

Volgens wetenschappers van het Arid Forest Research Institute (Afri) in Johdpur heeft de ongebreidelde kap van Khejri-bomen de vegetatie gevoelig gemaakt voor plaaginsecten. Ook het dalende grondwaterpeil als gevolg van toenemende waterontrekking voor menselijke behoeften kan een belangrijke oorzaak zijn van de verzwakking. De Afri-deskundigen adviseren om de kap van Khejri-bomen een jaar lang te verbieden om het herstel te bevorderen.