Nederland niet op oefening wegens Irak

Nederland heeft vorige maand een uitdrukkelijk Brits verzoek afgewezen om een gezamenlijke marineoefening te houden in het oostelijk deel van de Middellandse Zee bij Cyprus.

Dit heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie gisteravond bevestigd. Zowel de net aangetreden minister Kamp (Defensie) als zijn demissionaire collega De Hoop Scheffer (Buitenlandse Zaken) was van oordeel dat er gezien de toch al grote spanningen om het naburige Irak een ongewenst politiek signaal vanuit zou gaan als Nederland hieraan zou meedoen.

Volgens de woordvoerder liet Defensie de Britten al in de eerste week van december weten dat de oefening ook om praktische redenen wat Nederland betrof niet kon doorgaan. Het voor de oefening noodzakelijke Hr. Ms. Rotterdam, het amfibische transportschip van de Koninklijke Marine, was namelijk niet beschikbaar wegens een jaarlijkse onderhoudsbeurt. Slechts enkele weken eerder was de Rotterdam overigens nog actief geweest in de Tyrrheense Zee ten westen van Rome.

Aanvankelijk zouden Nederland en Groot-Brittannië deze winter gezamenlijk een oefening in de Noorse wateren houden, zoals ze dat vaker plegen te doen met amfibische eenheden. Doordat de Britten hun vlooteenheden echter dit maal richting de Middellandse Zee wilden laten opstomen, kwam de gezamenlijke oefening te vervallen.

De kwestie, waarbij behalve Nederland en Groot-Brittannië geen andere landen waren betrokken, is voor zover bekend nooit in de ministerraad besproken. Behalve de ministers Kamp en De Hoop Scheffer waren ook staatssecretaris Van der Knaap (Defensie) en de hoogste militair op het departement, chef-defensiestaf Kroon, bij de besluitvorming betrokken.