Gedegen en wijs, maar ook politiek `besmet'

CDA-leider Jan Peter Balkenende vaart weer blind op Piet Hein Donner, de jurist die zo deugdelijk is als het zwarte herenrijwiel waarop hij zich pleegt voort te bewegen door Den Haag. Net als bij de formatie vorig jaar is het deze vertrouweling van de demissionair minister-president die gisteravond door koningin Beatrix is verzocht op te treden als informateur.

Donner heeft zijn bruikbaarheid in die rol bij die vorige informatie bewezen. Aan de vorming van het Kabinet-Balkenende I ging één van de meest ingewikkelde kabinetsformaties in de geschiedenis vooraf. Immers, onderdeel van dat kabinet moest worden de Lijst Pim Fortuyn, een groep individuen zonder gezamenlijk verleden en zonder program die alleen het trauma deelden van de moord op 6 mei vorig jaar op hun politiek leider. Ondanks deze bizarre opdracht was die formatie in twee maanden rond. Dat het kabinet na 87 dagen alweer strandde, wordt Donner niet nagedragen, dat was geheel de verdienste van de LPF-politici.

Mr. J.P.H. Donner (1948), telg uit een prominente Amsterdamse familie van gereformeerde Antirevolutionairen, begon zijn loopbaan als ambtenaar bij de ministeries van Economische Zaken en daarna Justitie. Van 1993 tot 1997 was hij voorzitter van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Sedert 1998 maakte hij deel uit van de Raad van State. Hij bleef een zeer gewaardeerd adviseur inzake wetgevingsaangelegenheden.

In 1998 was hij een van de auteurs van het CDA-partijprogramma, waarin gewaarschuwd werd voor een dreiging van het uiteenvallen van de samenleving. Ook schreef hij het alom gewaardeerde voorstel om de WAO-problematiek aan te pakken. Donner is een verklaard tegenstander van gedogen en van een terugtredende overheid. Een man van de zachte hand is hij niet wel discreet en schijnbaar rechtlijnig, en immer keurig in driedelig pak.

Dat Balkenende nu weer deze steunpilaar binnen zijn demissionaire kabinet vooruit stuurt om het verkennend werk te doen, is gezien alles wat is voorgevallen de afgelopen acht maanden aan de ene kant niet verwonderlijk. Het is Piet Hein Donner die de onervaren premier steeds terzijde stond als `opperstrateeg' bij problemen.

Zo was het Donner die het akkefietje met de LPF-staatsecretaris Bijlhout regelde, die enige uren na haar aantreden afgelopen zomer alweer haar ontslag moest indienen nadat was gebleken dat zij gelogen had over haar verleden als lid van de volksmilitie van Desi Bouterse. Donner was het ook die met een afgewogen betoog over de doodstraf indruk maakte in de Kamer, en zo een proefballon over deze gevoelige materie van zijn LPF-collega Nawijn op Justitie effectief doorprikte.

Tegelijkertijd is Donner juist omdat hij ook actief minister is in het Kabinet-Balkenende, mogelijk een wat onverwachte figuur: hij werd voor zover bekend niet door de andere fractievoorzitters, die gisteren de koningin adviseerden, genoemd als mogelijke informateur. Ook al omdat hij immers het voorwerk deed voor het centrum-rechtse kabinet van CDA/LPF/

VVD, en bovendien de auteur was van het regeerakkoord Herstel van vertrouwen. Zou een zodanig sterk politiek geprofileerde informateur het vertrouwen van zijn gesprekspartners kunnen winnen?

De informatie-opdracht van Donner is, net als vorig jaar, een zeer ruime: het gaat nog maar om een eerste verkenning van de mogelijkheden tot vorming van een kabinet. Van Donner is bekend dat hij graag zijn werk op Justitie wil afmaken.

    • Frank Vermeulen