Beheerst weldenkend

`Ik heb op boer Koekoek gestemd', schalde het woensdag in de namiddag door het café waar de halve buurt een glaasje op de veronderstelde goede afloop zat te drinken. Er viel even een verbaasde stilte.

,,Die is allang dood, toch? Hoe kun je nou op een dode stemmen?'' Er is altijd wel iemand die erin tuint. De would be Koekoekstemmer had zijn zin.

,,Dat hebben jullie de vorige keer toch zeker ook gedaan!''

De grap was raker geweest als het aanwezige publiek in mei vorig jaar inderdaad LPF had gekozen, wat in de Amsterdamse binnenstad, waar dit dialoogje werd gevoerd, maar in beperkte mate het geval is geweest. Wel waren nogal wat stamgasten bij de vorige verkiezingen alle kanten uitgezwermd en nu teruggekeerd naar de PvdA. Er was sprake van een zekere opluchting en er dreigde zelfs enig triomfalisme.

's Avonds, na het bekend worden van de uitslagen, deed de PvdA haar best het opzienbarende electorale herstel zonder vertoon van overmoed te incasseren. Het domste dat de sociaal-democraten nu zouden kunnen doen, en blijkbaar beseffen zij dat terdege, is hun comeback te beschouwen als een terugkeer van de vaste patronen van weleer. De veronderstelling dat in Nederland `de normale politieke verhoudingen' zijn hersteld en dat de aardverschuiving van mei 2002 niet meer dan een bizar incident is geweest lijkt me onjuist of op zijn minst voorbarig.

Wat je kunt hopen is dat het politieke klimaat nu wat minder grimmig wordt, de stemming wat vriendelijker, de haat wat zwakker, de club poenerige schreeuwlelijken wat minder aanmatigend, de verdraagzaamheid wat groter, de sfeer niet meer zo onguur en bedreigend. Dat kan de, onschatbare, winst zijn van deze uitslag. Maar, het is al in alle toonaarden gezegd, de problemen die ten grondslag hebben gelegen aan de opkomst van een populistische partij als de LPF, zijn met de verkiezingsnederlaag van die partij niet verdwenen. Een langdurige en moeizame formatie zou die problemen zelfs nog wel eens kunnen aanscherpen, temeer omdat geen enkele partij of coalitie er pasklare oplossingen voor heeft.

Ik ben op school nooit goed geweest in natuurkunde, dus of de beeldspraak klopt weet ik niet, maar mij doet het Nederlandse electoraat denken aan een instabiele stof die op slag van de ene naar de andere fase over kan gaan, vast, vloeibaar of gasvormig. Zo klontert een massale aanhang samen, zo overstroomt zij de polder, zo is zij weer verdampt.

Interessant is het commentaar op de verkiezingsuitslag van Le Monde die het Nederlandse kiezerscorps `volatiel en onvoorspelbaar' noemt. Met verbazing constateert de Franse krant dat de LPF `vrijwel vernietigd' is. ,,Minder dan acht maanden na de moord op Fortuyn heeft een nieuwe politieke aardverschuiving korte metten gemaakt met de in een kleine dierentuin veranderde partij van de populistische tribuun.''

Maar is de LPF werkelijk `vrijwel vernietigd'? Dat zou, zoals The Independent opmerkte, een voorbarige en simplistische conclusie zijn. Henri Beunders, hoogleraar geschiedenis van maatschappij, media en cultuur aan de Erasmus Universiteit, voorspelde dinsdag in de Volkskrant zelfs een herleving van `de Fortuyn-emotie'.

Ik ben geneigd deze voorspelling serieus te nemen, al heeft zelden een maatschappij- en mediadeskundige zo op de lachspieren gewerkt en zoveel hoon geoogst als Beunders met dit artikel. Zelf LPF-adviseur, voorspelde hij namelijk dat de verkiezingen woensdag op een tweestrijd tussen Amsterdam en Rotterdam zouden uitlopen. De kandidatuur van Cohen voor het premierschap was volgens hem bedoeld om het gedachtegoed van Fortuyn ,,terug in het Rotterdamse hok'' te drijven. Maar de afkeer van Rotterdammers en overige Nederlanders van ,,alles wat met Amsterdam te maken heeft'' zou de LPF juist terugbrengen op het podium. Volgens hem zou de PvdA woensdag weer ,,de partij van de Amsterdamse Intellectuelen'' blijken te zijn. De verkiezingen kregen daardoor ,,het karakter van een ideologische veldslag tussen de twee steden, die ook staat voor een veldslag tussen restauratie van de paarse intellectuele elite en de zogenaamd anti-intellectuele doeners uit de Maasstad''.

Nu was het jammer dat Beunders voor deze redenering als getuigen allemaal ideologische medestrijders uit Rotterdam aanriep, die hem vervolgens stuk voor stuk publiekelijk als een dwaas en een fantast te kijk zetten. De als LPF-sympathisant voorgestelde prof. Van Schendelen beschuldigde hem in een ingezonden brief in de Volkskrant van ,,misbruik van mijn naam''. Tv-maker Wilfried de Jong, ook door de mediahoogleraar bij de LPF ingelijfd, schreef: ,,De LPF-kar trekken? Amsterdam versus Rotterdam? Nee.'' (Hij bleek SP te stemmen). Nico Haasbroek, oud-hoofdredacteur van het NOS-journaal, bedankte feestelijk voor de rol die Beunders hem toebedacht (en stemde D66). Ook columnist Sylvain Ephimenco distantieerde zich. Toen was er niemand meer over.

Tot overmaat van ramp bleek Beunders zelf in Amsterdam, dat oord van verderf, te wonen en tot nog grotere overmaat van ramp voor de geleerde LPF-strateeg werd de PvdA in Rotterdam woensdag veruit de grootste partij met 36,2 procent van de stemmen.

Je zou bijna medelijden krijgen met die arme Beunders. Maar hoe bezopen het idee van een `veldslag' Amsterdam-Rotterdam ook mag zijn, als het hoongelach is verstomd, zal blijken dat Beunders niet zo dom is als hij lijkt. Hij heeft wel degelijk een interessante hypothese naar voren gebracht, namelijk dat – zij het op langere termijn dan hij hoopte en verwachtte – de wérkelijke strijd niet gaat tussen de PvdA en CDA/VVD, maar ,,ideologisch tussen het fortuynisme en het anti-fortuynisme'', tussen ,,emotie en beheerste weldenkendheid''.

Woensdag heeft, ook in Rotterdam, de beheerste weldenkendheid gewonnen. Maar de LPF deed het beter dan, gezien de kwaliteit van haar mensen en de puinhoop die zij heeft aangericht, werd verwacht. Daar heeft Beunders gewoon gelijk in gekregen. En het potentieel dat door een populistische tribuun kan worden gemobiliseerd is allerminst verdwenen. De band tussen geciviliseerde partijen en de kiezers is allesbehalve hecht te noemen. Onvrede over onveiligheid en te langzaam verlopende integratie van nieuwkomers is geenszins weggenomen.

Ik zou me daarom, ook al stapelde hij blunder op blunder, bij de analyse van Henri Beunders willen aansluiten. Het gevaar van xenofobe emotiepolitiek is tijdelijk bedwongen, maar nog lang niet bezworen.

    • Elsbeth Etty